Review

Ogen sluiten bij oorstrelende 'Neus'

Je kunt er je neus voor ophalen en beslissen niet meer te gaan kijken naar Sjostakovitsj' opera 'De neus', die De Nederlandse Opera na zes jaar in reprise heeft genomen.

De wrange smaak van de schreeuwerige, overbonte en lawaaiige enscenering van destijds ligt als het ware nog vervelend te gisten op de papillen. Eigenlijk wil je het niet meer zien, maar dan mis je deze keer wel de fantastische muzikale invulling van het Residentie Orkest onder keel-, neus- en oorspecialist Gennadi Rozjdestvenski; en da's dan toch weer jammer.

Een ding is zeker: je hoeft van de opera, gebaseerd op een absurd verhaal van Gogol, niets te begrijpen en dat is in deze tijd van vaak onbegrijpelijke regieconcepten weer meegenomen. Regisseur David Pountney greep zes jaar geleden dit absurdisme echter aan voor het creëren van een volslagen dolgedraaide theatermachinerie waarin zangers en muziek letterlijk platgewalst worden. Het is alsof Pountney een visualisering heeft gemaakt van het chaotische orkeststuk 'De ijzergieterij' van Alexander Mosolov uit 1926 - twee jaar vóór 'De neus' gecomponeerd. En dan zijn de ongenaakbare beukende orkestklanken in dat stuk nog balsem voor het oor in vergelijking met het oogverdovende beeldenbombardement dat Pountney op de toeschouwers loslaat.

Het is een regie van niks, die absoluut een verkeerd beeld geeft van wat Sjostakovitsj beoogde. Superflauw laat Pountney aan het slot een groepje internationale recensenten wauwelen over de 'Eurotrash', die ze zojuist gezien hebben; hij dacht zeker daarmee ons de wind uit de zeilen te hebben genomen. Saskia Boddeke nam de herinstudering van deze mallemolen op zich en hier en daar oogt het iets rustiger dan zes jaar terug, maar voor rigoureus snijden en oplappen was natuurlijk geen ruimte.

En zo verdwijnt de prachtige monoloog van Kovaljov, de ambtenaar die plots zonder neus ontwaakt, in de glibberige ketchup van de immense Heinz-fles die omgekeerd op het podium staat. Bariton David Wilson-Johnson kan nog zo mooi zingen - en dat doet ie - maar hij heeft het dan allang afgelegd tegen de overmacht van Pountney. Als híj het al niet red dan is het voor zijn vele collegae in kleinere rollen onbegonnen werk. Alexandre Kravets komt in zijn vocaal krankzinnige rol van politiecommissaris nog het verst.

Alsof hij immuun is voor de beeldenbrij op het toneel dirigeert Rozjdestvenski met afstandelijke precisie en de juiste ironie d t wat Sjostakovitsj muzikaal voor ogen had. Rozjdestvenski was degene die 'De neus' na jaren van sluimering in de jaren zeventig weer op het repertoire zette en er de eerste en enige opname van realiseerde. Een echte specialist dus. Zijn visie is dwingend, soepel en nauwgezet. De musici van het Residentie Orkest spelen onder zijn leiding met hartveroverend en aanstekelijk plezier, maar zij zitten dan ook met hun rug naar het toneel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden