Opinie

Odile en Odette samengesmolten in irritant 'Geen Zwanen Meer'

Een wonderlijke avond Introdans. Naast de herneming van het lyrische muziekballet 'White Streams' van Ed Wubbe en het meditatieve en esoterische 'White' van Lin Hwai-min, presenteert het gezelschap Adriaan Luteijns extraverte maar wankele bewerking van de balletklassieker 'Het Zwanenmeer', toepasselijk 'Geen Zwanen Meer' gedoopt. Drie balletten die inhoudelijk noch danstechnisch iets met elkaar te maken hebben, behalve dan de kleur wit (banieren bij Lin Hwai-min, wapperende jurken bij Ed Wubbe, tulen stroken bij Luteijn), waarvan Introdans kennelijk heeft gedacht dat het zo mooi bij de feestdagen hoort.

Ex-danser van Introdans Adriaan Luteijn, baseerde zich voor zijn 'Geen Zwanen Meer' op het beroemde romantische Tsjaikovski/Petipa-ballet uit 1895. De oorspronkelijke drie aktes zijn teruggebracht tot een halfuur waarin Luteijn het idee presenteert dat ware liefde niet bestaat uit romantische idealen, maar met name gaat over aanvaarding van de zwarte randjes ervan. Hiervoor husselde de choreograaf de negatieve, zwarte kanten van zwaan Odile en de witte, verheven karakteristieken van zwaan Odette, tot één personage waar prins Siegfried zijn onvoorwaardelijke liefde op kan projecteren. Dat is een goede dramaturgische vondst in een tijd waar de verheven romantische liefde allang niet meer tot onze realiteit behoort. Maar een goed idee beklijft alleen als het goed is uitgewerkt. En dat is hier niet het geval.

De wens van Luteijn - eerder nam hij bij Introdans 'La Bayadère' onder handen - om klassieke thema's in te dikken en hedendaags te vertalen, is bewonderenswaardig en met behulp van vormgever Keso Dekker bij vlagen ook theatraal zeer geslaagd. Magisch is de scène waarin de dansers als fraai esthetisch commentaar op de witte akte uit 'Het Zwanenmeer', zich in wit tule 'uitwikkelen' en zo prachtig uitgelichte diagonale banen over het podium vormen.

Ook de openingsscène maakt indruk. Siegfrieds negen compleet identieke en unisono opererende 'huwelijkskandidaten' strijden als tot leven gekomen mechanische barbie's om de gunsten van de prins. Op een achterdoek beweegt een videogeprojecteerde Odette/Odile, een mooi gedanste rol van Femke Feddema, als tegenhanger van de perfect onberispelijke maar totaal oninteressante blonde dames. Dit sterke begin, voorzien van een lekkere dosis gekte, krijgt echter geen navolging in de rest van de choreografie. De groepsdansen zijn ondanks de her en der best interessante bewegingstaal, weinig dynamisch van opzet en daarmee nogal lijzig en eendimensionaal. De irritatie heeft dan allang toegeslagen door de enkele akkoorden uit Tsjaikovski's compositie die door Theo Sieben zijn 'gesampled' tot een ronduit stuitend elektronisch geluidsbehang.

Het laatste duet waarin Siegfried en Odette/Odile elkaar ten slotte vinden is in intentie te protserig aangezet (aantrekken, afstoten; de hele liefdesstrijd in een overvolle notendop) om puur van de dans te kunnen genieten. Het is daarbij weer te zwak om voor een ironisch commentaar door te gaan. Die ambivalentie zet meteen de noodzaak om deze bewerking te maken op losse schroeven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden