Review

Op de middelmaat rust de beschaving

E. H. Kossmann, lange tijd hoogleraar in de nieuwe geschiedenis te Groningen, was een groot geleerde. Maar dat kon je beter niet zeggen. Hij gaf de voorkeur aan ' een goed gemiddelde' boven het uitzonderlijke. Een bundel.

Jan Kuijk

In 1996, 74 jaar oud en zeven jaar voor zijn dood, schetste Ernst Kossmann zijn ' zelfportret als historicus'. Daarin liet hij weten dat naar zijn mening ,, geschiedschrijving wezenlijk verschilt ” of behoort te verschillen ” van de letterkunde”. Hij moet dan ook niets hebben van de praktijk of theorie die deze disciplines probeert te vermengen. Maar ,, dat in beide genres de waarde van een geschrift in grotere mate dan in de sociale of natuurwetenschappen met de kwaliteit van het proza samenhangt, valt mijns inziens moeilijk te loochenen”. Horen we hier een echo van een discussie die Kossmann heeft moeten voeren met zijn tweelingbroer, de dichter en romanschrijver Alfred Kossmann? In elk geval voegt hij er aan toe: ,, bepaald geen wereldschokkende observatie, maar voor mij om enige persoonlijke redenen toch van enig belang”.

De citaten zijn kenmerkend voor Kossmanns stijl bij de beoefening van het historisch handwerk: persoonlijk, elegant, relativerend, wars van gewichtigdoenerij, doortrokken van ironie. Met zichtbaar genoegen bijvoorbeeld droeg hij bij academische plechtigheden de cappa van zijn eredoctoraat aan de Katholieke Universiteit van Leuven met daarop in duidelijke letters: KUL.

Aardig is ook te weten dat Kossmann in 1987, bij de viering van de 150ste verjaardag van Potgieters ' De Gids' in zijn herdenkingsrede zijn toehoorders verraste met een lofzang op de middelmaat. Het hoogste bereikbare, betoogde hij toen, schuilt niet in het nastreven van uitersten: ,, de ware beschaving bestaat in het handhaven van een goed gemiddelde”. Hij bedoelde klassieke deugden als soberheid, evenwicht, harmonie.

Al die elementen zijn terug te vinden in de bloemlezing die zijn leerlingen Frank Ankersmit en Wessel Krul hebben samengesteld uit zijn werk: ' Geschiedenis is als een olifant'. Die titel is overigens maar een half citaat, want Kossmann voegde er nog aan toe ' niet opzij te krijgen'. Hoe hij dat precies opvatte wordt uit deze bundel niet duidelijk (het artikel met dit citaat is niet opgenomen), maar ik neem de vrijheid de titel te koppelen aan een andere opmerking uit het zelfportret. In de oorlog, schrijft Kossmann, had hij geleerd dat ,, de wereld onbegrijpelijk is als men ook niet de harde werkelijkheid van de politiek bestudeert''.

Hier ligt een sleutel tot een belangrijk deel van Kossmanns werk. Van het begin van zijn studie in de geschiedenis (vlak na en met de ervaringen van de oorlog) heeft de geschiedenis van het politieke denken en de gevolgen daarvan zijn grootste belangstelling gehad.

Een hoogtepunt uit deze bundel vormt de vertaling van de inleiding, die hij in 1973 schreef voor een verzameling in het Engels vertaalde teksten en documenten over de Nederlandse Opstand. In nog geen zestig pagina's ziet Kossmann kans voor belangstellende, maar niet ingevoerde lezers van buiten onze grenzen de ' gecompliceerde, zelfs chaotische en onbeslechte discussie over de Nederlandse Opstand' helder uit te leggen, van het aftreden van Karel V in 1555 tot het terugtreden van Leicester in 1587. Niet de naakte feiten maar de onderliggende motieven hebben het meest zijn belangstelling, en hij doet er met een argeloze vanzelfsprekendheid verslag van.

Kossmann meldt dat dit stuk ,, door een deskundige Amerikaanse recensent in een Canadees tijdschrift een 'minor masterpiece' werd genoemd”. ,, Dat bevalt me. Mocht er over vele jaren en lang na mij een studie over de Nederlandse historiografie uit de tweede helft van de twintigste eeuw verschijnen, dan reserveer ik alvast een voetnoot die mij vermeldt als de auteur van een enkel 'minor masterpiece'. Ik kan me geen mooier keurmerk v o o r s t e l l e n .' '

De toekomstige lezer van dit opstel moet vooral ook kennis nemen van de noot, die Kossmann later toevoegde: ,, Toen ik deze passage schreef had ik de recensie niet bij de hand. Nu, bij de correctie, heb ik haar terug gevonden. Waarheidsliefde gebiedt mij te verklaren, dat de auteur het niet over een 'minor', maar over een 'small' meesterstuk had. Dat is lang zo pikant niet. Vandaar dat ik mijn tekst niet herzie en die artikel afsluit met een geschiedvervalsing”. De literatuur had het kennelijk toch bij hem gewonnen.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden