RecensieFilm

‘Once Were Brothers’, over de roemruchte band met de simpele naam

 Oprichter Robbie Robertson van The Band staat centraal in ‘Once Were Brothers’.  Beeld EPA
Oprichter Robbie Robertson van The Band staat centraal in ‘Once Were Brothers’.Beeld EPA

Once Were Brothers: Robbie Robertson and The Band
Regie Daniel Roher
★★★★☆

Een band met een heerlijk simpele naam: The Band. Begin jaren zestig begonnen vier Canadezen en een Amerikaan met elkaar samen te spelen. De musici vonden elkaar als begeleiders van rockabilly zanger Ronnie Hawkins, later stonden ze op het podium met folkheld Bob Dylan. Tegen de tijd dat ze eind jaren zestig als groep op zichzelf verder gingen, kende iedereen ze eigenlijk al als The Band.

De gemiddelde hedendaagse muziekliefhebber zal met spontaan nummers noemen niet veel verder komen dan ‘The Weight’ (‘Take a load off Fanny / Take a load for free’). Maar de band, die losjes rock, folk en Mississippi-blues door elkaar husselde, wordt door vakgenoten als zeer invloedrijk gezien.

Grote namen als Bruce Springsteen, Eric Clapton en Peter Gabriel komen langs in deze documentaire terugblik om hun respect te betuigen voor het gitaarwerk van tekstschrijver Robbie Robertson. Ze roemen verder de klanken die multitalent Garth Hudson uit zijn Lowrey- orgel haalde, en bovenal het hechte broederschap dat de vijf vormden.

Aandachtig samen pielen in de studio

Ze trokken zich terug in een onooglijk roze huisje nabij Woodstock om alle dagen van de week te schrijven en spelen. Vervolgens kwamen ze tevoorschijn met ‘Music from the Big Pink’ (1968), een album waarvan kenners begrijpelijkerwijs zeggen dat de gezamenlijke creativiteit groter was dan de som der delen. Op fraaie foto’s uit die tijd zie je de vijf aandachtig samen pielen in de studio, hout hakken en met blote voeten in de beek hangen. Een grootse artistieke mannen­idylle die de commentatoren in de film doet denken aan het werk van John Steinbeck, of 19de-eeuwse poëzie.

Dat er een einde kwam aan de broederband had veel te maken met heroïne en andere externe factoren. Gelukkig legde filmmaker Martin Scorsese met ‘The Last Waltz’ (1978) het afscheidsconcert vast waarvoor ze artiesten als Joni Mitchell, Neil Young en Van Morrison ook achter de microfoon uitnodigden.

Naast mooie archiefbeelden gebruikt regisseur Daniel Roher veel historisch stockmateriaal om iedere anekdote visueel aan te kleden. Zijn rijk geproduceerde documentaire is een fraai eerbetoon aan kunstenaars die op de toppen van hun kunnen mooie dingen maakten. Helaas krijgt de kijker niet uitgelegd voor welke technische en artistieke doorbraken The Band destijds zorgde. Muziekanalyse ontbreekt nog weleens in dit soort films en dat is jammer. Een rockster een ander ‘geniaal’ horen noemen is leuk, maar veel heb je er niet aan.

Nu puzzel je zelf een beetje de roerige muziekhistorische verschuivingen bij elkaar: de strakgekapte jongens in kostuum veranderen gaandeweg in besnorde, harige mannen in laag hangende jeans. En de muziek verandert even radicaal mee.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden