Column

Ons pianospel was een en al gebroddel, dus droegen we de avond op aan de proberende mens

Rob Schouten Beeld Maartje Geels

Ik heb al eens eerder melding gemaakt van het Schubert-project: samen met mijn vriend Hein studeer ik de vierhandige Fantasie van Schuberts opus 103 in. Het ging de laatste tijd steeds beter en omdat we daar lichtzinnig door waren geworden, hadden we dit keer niet geoefend.

En dus ging het mis, enorm gebroddel in de moeilijke passages, alles veel te hard en veel te snel, voortdurend uit de pas haalden we het einde, twee keer zelfs omdat we het voor straf nog een keer moesten spelen, maar dat hielp niet echt.

Ik probeer me voor te stellen hoe we eruitzagen tijdens het spelen, ondanks alles extatisch of met de ogen dicht als in trance, of verwilderd en gefrustreerd, als twee boze mislukkelingen. Gelukkig is Hein in het dagelijks leven psychiater, dus er valt zelfs in de ergste gevallen en bij de grootste nederlagen nog wel een zinnig gesprek te voeren.

Nadat wij de pianoklep hadden dichtgeslagen, bespraken we het interview in de uitzending van ‘College Tour’ met de pianobroertjes Jussen, onze voorbeelden: waarom vroeg Mattijs van Nieuwkerk niet wie de beste van hen is en als ze zouden hebben gezegd ‘we zijn allebei even goed’, zou het voordeel natuurlijk naar de jongste, Arthur, zijn gegaan.

Vervolgens zetten we ons aan Jeroen Pauw. Geluid uit en kijken maar, want we wilden intussen wel door kunnen praten. Wie daar allemaal aan het woord kwamen, interesseerde ons niet zo. De vraag was veeleer: hoe zie je eruit als je in gesprek bent of ondervraagd wordt? Mij viel weer eens op dat mensen hun hoofd voortdurend scheef houden tijdens het praten en luisteren. Ook weleens recht, maar vooral scheef. Als je erop gaat letten, word je er bijkans zeeziek van.

Gevorderde diersoorten 

Waarom, vroeg ik mij af. Hein vond dat we voor een antwoord eigenlijk naar de etholoog Frans de Waal moesten, maar meldde in de tussentijd wel dat dieren het ook deden, honden bijvoorbeeld als ze je aankeken, kop scheef. En wormen, vroeg ik mij af, of muggen? Ik opperde dat het van de gevorderde diersoorten misschien een soort charme-offensief was en misschien ook een teken van onderwerping: toe maar, doe maar met me wat je wilt.

Hein meende nu dat er in het brein een soort zwaartepunt was waar het hoofd enigszins van dreigde over te hellen en dat dat misschien een rol speelde, hij wist ook te melden dat als mensen omhoog keken, ze dat bijna altijd schuin rechtsomhoog deden, nooit (of zelden, verbeterde ik hem, want ik geloof niet in absolute waarheden) links.

Daarna verwaterde dit onderwerp en kwamen we te spreken over de belangstelling van Vestdijk voor de astrologie, die Hein hem kwalijk nam, terwijl ik het plaatste in de algehele belangstelling in het interbellum voor alternatieve religies, Madame Blavatsky, Krishnamurti, antroposofie en dergelijke. Allemaal vruchtbare, maar door weinig wetenschappelijke feiten ondersteunde gedachten die de mislukte Schubert-avond moesten compenseren.

De mens is een wonderlijk wezen, besloten we na afloop, dat de tijd kan vullen met worstelen en speculeren. En zo droegen we deze avond op aan de homo temptatis, de proberende mens.

Eerdere columns van Rob Schouten leest u hier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden