Nooit president, maar goed ook

Edward Kennedy in 2004@FOTO AP (Trouw)Beeld AP

Edward Kennedy werd in zijn leven overspoeld door rampspoed. Toch had hij naar eigen een prachtig leven dat hij in zijn autobiografie net iets te eenzijdig beschrijft.

Op de avond van 4 november 1979 zond de Amerikaanse tv-zender CBS de documentaire ’Teddy’ uit, over senator Edward Kennedy. Het programma zou zijn politieke carrière ernstige schade berokkenen. Niet alleen werd zijn dubieuze rol belicht in het drama op het eiland Chappaquiddick, ruim tien jaar eerder, waarbij de jonge Mary Jo Kopechne het leven had gelaten; ook zagen de kijkers een hakkelende en stamelende Kennedy antwoorden op de toch voor de hand liggende vraag van journalist Roger Mudd waarom hij eigenlijk president van de Verenigde Staten wilde worden. Hij had zijn kandidatuur weliswaar nog niet officieel aangekondigd (hij zou dat drie dagen later doen), maar iedereen ging ervan uit dat hij de zwakke president Jimmy Carter zou uitdagen.

In zijn zojuist uitgekomen autobiografie ’Het verhaal van mijn leven’ schrijft de vorige maand overleden Edward Kennedy dat hij zich gepiepeld voelde door Mudd die hij juist een dienst had willen bewijzen: de journalist was in een heftige strijd met een collega gewikkeld om de befaamde anchorman Walter Cronkite op te volgen en kon daarbij een interview met een beroemdheid wel gebruiken. Het vraaggesprek zou, zo was afgesproken, uitsluitend gaan over de band tussen de Kennedy’s en de zee - stuk voor stuk zijn de mannelijke leden van de legendarische familie fervente zeilers geweest. Maar ineens ging het over politiek!

Roger Mudd, inmiddels in de tachtig, heeft de lezing van Kennedy deze week vriendelijk maar beslist tegengesproken: ’Dit is een puur verzinsel, absurd.’ Hij deed slechts zijn journalistieke plicht en stelde een vraag die iedereen in zijn plaats aan Kennedy zou hebben gesteld: waarom wilt u president worden?

De anekdote illustreert hoe omstreden autobiografieën kunnen zijn: ze zijn vaak eenzijdig en geven nogal eens een te rooskleurig beeld van de hoofdpersoon. In dit geval is er nog de complicatie dat de autobiograaf is overleden: Kennedy kan niet meer reageren op het commentaar van Mudd.

Ook in andere delen van zijn boek voel je dat Kennedy de waarheid naar zijn hand zet, of op z’n minst niet de hele waarheid vertelt. Over het Chappaquiddick-incident is hij weliswaar zeer berouwvol, vooral jegens de familie van Mary Jo, hij neemt ook de schuld voor haar dood op zich, maar hij laat cruciale vragen open. Hij ontkent dat hij een verhouding met haar had, maar in zijn lezing van de gebeurtenissen op die zomeravond blijft een opvallend gat van anderhalf uur zitten. Wat is er toen gebeurd?

Over zijn familie is hij bijzonder mild. Vader Joseph was aan zoveel geld gekomen omdat hij ’briljant’ op de aandelenmarkt had gespeculeerd, schrijft Edward. Wat hij verzwijgt is dat pa tijdens de drooglegging in de jaren twintig op grote schaal drank smokkelde. De buitenechtelijke uitstapjes van zijn vader, broers en hemzelf blijven evenzeer onvermeld - terwijl de Kennedy’s toch beruchte rokkenjagers waren, een bezigheid die hen regelmatig in de problemen bracht.

Wie die eenzijdigheid voor lief neemt, krijgt toch een interessant boek te lezen. Ted Kennedy heeft wel wat te vertellen (of laat dat doen, want hij heeft een ghostwriter ingehuurd). Zonder overdreven sentimenteel te worden vertelt hij over de rampspoed die zijn familie bij voortduring trof, zoals het sneuvelen van zijn oudste broer in de Tweede Wereldoorlog, het vliegtuigongeluk van zijn oudere zus en zwager, de gewelddadige dood van zijn twee andere broers waardoor hij, de jongste van de negen kinderen, de pater familias werd; over de kanker die zijn zoon en dochter trof, over zijn eigen vliegtuigongeluk waarbij hij zijn rug brak, over zijn mislukte eerste huwelijk en het alcoholisme van zijn eerste vrouw - het is bij elkaar onvoorstelbaar. Zoals president Obama bij de uitvaart zei: een normaal mens zou er onderdoor gegaan zijn. Maar Kennedy was geen normaal mens.

Met compassie vertelt hij over de drie mensen die de grootste invloed op hem hebben gehad: zijn vader Joe, z’n broer John, en z’n tweede vrouw Vicki, telg van een bevriende familie op wie hij in 1991 verliefd werd, op een moment dat het uitgesproken slecht met Teddy ging: hij was aan de drank, had een slechte pers, verwaarloosde z’n werk, en kwam regelmatig in opspraak. Zelf schrijft hij dat hij in die tijd van alles (drank, lekker eten en vrouwen) ’ iets te veel genoten had’. Vicki bracht hem weer op het rechte spoor.

Met verve vertelt hij over zijn politieke werk: voor broer John, de president, en broer Robert, de presidentskandidaat, en vooral over zijn werk in de Amerikaanse Senaat - waar hij maar liefst 47 jaar in zat, tot zijn laatste snik. Zijn bijnaam was ’de leeuw van de Senaat’. Kennedy behoorde tot de linkervleugel van de Democratische Partij, hij was een echte liberal, wat in de VS bijna een scheldwoord is. Maar hij werd ook door rechtse Republikeinen gewaardeerd. Edward wist bruggen te slaan, meerderheden te smeden, en hij bracht daardoor belangrijke wetgeving tot stand. Hij beschrijft het allemaal uitvoerig, zonder echt snoeverig te worden.

Hij heeft nog mee mogen maken dat Amerika een zwarte president kreeg - Barack Obama heeft zijn verkiezing voor een belangrijk deel aan de senator uit Massachusetts te danken die hem al in een vroeg stadium steunde, tot bittere teleurstelling van Hillary Clinton. Maar tot zijn verdriet heeft hij niet de dag mogen beleven dat iedere Amerikaan tegen ziektekosten is verzekerd - Obama zal nog grote moeite moeten doen dit voorstel, dat Kennedy hartstochtelijk steunde, erdoor te krijgen.

Edward ging altijd door voor de minst getalenteerde in het gezin-Kennedy. Maar volgens kenners van het Amerikaanse politieke systeem heeft hij veel meer bereikt dan zijn twee broers, ook meer dan John, de president. Het weekblad Time schreef: „De Romeinen wisten het al: er bestaan keizers zonder blijvende betekenis - en senatoren wier erfenissen in graniet staan gebeiteld.”

Misschien was Edward Moore Kennedy wel de beste president die Amerika nooit gehad heeft.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden