BoekrecensieVlaamse literatuur

Peter Terrin levert opnieuw een puntgave roman af met een bijzonder aantrekkelijke, wat mistige jaren-tachtig­­-sfeer

null Beeld
Beeld

Peter Terrin levert opnieuw een puntgave roman af, die in sfeer en intensiteit doet denken aan de romans van Graham Swift en Ian McEwan.

‘Het lichaam ligt midden op het parkeerterrein.” Een jongen die zijn pup uitlaat ziet het vroeg in de ochtend liggen, en besluit het te negeren. Een goede opening voor een roman, hoewel je hem natuurlijk ook een beetje getruct kunt noemen: een flirt met de misdaadroman, of een spannende serie. Niks mis mee, en in de handen van Peter Terrin wordt het vanzelf literatuur, want de Vlaamse schrijver is al een jaar of tien één van de interessantste auteurs van ons taalgebied.

In zijn nieuwste, getiteld Al het blauw, blijft dat lichaam gedurende de hele roman daar liggen. Daarmee maakt Terrin zijn verhaal opnieuw zwanger van onheil, zoals hij dat eerder deed in het beklemmende De bewaker (2010), waarmee hij naar het grote publiek doorbrak, en Post mortem (AKO literatuurprijs 2012), een autobiografische getint verhaal dat de grenzen van de fictie verkende. Zoals in die boeken dus, maar ook niet, want Al het blauw is weer een heel ander boek.

Dat het één van de hoofdfiguren uit de roman is die daar ligt, dat is wel duidelijk. Maar wie? En leeft hij of zij nog? Terrin houdt de lezer in spanning terwijl hij langzaam het verhaal ontvouwt van de negentienjarige Simon, die van het ene op het andere moment stopt met zijn studie, door in een opwelling de collegezaal uit te lopen. Simon woont nog bij zijn ouders in een slaperig West-Vlaams dorpje en hangt met zijn vrienden rond in Azzurra, het café naast het zwembad in de nabijgelegen provinciestad, dat wordt gerund door de Italiaanse Carla.

Peter Terrin Beeld
Peter Terrin

Carla is door mysterie omgeven en zit klem in een destructieve relatie met de agressieve vrachtwagenchauffeur John. In de blauwe gloed van het verlichte zwembad ontstaat een passionele verhouding tussen Simon en de twintig jaar oudere Carla. “Heb je ook soms de indruk, vraagt hij, als je lang blijft kijken, dat het geen zwembad meer is? Dat je iets anders ziet?” De kalme, onnadrukkelijke observaties kunnen belangrijk zijn in het proza van Terrin, je probeert al lezend meer vast te houden dan eigenlijk mogelijk is, en laat je ondertussen aan de vaste hand van de schrijver meevoeren naar een catastrofe die op pagina 1 al was aangekondigd – maar die anders uitpakt dan je verwacht.

Gelijkwaardige geliefden

Hoe mooi de beelden ook zijn, en hoe elegant het proza, het kan clichématig uitpakken, overspel en een tikkende tijdbom in de vorm van een trucker. Niet bij Terrin. Allereerst komt dat door de zuivere psychologie die hij beoefent, die wars is van de voor de hand liggende schema’s en toch natuurlijk overkomt. Simon en Carla zijn gelijkwaardige geliefden, ondanks het leeftijdsverschil en ondanks hun verschillende uitgangsposities: de jongen zoekt een nieuw leven, de vrouw moet zich redden binnen het leven dat ze heeft. Simon is niet het speeltje, hij is op een intuïtieve manier wijs, loyaal en hij wordt steeds sterker. Carla op haar beurt is niet de geborneerde femme fatale, maar een zoekende, rustig overwegende en ten slotte toch door de liefde overrompelde vrouw.

Ook Simons liefde voor zijn moeder is ontroerend, evenals de omgang met zijn vrienden, die alle op hun eigen manier licht parasiteren op zijn zuivere ziel. Naast die geslaagde en nooit uitleggerige psychologie is er de vertelvorm die deze roman boven het maaiveld uittilt. Terrin hanteert meerdere perspectieven, en wisselt vaak. Alinea’s zijn door witregels gescheiden. Het verhaal is in de tegenwoordige tijd geschreven, ook scènes die in het verleden spelen, waardoor alles voor de lezer in het heden gebeurt. Dit alles heeft een wonderlijk effect, alsof je zelf in dat blauwe zwembad dobbert. Het maakt Al het blauw niet direct een makkelijk boek, maar op het moment dat, ruim over de helft, een versnelling Terrin-style wordt ingezet ben je alle twijfels daarover wel kwijt en wordt het verhaal spannend: we gaan richting het lichaam op die parkeerplaats.

Snorren en een knalrode Mazda

Bijzonder aantrekkelijk is de wat mistige jaren-tachtig­­-sfeer in het boek. Simon rijdt in een knalrode Mazda 323, er worden cassettebandjes afgespeeld, men draagt snorren, en er is een gewonnen voetbalkampioenschap – waarbij Terrin België in de finale zet tegen Rusland, in plaats van Nederland, wat mij uiteraard deed fronsen. 1988, het is de tijd waarin Terrin zelf adolescent was, vast geen toeval, maar belangrijk is vooral dat we geen last hebben van smartphones, whatsappberichten en locatievoorziening. In dit verhaal moet ouderwets gebeld worden, gewacht, gezocht en doelloos rondgereden.

Met Al het blauw levert Peter Terrin een puntgave roman af, met een sfeer en intensiteit die doet denken aan Graham Swift en Ian McEwan.

null Beeld

Peter Terrin
Al het blauw
De Bezige Bij, 386 blz. €21,99

Lees ook:

Terrin maakt zijn personage tot spion van haar eigen leven

Peter Terrin fascineert met een geschiedenis vol mysteries die zomaar weer verdwijnen.

Enge clown jaagt angst aan

Betoverende magisch-realistische roman tegen de achtergrond van de Bende van Nijvel

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden