ColumnMaaike Bos

Praten over angst, terwijl de wereld naar angst ruikt

Bij stress heb ik de neiging wat aan m’n nagelriemen te pulken, zoals een ander nagels bijt. Toen ik onderzocht hoe ik daarmee kon stoppen, bleek die tic in het angstspectrum te vallen. Het verbaasde me. Angst? Ik voelde me nooit bang. Toch ben ik het onderhuids, besef ik nu. Wie niet, eigenlijk.

In de nieuwe driedelige interviewserie ‘Waar ben je bang voor’ (EO) van Trouw-collega Stevo Akkerman kwam donderdag een heel scala aan angstvormen langs, al waren ze moeilijk vast te pinnen. In gesprek met psychiater Jim van Os, filosoof Marc De Kesel, schrijver-dichter Lieke Marsman en psycholoog Hans Alma zoekt hij naar wat angst werkelijk is. En of die staat van zijn (nog) relevant is voor ons, nu we niet meer op de prairie hoeven te overleven door vecht-, vlucht- of verlammingsgedrag. Echt gevaar lopen we niet meer, toch?

Logische vraag, die deze week in de actualiteit meteen onderuitging natuurlijk. Kijk naar de verhitte reacties op de verkiezingen in Amerika. De hardnekkige zendingsdrang onder fanatieke complotdenkers. Het tragische einde van twee ontsnapte chimpansees, die woensdag gedood werden voor ze geweld hadden kunnen plegen. Allemaal angst, lijkt mij, om een bedreigde veiligheid.

‘Alle angst is angst voor de dood’, heet het eerste deel dan ook. Ruim een miljoen mensen in Nederland heeft een angststoornis, maar eigenlijk is iedereen bang, vertellen Akkermans gesprekspartners. “Of je nog werk hebt, of je nog in de appgroep van de klas zit”, illustreert Jim van Os. Het is menselijk om existentiële angst te hebben, al herken je die vaak niet als zodanig omdat je erin gevangen zit. Toch is-ie functioneel; zonder angst zie je geen gevaar.

Grote woorden kunnen vragen blijven oproepen

Grote woorden, filosofische gesprekken, ze hebben het voordeel dat ze alles breed behandelen maar het nadeel dat ze vragen blijven oproepen.

Volgende week gaan de gesprekken over de existentiële ‘angst voor de mogelijkheid’: een ingewikkeldere, modernere vorm die vooral jonge mensen verlamt. Je draagt de zware verantwoordelijkheid om iets van je leven te maken. (“We zijn veroordeeld tot vrijheid”, zei Sartre al). En de laatste aflevering gaat over ‘De moed om te zijn’.

Mij bekoren die gedachten wel, maar ik bemerk ook de behoefte om ze te verbinden met de actualiteit. Hoe kan dit perspectief verklaren wat we zien gebeuren? Als je weet dat onder veel boosheid angst ligt, kun je beginnen mensen te bevestigen en gerust te stellen in plaats van te bestrijden. Dat gebied blijft (nog) buiten beschouwing.

Schrijver Lieke Marsman kan het onderwerp nog concreet maken, omdat zij paniekaanvallen had rond haar zestiende en een doodsangst door kanker nu. Wat gebeurt er van minuut tot minuut, wat bouwt er op (fysieke reacties, spanning, psychotische hallucinaties?), wat raakt er verloren (realiteitszin?) en hoe komt ze weer bij zichzelf, wil ik dan weten. Maar die smerigheid van de angst blijft netjes op afstand. Ook in scènes waarin acteurs spelen hoe mensen omgaan met angst.

Akkerman interviewt rustig, geïnteresseerd en intelligent, en de gesprekken zijn à la Coen Verbraak op thema door elkaar gesneden. Ondanks dat blijf je achter met het gevoel geen grip te hebben op het onderwerp. Misschien ook wel exemplarisch: angst is juist de fysieke reactie wanneer grip ontbreekt. Dan ga ik dus aan m’n nagelriemen zitten pielen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden