Reizen

Paaseiland: een droom voor iedereen die van raadsels houdt

Paarden grazen op Paaseiland, vlakbij de beroemde beelden.

Bijna 300 jaar geleden voer Jacob Roggeveen op paaszondag tegen een eiland aan dat de wereld nu kent als Paaseiland: beroemd om alles wat juist níet christelijk is, en een droom voor iedereen die van raadsels houdt.

Weinig dingen voelen dwazer dan van de landkaart afvliegen, het oneindige niets in. Of preciezer: om 3500 kilometer lang alleen maar water onder je te zien, afkoersend op een afgelegen Polynesisch eilandje ter grootte van Texel, met een landingsbaan precies zo lang als dat het eiland breed is. Toch reizen tienduizenden toeristen jaarlijks vanuit de Chileense hoofdstad Santiago, om op Paaseiland met kleurige bloemenkettingen te worden onthaald.

Zo vastbesloten als toeristen nu op het vliegtuig stappen, zo stomtoevallig stuitte de Nederlandse ontdekkingsreiziger Jacob Roggeveen in 1722 op het ministipje in de Stille Oceaan. Zoekend naar het Zuidland, het mythische geesteskind van cartografen zoals zijn vader, stuitte hij op paaszondag op een driehoek van vulkanen met groen glooiend grasland ertussen. Roggeveen geldt als de eerste Europeaan die het eiland aandeed. Lang duurde dat bezoek niet. Zijn mannen brachten meerdere bewoners om het leven, waarna Roggeveen met zijn drie schepen rap koers zette richting Batavia.

Drie eeuwen later staat het eiland wereldwijd nog altijd bekend als Paaseiland. Een tikje paradoxaal, want Rapa Nui, zoals de bewoners het eiland en ook zichzelf liever noemen, trekt juist toeristen vanwege dat wat níet christelijk is aan het eiland - en dat is eigenlijk bijna alles.

Vogelmancultuur

In haar eeuwenlange isolement ontwikkelde de oorspronkelijke bevolking, vermoedelijk ooit aan komen roeien vanaf andere Polynesische eilanden, eigen godsdiensten. Eerst rond de moai, de wereldberoemde metershoge standbeelden van overleden clanleiders die verspreid over het hele eiland werden neergezet. Daarna ontstond de vogelmancultuur. De stam die in het voorjaar na helse en vaak dodelijke zwemtochten en klimcapriolen als eerste een intact ei van de bonte stern wist te presenteren, maakte in die tijd een jaar lang geestelijk de dienst uit.

Eilandbewoners vieren Tapati Rapa Nui, een festival waarin twee weken lang de kracht van de man en de gratie van de vrouw wordt gevierd. Beeld AFP

Contact met de buitenwereld luidde in de negentiende eeuw het einde in van deze culten, maar het erfgoed bleef deels behouden. De Britten wisten vlak voor de annexatie door Chili nog de grootste en belangrijkste moai van het eiland mee te nemen als cadeau voor koningin Victoria - het beeld staat tot verdriet van de Rapa Nui nog altijd in het British Museum in Londen - maar verreweg de meeste van de 800 loodzware moai bleven eilanders, al raakten ze wel zwaar in verval.

Met zoveel culturele schatten op zo’n compact eiland voelt rondlopen of fietsen er al snel als spoorzoeken in een openluchtmuseum, als een speeltuin voor de ogen. Elke ogenschijnlijke zwerfsteen kan zomaar een moai zijn, op rug of neus getuimeld, soms in meerdere stukken gebroken.

Op een aantal plekken hebben ingevlogen wetenschappers de beelden weer overeind weten te zetten: met hun rug naar de zee, zodat bewoners zich niet aan hun blik kunnen onttrekken. Met hoe meer ze op een rij staan, elk met hun eigen gezichtsuitdrukking, hoe indrukwekkender de aanblik.

Kannibalisme

Je vergapend aan al die imposante beelden komen vanzelf de talloze vragen op die wetenschappers al sinds jaar en dag bezighouden. Want: hoe wisten bewoners die metershoge mansbeelden in vredesnaam vanuit de steengroeve kilometers verderop te krijgen? Hoe wisten ze die gevaartes destijds overeind te zetten? Hoe kregen ze die haarknotjes van rode lavasteen (pukao) vervolgens boven op het beeld? Waarom stopten ze plotseling met het uithouwwerk - in de steengroeve stikt het van de halffabricaten - en waarom liggen de standbeelden nu bijna allemaal omver?

Na een eeuw vol grootse theorieën over veldslagen, oorlog en kannibalisme liggen veel vragen nog altijd open, maar de huidige consensus is inmiddels wel een stuk minder wild. De beeldhouwers stopten niet, zoals lang gedacht, doordat ze alle bomen kapten om de moai te verplaatsen, vervolgens zonder vruchtbare grond kwamen te zitten en elkaar maar in mootjes gingen hakken.

Nee, het feit dat Paaseilanders te werk werden gesteld in Peru om voor de kust vogelpoep te rapen, dát was de bijna-doodsteek voor de eilandpopulatie en hun culten. Virussen maakten dat slechts een fractie van de slaven terugkeerde. Vervolgens kostte de meegereisde dodelijke pokkenbacterie ook nog eens veel achtergebleven eilanders het leven. Slechts 111 bewoners wisten het te overleven - de missionarissen troffen bij hun komst eind negentiende eeuw letterlijk een bijna uitgestorven bevolking aan.

paaseiland Beeld Getty Images

Toeristen

Nu, een dikke eeuw later, telt het eiland tegen de 8000 inwoners die bijna allemaal hun boterham verdienen in het toerisme. Een taxichauffeur van het Chileense vasteland hoopt zich hier te onderscheiden met zijn Engelse taalkennis. Een reisbureau biedt tours in het Duits aan, geleid door jonge eilanders wier vader of moeder ooit al backpackend verliefd werd op een Rapa Nui. En ’s avonds laten superfitte dansers met heupen van elastiek en getooid in schelpen-bh’s en strorokken de monden van toeristen openvallen. Hoewel het Unesco-eiland niet meer zonder kan, nemen de zorgen over het flink gegroeide toerisme toe. Alles moet in- en uitgevlogen of gevaren worden. En dan zijn er nog de emigranten uit Chili die de duizend jaar oude cultuur zouden aantasten. De Chileense regering bepaalde vorig jaar dat toeristen én Chilenen zonder band met het eiland niet langer negentig, maar maximaal dertig dagen mogen blijven. Dat moet plakkers voorkomen.

Een eilandbewoner werkt aan de restauratie van één van de bekende beelden op het eiland. Beeld EPA

Overigens kunnen de kerk en lokale bevolking prima met elkaar overweg, drie eeuwen na die ene paaszondag. Toen paus Franciscus vorig jaar het vasteland van Chili aandeed, hieuw een bekende kunstenaar van Paaseiland een moai uit voor de kerkvorst. Die stond eerst een poos in de katholieke kerk van hoofdstadje Hanga Roa, waarna parochieleden het beeld onder toeziend oog van de priester stevig inpakten en vanuit dat hele kleine stipje op de kaart per vliegtuig naar Santiago verstuurden.

Temperaturen schommelen er het hele jaar rond de 20-25 graden. Paaseiland heeft één bountystrand (met geïmporteerde palmbomen) en accommodatie voor elk budget. Dichter bij huis kennismaken met Paaseiland kan in het British Museum in Londen. Daar staat de 2,42 meter hoge moai Hoa Hakananai’a (‘verloren of gestolen vriend’). Op papier naar de Stille Oceaan afreizen kan ook: milieuwetenschapper Jan Boersema weerlegt in ‘Beelden van Paaseiland’ eerdere theorieën. Roelof van Gelder schreef de autobiografie ‘Naar een aards paradijs’ over ontdekkingsreiziger Jacob Roggeveen.

Reisreportages vanuit bijzondere bestemmingen, boeiende steden en verre streken, met reistips. U vindt ze op trouw.nl/reizen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden