null Beeld
Beeld

BoekrecensieGeschiedenis

Op 16 november 1942 zei hoofdagent Pieter Kapenga: Ik doe niet meer mee

Peter Sierksma maakt dilemma’s van politiemensen in Tweede Wereldoorlog inzichtelijk.

Elias van der Plicht

Het beeld van de Nederlandse politie tijdens de Tweede Wereldoorlog is omlijst met een inktzwarte rand. Het zouden landverraders zijn; naziknechten die zich schuldig hadden gemaakt aan het ophalen en deporteren van Joden.

In het twee jaar geleden verschenen boek Op eigen gezag laat historica Hinke Piersma zien dat er ook een aanzienlijk aantal politieagenten was dat niets van het nationaalsocialisme moest hebben. Zij vertikten het opdrachten uit te voeren die tegen hun geweten ingingen en maakten zich verdienstelijk in het verzet.

Probleem: terwijl de daden van collaborerende politiemannen na de bezetting in dikke strafdossiers zijn vastgelegd, deden hun collega’s die de Duitse maatregelen saboteerden er in de regel het zwijgen toe.

Een belangrijk boek

Precies daarom is het boek dat journalist Peter Sierksma over zijn grootvader schreef van belang. In Mijnheer, dat weiger ik. Een politieagent in verzet vertelt hij de levensgeschiedenis van Pieter Kapenga, hoofdagent in Kampen.

Sinds Sierksma als achtjarig jongetje in het huis van zijn grootouders een zwart-wit gestreept kledingstuk met rode driehoek ontdekte, is hij gefascineerd door het verleden van de vader van zijn moeder. Maar hoe vaak hij zijn opa in de daaropvolgende jaren ook vroeg om zijn verhaal te doen, Kapenga liet niets los. Hij zweeg over de voor de ondergrondse­­ gesmokkelde wapens en de mensen die hij aan onderduikadressen hielp, over Vught en Dachau, over de 16de novemberavond van 1942.

Op die herfstdag gaf Kapenga zijn korpschef te kennen dat hij onder geen beding wilde meewerken aan het arresteren van Joden, een verstrekkend besluit waarmee hij zijn baan en vrijheid verloor.

Pieter Kapenga als marechaussee, 1919. Beeld
Pieter Kapenga als marechaussee, 1919.

Kapenga vond zijn rol in de illegaliteit niet iets om over te pochen en praten deed hij nooit graag. Maar hij heeft zijn herinneringen wel op papier gezet. Sierksma: “Mijn opa was geen intellectueel (…) laat staan een Primo Levi.” Toch schreef hij, “en goed ook”.

Sierksma baseert Mijnheer, dat weiger ik voor een groot deel op de nagelaten egodocumenten van zijn grootvader. Kapenga wordt veelvuldig geciteerd. Soms wat al te veel en uitvoerig. Je zou eveneens kunnen aanmerken dat Sierksma zich af en toe herhaalt of onnodig parafraseert wat Kapenga al heeft verwoord.

De dilemma’s van dienaren van het gezag

Dat laat onverlet dat de waarde van dit boek vooral zit in het feit dat het inzichtelijk maakt voor welke dilemma’s dienaren van het gezag kwamen te staan. Sierksma: “Vaak lees je dat het gewone leven na de inval vrij vlug weer op gang kwam en er lange tijd van oorlog eigenlijk niets te merken was. Maar dat is schijn en mijn grootvader ziet het meteen.” Bij iedere verordening van de bezetter was het zaak de juiste houding te bepalen.

Mijnheer, dat weiger ik is ook een familiegeschiedenis. Sierksma beschrijft hoe het Kapenga’s achtergebleven gezin verging in het door de vrijmaking van 1944 verdeelde Kampen. Uit de brieven die de familie elkaar tijdens en na de oorlog stuurde, blijkt hoe groot de gevolgen van de kerkscheuring waren­­.

Dankzij die familieleden is ook overgeleverd hoe Kapenga – lijdend aan schurft, pleuritis en tbc, en nog geen veertig kilo wegend – eind mei 1945 met zijn gezin werd herenigd. In een versleten Duitse legerjas die hij bij gebrek aan beter in Dachau had aangetrokken, stapte hij na ruim twee jaar zijn huis weer binnen. De een na jongste zoon van zijn zes kinderen riep: “U bent een mof!” Kapenga: “Nee, ik ben je vader.” De jongen: “Nee, u bent een mof. Mijn autoped is stuk.” Kapenga: “Dan zal ik die weer maken.” Het kleintje: “Dan ben jij mijn vader.”

null Beeld
Beeld

Peter Sierksma
Mijnheer, dat weiger ik. Een politieagent in verzet
Walburg Pers; 256 blz. € 24,99

Lees ook:

De politie bestond in de oorlog niet alleen uit ‘moffenknechten’

Veel Nederlandse politiecommissarissen werkten in de oorlog maar al te braaf mee met de bezetter. In een nieuw boek geeft historica Hinke Piersma ook de ‘goede’ politiemensen een gezicht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden