Recensie

Rakelings langs de dood

Beeld TR BEELD

In origineel memoir grijpt O’Farrell bijna-doodervaringen aan om te filosoferen over het leven. 

Maggie O’Farrell
Ik ben ik ben ik ben
Vert. Lidwien Biekmann.
Nijgh en Van Ditmar; 272 blz.
€ 21,99
Oordeel: verrassend memoir; bespiegelt scherp en beeldend

We denken er liever niet al te vaak aan. Onze sterfelijkheid. Maar in ‘Ik ben ik ben ik ben’, de titel komt uit ‘The Bell Jar’ van Sylvia Plath, drukt de Ierse schrijfster Maggie O’Farrell ons zonder mededogen met onze neus op dat onherroepelijke feit.

We zijn vaak dichter bij de dood dan we denken en hoe vaak zijn wij - en onze geliefden en kinderen - er eigenlijk maar net aan ontsnapt? Hoe vaak scheerden wij zonder dat we het wisten rakelings langs die afgrond? Hoe vaak is het niet voorgekomen dat die vrachtwagen ons net niet raakte? Als u dit leest, is het al die keren in elk geval nét goed gegaan.

Zeven romans

O’Farrell heeft zeven romans op haar naam staan, met ‘Ik ben ik ben ik ben’ waagt ze zich voor het eerst op het autobiografische pad. Ze heeft haar levensverhaal opschreven aan de hand van zeventien bijna-doodervaringen.

“Ieder van ons heeft amnestie gekregen, leeft in geleende tijd, we plukken de dag, ontlopen ons lot, glippen door het oog van de naald, en we weten niet wanneer het zwaard zal neerdalen.”

De zeventien hoofdstukken hebben allemaal een onderdeel van het lichaam als titel met daarachter een jaartal, zozoals Hals (1990) Longen, (1988) en Ruggengraat, benen, bekken, buik hoofd (1977).

Achttienjarige tiener

Het verhaal van de achttienjarige tiener die op een dag besluit in haar eentje te gaan wandelen. Op een verlaten pad staat een man die haar opwacht en een eindje met haar meeloopt. Hij doet de riem van de verrekijker om haar hals. Een week later wurgt hij een andere wandelaarster met de riem van zijn verrekijker.

Het verhaal van de zestienjarige die bijna verdrinkt in de kolkende zee, maar op het nippertje wordt gered door een jongen die verliefd op haar is. Het jonge kind dat besluit thuis weg te lopen en bijna verongelukt. De eenentwintigjarige vrouw die naar Hongkong vertrekt om een nieuw leven te beginnen en net in dat vliegtuig zit dat bijna neerstort maar nog net een noodlanding maakt. Een vrouw die bijna overlijdt tijdens haar eerste rampzalige bevalling in een onderbezet ziekenhuis. Het verhaal van een meisje met de kinderziekte encefalitis waarvan niet verwacht wordt dat ze die gaat overleven.

Het laatste hoofdstuk vond ik het meest aangrijpend, adembenemend zelfs, en misschien is dat ook wel zo omdat het hier niet over haarzelf ging, maar over haar dochter?

Nog grotere angst

Waarschijnlijk refereert dit hoofdstuk aan een nog grotere angst dan die van de eigen sterfelijkheid: het overlijden van je eigen kind.

In dit verhaal overlijdt haar dochter bijna aan anafylaxis; een aangeboren immuniteitsstoornis. Het meisje heeft last van levensbedreigende allergische reacties op zo ongeveer alles. De specialisten hebben hun op het hart gedrukt altijd in de buurt van een goed ziekenhuis te blijven. En ook al letten ze altijd op, een keer gaat het natuurlijk mis.

Het probleem is nu dat ze geen ziekenhuis kunnen vinden. Ze zijn in Italië, zitten in de auto, weten niet waar ze zijn, volgens de navigatie op het dashboard ploegen ze door het niets. En met elke minuut die verstrijkt, verdwijnt er meer leven uit hun dochter.

Enorme vaart en spanning

Het is met een enorme vaart en spanning geschreven, we zitten bij haar terwijl we het lezen, we hebben het stervende meisje op schoot.

“De ademhaling van mijn dochter is oppervlakkig, moeizaam, haar lippen zijn opgezwollen, haar huid is vlekkerig en lijkbleek. Haar tere gelaatstrekken zijn ingezonken, opgezet, verkrampt. Ze omklemt mijn handen, maar haar ogen draaien weg. Ik raak haar wang aan, ik noem haar naam. Blijf wakker, zeg ik, blijf bij ons.”

Niet chronologisch

Maggie o’Farrell schrijft scherp, in retrospectief en in een aangename bespiegelende en beeldende stijl. De structuur is niet chronologisch. O’ Farrell is een lemniscatisch denker en schrijver, die met terugwerkende kracht - en met een vooruitziende blik - betekenis geeft aan alles wat er gebeurt. Ze suggereert verbanden, waardoor er met dit zeer originele memoir een vrij compleet beeld ontstaat van haar leven.

Als je dit boek dichtslaat besef je weer even hoe fragiel het leven is, dat we geen tijd te verliezen hebben, maar er beter nu het beste van kunnen maken.

Lees hier meer boekrecensies van Trouw. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden