InterviewShula Rijxman

NPO-baas Shula Rijxman: In deze coronacrisis hebben we laten zien wat voor baken de publieke omroep is

Shula Rijxman is sinds 2016 bestuursvoorzitter van de stichting Nederlandse Publieke Omroep. Beeld Martijn Gijsbertsen
Shula Rijxman is sinds 2016 bestuursvoorzitter van de stichting Nederlandse Publieke Omroep.Beeld Martijn Gijsbertsen

Shula Rijxman (60) is de baas van de NPO, de publieke omroep die in de afgelopen coronamaanden zeer werd gewaardeerd. Laverend tussen de politiek en het Hilversumse Mediapark kent ze het klappen van de zweep. ‘Je moet vanuit de tegenpartij kunnen denken.’

Het is stil op het Hilversumse Mediapark, maar Shula Rijxman, bestuursvoorzitter van de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) werkt liever niet thuis. Er zijn te veel mensen die ze moet spreken en dat kan beter live. Ze zit aan een ronde tafel in haar bescheiden, maar zonovergoten kantoor. Tijdens de coronacrisis heeft de NPO de programmering omgegooid, er zit geen publiek meer in de studio’s en de opnames voor dramaseries kwamen helemaal stil te liggen. Maar met de nieuws- en actualiteitenprogramma’s, Heimwee-tv en het snel optuigen van een rubriek als #Frontberichten heeft de omroep hoge ogen gegooid.

Het was lang geleden dat Nederland met miljoenen tegelijk naar de televisie keek en ook het online platform NPO Start trok veel meer bezoekers. En waar de NPO eerder de kritiek kreeg er slechts te zijn voor een select groepje linkse elite, is er nu vooral waardering voor de betrouwbare informatievoorziening.

Bent u tevreden over de NPO in de afgelopen maanden?

“Deze tijd laat zien wat het belang is van een sterke, brede publieke omroep en heeft het beste in de omroepen naar boven gehaald. Voor mij is het publiek het allerbelangrijkste en we bereiken 95 procent van de Nederlanders. Dus dat doen we goed. En als ik zie met welke snelheid we de programmering al aan het begin van de coronacrisis hebben aangepast, dan ben ik heel trots. En ja, dan is het prettig als dat wordt gewaardeerd.”

Wat gaat de kijker in het najaar merken van het magerder budget, bijvoorbeeld bij dramaseries?

“Voorlopig kunnen we het goed opvangen, gelukkig is er al veel klaar. Natuurlijk ontstonden er wel gaten in de pro­grammering: het Eurovisiesongfestival ging niet door, de Olympische Spelen. Nu maken we bijvoorbeeld specials zoals van ‘Boer zoekt Vrouw’. En programma’s die voor later stonden gepland, zijn naar voren gehaald. We hebben er wel hoofdpijn van, maar we passen ons zo goed mogelijk aan. En er is hard gewerkt aan corona-protocollen, zodat de productie zo snel mogelijk weer kon beginnen.”

Op een groot whiteboard in Rijxmans kamer staan plannen gekrabbeld voor nog meer diversiteit binnen het omroepbestel. Minister Slob riep de NPO een tijdje geleden op om meer mensen met een beperking op tv te laten zien.

Gaat u daarover als bestuursvoorzitter van de NPO?

“Het publieke bestel is een ingewikkeld systeem. De NPO gaat over de coördinatie en het geld, en de omroepen gaan over de inhoud. Om elkaar te vinden, moeten we veel praten. Soms vinden we elkaar niet, maar gelukkig gaat het vaak wel goed.”

U schijnt iemand te zijn die eerst de boel beziet en dan pas handelt. Klopt dat?

“Mensen denken vaak dat ik heel extravert ben, maar om me echt aan iemand te binden, heb ik meer tijd nodig. En dan kijk ik misschien wel langer de kat uit de boom dan de meeste mensen. Dat is wel een beetje tegengesteld aan waar ik mijn levenswerk van wil maken, namelijk: verbinden. Dat is inderdaad een interessante driehoek.”

null Beeld Martijn Gijsbertsen
Beeld Martijn Gijsbertsen

Wie en wat wilt u dan precies verbinden?

“Het liefst alles en iedereen. Dat deed ik als kind al, dan stelde ik mijn moeder voor aan iedere ober die we tegenkwamen. Inmiddels ben ik volwassen en sluit mijn persoonlijke motivatie aan bij het doel van de NPO: mensen verbinden. Ik besef dat het een groot woord is, maar laten we proberen elkaar te begrijpen, ook al heb je een andere achtergrond, kleur of politieke motivatie. Ik ben altijd opzoek naar waar we elkaar wel kunnen vinden.”

U heeft in uw functie te maken met het publiek, de omroepen en de politiek. Is dat niet ingewikkeld?

“Ja, vooral als het op het snijvlak zit van inhoud en coördinatie. Als ik vind dat Matthijs van Nieuwkerk moet worden opgevolgd door een vrouw, ga ik al over de inhoud. Sommige omroepdirecteuren vinden dat prima, maar anderen vinden dat ik dat niet mag zeggen.”

Waarom zegt u dat dan toch?

“Omdat meer diversiteit op tv en radio hard nodig is. Zowel voor als achter de schermen. Ik zet me hier al jaren voor in. We zijn er nog niet. Los hiervan is het vooral belangrijk dat we meer rust krijgen van de politiek. De samenleving wordt steeds intoleranter, zie ik. Er is veel desinformatie en nepnieuws. In deze coronacrisis hebben we laten zien wat voor baken de NPO is. Daarom vraag ik al een tijdje om rust en financiële zekerheid vanuit Den Haag. Gelukkig lijkt die boodschap te zijn aangekomen.”

Minister Slob kwam vorig jaar met het plan om de NPO geen reclames meer te laten uitzenden voor acht uur ’s avonds en om van NPO 3 een regiozender te maken. Dat veroorzaakte frictie, want Rijxman en de omroepen vreesden voor het verlies van inkomsten en de ‘kraamkamer van nieuw talent’, zoals NPO 3 nu te boek staat. De onderhandelingen verliepen stroef, maar kwamen door de coronacrisis in een stroomversnelling. Twee weken geleden werd bekend dat Rijxman met succes lobbyde om die plannen van tafel te krijgen. De NPO krijgt nu langer de tijd om de zenders reclameluw te maken en NPO 3 blijft zoals het is. Wel komt er na het zesuurjournaal een blok met nieuws van de regionale zenders.

U bent een onderhandelaar. Houdt u ook van het politieke spel?

“Ik snap wél hoe het werkt. Je moet kijken naar ieders belangen en die zijn soms tegengesteld. Het heeft geen zin om tegen een politieke partij die de Publieke Omroep niet ziet zitten te zeggen dat het juist wel belangrijk is. Dat is het spel. Je moet vanuit de tegenpartij kunnen denken.”

Zou u dat ook in Den Haag kunnen?

“Als je me nu vraagt of ik politieke ambities heb, dan zeg ik dat ik daar helemaal niet mee bezig ben. Ik ben nu heel druk met deze baan, en wat hierna komt, komt hierna.”

Wat is uw grootste zorg over de publieke omroep?

“Dat is de sociale onrust en de informatiebubbels waarin we zitten. Maar de digitalisering en technologische veranderingen sluiten daar zeker bij aan. En dan hebben we nu ook nog Corona. Het is niet gezegd dat dit de laatste pandemie is. Ik ben hier om te zorgen dat de NPO een bastion is dat bestand is tegen de oprukkende Amerikaanse technologiebedrijven. Mijn handen jeuken om iets te doen aan de sociale ongelijkheid, meer begrip voor elkaar en de samenhang in de samenleving. Maar als ik een oplossing had voor alle vraagstukken was ik waarschijnlijk president van de hele wereld.”

“Ik ben misschien wel een beetje een vreemde eend in de bijt. Ooit ben ik begonnen als journalist en communicatiedame en daarna werd ik ondernemer bij een commerciële organisatie die programma’s maakt: IDTV. Pas later werd ik bestuurder. Omdat ik ook maker ben geweest, huist er in mij nog altijd een creatieve bron, ik bedenk al mijn leven lang plannen.”

Hoe krijgt u anderen in uw omgeving zover dat ze ook meewerken aan uw plannen? U lijkt me niet het type dat zich makkelijk in de hoek laat zetten.

“Ik sta ook wel open voor argumenten en laat me overtuigen als het niet goed is. Maar als ik erin geloof, dan probeer ik me te verplaatsen in de andere partijen en wat voor hen de consequenties zijn. Zowel in de Haagse politiek, als de omroeppolitiek, als binnen mijn eigen organisatie. Soms schuurt het.”

Kunt u hard zijn?

“Nee, ik denk niet dat ik heel hard ben, maar je zit niet op deze functie als je niet ook stevige beslissingen kunt nemen en mensen moet laten gaan. Maar ik denk wel na over de consequenties van zo’n beslissing. Dat houdt me soms bezig. Mijn partner, mijn zusjes, mijn collega’s en vrienden helpen me met zelfreflectie en zijn soms behoorlijk eerlijk. En dat wil ik ook.”

Wat wilde u worden toen u klein was?

“Ik had geen stewardessendroom, of zo. Toen ik heel jong was, leek koningin me wel leuk.”

En nu bent u de koningin van het Mediapark.

“Ja, haha, dat zou wat zijn. Nee, eigenlijk wilde ik, net als elk meisje, liever prinses worden, maar dat duurde maar heel kort. Ik heb nooit een echte droom gehad. Mijn moeder zei wel tegen me: ‘Jij moet journalist worden, want je stelt zoveel vragen’. Daarom werd ik journalist.”

Maar er is ook geen meisje dat denkt: ik word bestuurder.

“Nee, zeker niet. Toen ik hier begon, wist ik eigenlijk ook niet waar ik in terecht was gekomen. Dit is heel anders dan bij een commercieel bedrijf, waar geld verdienen belangrijk is. Ik wilde me niet mijn leven lang laten leiden door geld. Daarom ben ik destijds overgestapt naar de NPO. Ik wilde iets doen wat betekenis had.”

Bent u veranderd in de loop der jaren?

“Ik ben door de jaren heen een stukje van mijn impulsiviteit kwijtgeraakt. Nu denk ik wat beter na voor ik iets zeg en ben wat geslotener. Mijn pleegmoeder (Rijxman woonde tijdelijk in een pleeggezin, red.) plaagt me er nog weleens mee dat ik ooit zei: ‘Niemand durft het eigenlijk te zeggen, maar wij vinden jullie bank heel lelijk’. Vroeger vond ik dat je gewoon moest zeggen wat je dacht. Maar dat is niet zo. Het grootste deel van je gedachten kun je rustig voor jezelf houden, daar hoeft de ander niets van te weten.”

null Beeld Martijn Gijsbertsen
Beeld Martijn Gijsbertsen

Je kunt niet iedereen te vriend houden. Met wie botst u weleens?

“Ik heb veel veranderingen en reorganisaties doorgevoerd. Bijvoorbeeld de uitzonderingen op het gebied van de topsalarissen voor presentatoren (boven de balkenendenorm, red.). Daar heb ik – met respect voor lopende contracten – een einde aan gemaakt. Het risico was dat de concurrent die mensen zou wegkopen, en dat gebeurde ook. Het is gebleken dat zo’n overstap niet altijd even succesvol is. Bovendien kan de NPO toch nooit op tegen het geld van een grote commerciële speler. Dat soort zaken roept soms best weerstand op, ik heb best heilige huisjes moeten omschoppen.

“Ik ben natuurlijk geen standaard bestuurder die met een dikke sigaar achter zijn bureau zit. In sommige legers staat de generaal achteraan, maar ik sta vooraan. Een van de verwijten die ik soms krijg, is dat een raad van bestuur zich op afstand moet houden en dat ik dat niet doe. Ik vind het leuk om dingen tot wasdom te brengen en dat kan niet alleen maar vanachter een bureau. Dat wekt soms irritatie. Daarbij ben ik natuurlijk nog ook de eerste vrouw op deze positie.”

Hoe ervaart u dat?

“Vooral door er geen last van te hebben. In het begin ondervond ik er meer hinder van. Toen werkte ik samen met Henk Hagoort en dan kwamen er mensen naar ons toe die alleen tegen hem spraken. Dan moest hij werkelijk alles uit de kast trekken om ze naar mij te laten kijken.”

Shulamith Juliëtte Rijxman (Bussum, 1959) groeide met haar zusjes Fransje en Lineke op in een Joods gezin in Bus-sum. Na de scheiding van haar ouders bleef ze met haar zusjes bij haar moeder wonen. Die was lange tijd ziek en overleed toen Rijxman 19 was. Rijxman werkte kort als journalist en bij een communicatiebureau. In 2016 werd ze de eerste vrouwelijke bestuursvoorzitter van de NPO. Rijxman woont in Blaricum met haar partner, ondernemer Sabine de Jong.

Lees ook de Levenslessen van Shula Rijxman.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden