Column

Persoonlijk word ik een beetje moe van boeken vol rottigheid

Beeld Olivia Ettema

Ik ben een tijd geleden zo onverstandig geweest zitting te nemen in een jury van een debutantenprijs. ‘Een’ debutantenprijs, ja, laat ik het maar eens zo vaag mogelijk houden. En laat ik ook proberen wat ik daar allemaal over te zeggen heb, zonder namen en rugnummers te doen.

Dik honderd boeken moeten we lezen. Daarin zit ’m de eerste reden voor de opmerking uit de eerste zin. Het is alsof ik weer op de middelbare school zit: ik móet die boeken lezen en als er dwang achter zit, vergaat de lust je tamelijk snel.

Bovendien ben ik hier in de Eiffel de godganse dag in de tuin aan het werk of ik zuip me een slag in de rondte tijdens het 90-jarig bestaansfeest van de vrijwillige brandweer. Wannéér moet ik die boeken dan lezen? Ik wil de schrijvers (m/v) recht doen, ik wil niet een boek na tien bladzijden al aan de kant leggen. Ik weet uit eigen ondervinding hoeveel werk het is om überhaupt een heel boek bij elkaar te schrijven.

Onverstandig of niet, ik heb het werk aangenomen, dus nu zal ik het doen ook. Goed, ik ben dus aan het lezen, en dan vraag ik me af wat ‘literatuur’ eigenlijk is en vooral ook hoe ik als jurylid de dingen kan en mag beoordelen.

Mag je bijvoorbeeld, en dat is waar ik tegenaan loop, de inhoud laten meewegen? Dat komt omdat ik een aantal boeken heb gelezen die nogal ‘naar’ zijn. Naar, akelig, niet fijn, negatief, rottig. Alsof de schrijvers (m/v) een achterliggend idee hebben dat wanneer je maar genoeg ellende in een boek stopt, het boek daar literairder van wordt.

Geraakt

Wat natuurlijk gevoed wordt door lezers die grif bekennen dat ze door een boek dat van ellende aan elkaar hangt ‘enórm geraakt’ worden, dat de tekst ‘nog lang nazindert’, of zelfs dat hun ‘wereldbeeld volledig op de kop gezet’ is. Persoonlijk, zo merk ik nu, word ik een beetje moe van zulke boeken.

Omdat ik zin heb - zoals ik in mijn vorige column schreef over die Franse mevrouw - in fijne, positieve dingen, maar meer nog misschien wel omdat het makkelijk is om over ellende te schrijven. Liever een ongelukkige liefde dan een gelukkige, want ja: wat valt er te schrijven over rozengeur en maneschijn?

Misschien is het wel iets van debutanten, van een eerste boek, die ellende en akeligheid allemaal, en dat er dan in het derde of vierde boek iets heel anders verschijnt, iets fijns, iets zachts, iets wat de lezers hoop geeft, omdat een schrijver (m/v) domweg een aantal boeken nodig heeft om het ambacht te slijpen en scherpen en dat ze dan pas in staat zijn een boek vol te schrijven met fijne en positieve dingen?

Nou ja, binnenkort hebben we de eerste vergadering en ik kan me zo voorstellen dat dit ter sprake komt, al was het alleen maar omdat ik het zelf erg graag ter sprake wil brengen.

Gerbrand Bakker en Franca Treur schrijven op deze plek om beurten over lezen, schrijven en/of het literaire leven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden