InterviewSnelle

Rapper Snelle vond de aandacht van fans ongemakkelijk: 'Ik voelde me echt een sukkeltje'

 Lars Bos alias Snelle. Beeld Nanda Hagenaars
Lars Bos alias Snelle.Beeld Nanda Hagenaars

Rapper en zanger Snelle schreef zijn nieuwe album terwijl hij worstelde met roem. ‘Waarom m’n persoonlijkste verhaal vertellen als ik er niet lekker op ga dat iedereen meeluistert? Dwarsheid, denk ik.’

Of Snelle een interview wil doen? Ja leuk, het kan bij hem thuis. Eén dingetje: hij woont wel een beetje in the middle of nowhere. Toen Lars Bos alias Snelle nog in Amsterdam woonde, werd hij thuis lastiggevallen door fans. Hij verkaste naar een dorp aan de overkant van de IJssel, dicht bij zijn geboorteplaats Deventer. Het is even rijden, maar dat komt hem eigenlijk wel goed uit.

“De auto is waar ik me het meest comfortabel voel”, zegt Bos (25) op de bank in zijn woonkamer. “Het is de enige plek waar ik continu naar muziek luister. Ook mijn eigen liedjes – ik ga pas akkoord met de mix van een opname wanneer die in de auto goed klinkt.”

De auto is ook waar hij een van de kwetsbaarste liedjes van zijn nieuwe plaat schreef. Het album heet Lars, het liedje Veilige plek: ­“Getinte ramen en m’n stoel gaat ­omlaag / Ik zet dat ding in sport en trap ’m op z’n staart / Want hier ben ik immuun voor commentaar / Het zijn momenten dat het even weer wat beter met me gaat”

Een beetje dwars

“Ik zat niet zo lekker in m’n vel toen ik Veilige Plek schreef. Ik had veel last van fans die me stiekem filmden in de supermarkt. Nu sta ik daar relaxter in – die mensen bedoelen het goed – maar destijds vond ik het vernederend; ik voelde me echt een sukkeltje.”

Is dat omdat hij vroeger werd gepest met zijn schisis? Dat oppert zijn vader in Zonder jas naar buiten, een Netflixdocumentaire over Snelle die binnenkort verschijnt. Het zette Bos aan het denken: “Misschien heb ik daardoor inderdaad een negatieve ­associatie met in de belangstelling staan.”

Snelle wil het niet te lang over zijn problemen hebben. Zo moeilijk heeft hij het immers niet, en sowieso probeert hij publiek en privé te scheiden.

Toch brengt hij juist nu een persoonlijk album uit, met liedjes over vriendschap en familie, maar ook over eenzaamheid en niet begrepen worden. “Waarom m’n meest persoonlijke verhaal vertellen als ik er niet lekker op ga dat iedereen meeluistert? Ik ben een beetje dwars, denk ik. Ik weiger me te laten beperken.”

Haatcomments

Een enkel nummer pakt zelfs per ongeluk persoonlijk uit. Dom en ­onbeleefd, een duet met Paul de Munnik, hoorde te gaan over gescheld op sociale media in algemene zin. Maar Snelle merkt dat mensen vooral de regels over haatcomments aan zijn adres onthouden:

“Mijn vrouw is vast een – en bij me voor m’n geld / Snelle, da’s niet stoer, hij is al lang niet meer zichzelf / Ik ben honderd keer gewaarschuwd, na de hoogmoed komt de val / Ik ben honderd keer per dag de broer van Jan Jaap van der Wal”

“Ik had het met Paul over hoe smartphones hebben veranderd wat het betekent om beroemd te zijn. Acda en De Munnik zijn achterlijk groot geweest. Maar Paul zei dat hij zich nooit van het Leidseplein liet verjagen. Nu heb ik hier ook wel m’n kroegjes, maar overal elders weet ik: als ik een biertje te veel op heb en sta te chillen, wordt het gefilmd en staat het morgen weer overal.”

Naast De Munnik, staat ook ­Thomas Acda op het album. Met hem maakte hij het nummer Papa heeft weer wat gelezen. Dat had een speciale significantie voor Bos. “In de tijd dat mijn ouders gingen scheiden heb ik heel veel naar Acda en de Munnik geluisterd. Want mijn vader hield van hun muziek, en hij was weg.”

Stukjes van de tekst

Het meest was hij in de ban van het liedje Ren Lenny ren. “Volgens mij gaat dat over een vader die is overleden, maar dat had ik niet helemaal door. Ik was tien, ik pakte stukjes van de tekst en dacht: dit is helemaal mijn liedje.”

Indirect heeft het duo misschien zelfs bijgedragen aan zijn liefde voor auto’s. “We draaiden hun muziek altijd in de auto als mijn vader ons op kwam halen voor het weekend. Dan zongen mijn zusje en ik alles mee.”

Nostalgie terzijde, wat doet een kleinkunstduo op het album van een rapper? Voor Snelle is dat geen rare combinatie. “Toen ik tien jaar geleden begon wilde ik gewoon goed leren rappen. Maar sindsdien ben ik steeds vrijer geworden. Mijn muziek hoeft niet aan één standaard te voldoen, ik maak gewoon waar ik zin in heb.”

Ambitieuze doelen

Voor dit album werkte hij nauw samen met producer en gitarist Arno Krabman. “Als ik één verzoek mag doen, zou ik graag willen dat je iets over Arno schrijft. Het is een heel bijzondere man en hij gaat ver terug. Hij werkte al mee aan Het land van (2005) van Lange Frans en Baas B, en heeft ook nu weer iets van vijf hits in de top 40 staan.”

Dat Lars een echt gitaaralbum is geworden, komt voor een groot deel door Krabman. Daarnaast speelt mee dat singer-songwriter John Mayer op dit moment Snelles grote voorbeeld is. “Binnen vijf jaar wil ik met Mayer in de studio zitten, roep ik tegen mezelf. Dat lijkt nu heel vergezocht, maar ik ga het gewoon fixen.” De artiest heeft er een handje van ambitieuze doelen te stellen. “Ik blijf continu op zoek naar uitdagingen. Zo besloot ik laatst om voor het eerst iets in het Engels schrijven.”

Voor wie het nummer is mag hij nog niet zeggen. Het gaat ook pas om een demo. Maar er schuilt een grotere ambitie achter. “Ik maakte het liedje met singer-songwriter ­Okke Punt. Onze eerste twee nummers samen – Reünie en Smoorverliefd – waren ook gelijk mijn eerste twee nummer 1-hits. In de toekomst willen we met onze muziek naar Amerika en Zweden.

Oude en nieuwe vrienden

Voor nu noemt Snelle dat ‘een droom, nog geen plan’. Maar hij krijgt al energie als hij eraan denkt. Het kan vast geen kwaad dat Bos en Punt sinds hun eerste samenwerking ‘homies for life’ zijn.

Het is een van zijn weinige ‘nieuwe’ vriendschappen. Want met het gros van de mensen om hem heen is Snelle al vele jaren hecht. Met z’n manager Hidde Stegink bijvoorbeeld, en beatmaker Tristan Rozendaal. “Wij werken al samen sinds ik tien jaar geleden begon met muziek.”

Zolang de optredens stilliggen door corona, hebben zijn vrienden tijdelijk andere banen en ziet hij ze minder. Alsof hij een extra reden ­nodig had om weer op te willen treden. “Ik kan niet wachten om weer te spelen, een tent op Paaspop met drieduizend man helemaal kapot te raggen, mensen te zien huilen en ­lachen, bij elkaar op de schouders en in de moshpit.

“Of ik vroeger beroemd wilde worden weet ik niet. Maar ik wilde altijd al spelen voor volle zalen.”

Lees ook:

Dit is niet Typhoon, dit is Glenn

Op zijn derde album ‘Lichthuis’ toont Typhoon (36) zich veelzijdiger dan ooit. Naast zijn bekende optimisme, klinken ook boze rapteksten, kwetsbare zanglijnen en helende woorden voor zijn jongere zelf. ‘Dit album is op de groei geschreven.’

‘Ik heb geen masterplan’

Glen Faria schreef Davina Michelle’s monsterhit ‘Duurt te lang’, maar meed zelf jaren de schijnwerpers. De rapper en zanger kwam terug met een nieuwe single, samen met zijn zoon.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden