Review

Niet-serieuze bommen

Wat valt er te leren van de jaren zeventig? Dat je Duitse filosofen niet altijd letterlijk moet nemen, als ze zich over de huidige toestand in de wereld uiten? In ieder geval dat je moet luisteren naar andersdenkenden. Hans Achterhuis over 'Politiek geweld in Duitsland' en 'Tien rode jaren'.

De erfenis van de jaren zestig van de vorige eeuw ligt al tijden stevig onder vuur. Volgens de overheersende neo-conservatieve tijdgeest zou toen alle ellende begonnen zijn. De gedoogcultuur, het aan de laars lappen van normen en waarden, het goedkeuren -zo niet verheerlijken- van geweld, de verstikkende politieke correctheid; dit alles zou de vrucht zijn van een losgeslagen progressief tijdvak.

Wat is het weerwoord van de babyboomers op dit soort neoconservatieve aanvallen? Eén verdedigingsstrategie was vooral populair. Er zou niets mis zijn geweest met de jaren zestig. Openheid, spontaniteit, authenticiteit: daar draaide het in die jaren om. De verharding en verstarring, de dogmatisering van standpunten zouden we vooral aan de jaren zeventig te wijten hebben.

Beide kampen leken tevreden gesteld. De neoconservatieven behielden een tijdvak als zondebok; de protestgeneratie kon haar mythe van de jaren zestig blijven koesteren.

Helaas bleek deze wapenstilstand van korte duur. Ze werd afgelopen week op doorbroken door een aantal voormalige hoofdrolspelers uit de jaren zeventig. Die willen hun eigen tijd uit de beklaagdenbank halen.

Journalist en filosoof Antoine Verbij en Groen-Links Eerste-Kamerlid Jos van der Lans publiceerden een 'Manifest van de jaren zeventig', waarin ze betogen dat het erfgoed uit die tijd eerder de oplossing dan het probleem is.

Tegelijkertijd verscheen een boek van Verbij over die 'Tien rode jaren'. De teneur van deze studie is dat er tussen de jaren zestig en zeventig geen grote breuk te bespeuren is. Veel van wat in de jaren zeventig naar boven kwam en zichtbaar werd, zou in de jaren zestig al zijn voorbereid.

Ten slotte verscheen er nog een andere, belangwekkende publicatie, 'Politiek geweld in Duitsland' onder redactie van Jacco Pekelder en Frits Botermans, waarin de jaren zestig en zeventig ook centraal staan.

Dat waren in Duitsland de jaren van het studentenprotest en de buitenparlementaire oppositie, die overliepen in het tijdperk van het terrorisme van de Rote Armee Fraktion. Vormde dat terrorisme een breuk met de vreedzame betogingen uit de jaren zestig? Of sudderde het geweld al onder de oppervlakte van de vele betogingen?

In zekere zin vullen 'Tien rode jaren' en 'Politiek geweld in Duitsland' elkaar op fraaie wijze aan. Wat in het ene boek ontbreekt komt in het andere vaak uitgebreid aan bod. Het is de moeite waard ze naast elkaar te leggen.

Vreemd genoeg komt in de studie van de filosoof Verbij de wijsgerige analyse er erg bekaaid af, terwijl de geschiedenis van een aantal sociale bewegingen uitvoerig aan bod komt. In het vooral door historici en sociale wetenschappers geschreven 'Politiek geweld in Duitsland' is er daarentegen alle ruimte voor diepgaande studies van filosofische teksten, waarbij de historische ontwikkelingen soms wel heel kort worden aangestipt.

De 'Tien rode jaren' die Verbij bespreekt worden, zoals gezegd, voorafgegaan door een uitvoerig hoofdstuk over de jaren zestig. De Maagdenhuisbezetting, de provo-beweging in Amsterdam, de radicalisering van de studentenbeweging in de richting van een orthodox marxisme, ze komen alle helder en uitgebreid aan de orde.

De jaren zeventig zelf blijken in twee delen uiteen te vallen. In het begin overheerste een revolutionaire, deels gewelddadige ideologie. Communisten, maoïsten, anarchisten, Rode Jeugd gaven in veel maatschappelijke discussies de toon aan. Voorzover er bomaanslagen werden voorbereid, mislukten die gelukkig meestal. Het ging om splintergroeperingen met vaak niet meer dan enkele tientallen leden. Toch wisten ze Nederland schrik aan te kunnen jagen.

De revolutionaire activiteiten gingen langzaam over in het radicale activisme van de 'nieuwe sociale bewegingen'. De Amsterdamse kabouters en de kraakbeweging, de milieu- en de vredesbeweging, het bonte geheel van feministische groepen; zij zijn kenmerkend voor de tweede helft van de jaren zeventig.

Op vermakelijke wijze, met schitterende oneliners en citaten, en hilarische anekdotes schetst Verbij de opkomst en ondergang van veel revolutionairen en radicalen. Veel ruimte voor een diepgaande analyse neemt hij niet. Het zou bijvoorbeeld interessant zijn geweest de discussies tussen de toenmalige kopstukken Ton Regtien en Roel van Duijn eens nader te onderzoeken. Nu lijkt het alsof het alleen om persoonlijke ruzies ging.

Daarnaast krijg de lezer de indruk dat het pakkende citaat - Verbij heeft veel voormalige activisten geïnterviewd - het nogal eens wint van de feitelijke, waarheidsgetrouwe weergave. Omdat 'Tien rode haren' geen verwijzingen of voetnoten kent, is lang niet altijd te controleren of iets klopt. Als ik op mijn eigen herinneringen afga, is dat soms duidelijk niet het geval.

Wat 'Tien rode jaren' aan wetenschappelijkheid en diepgang mist, heeft 'Politiek geweld in Duitsland' misschien wat te veel. Elk artikel is uitvoerig gedocumenteerd, elke belangrijke discussie wordt tot in details uitgeplozen. Met name de posities van een aantal filosofen -Walter Benjamin en Carl Schmitt, Hannah Arendt, Theodor Adorno en Max Horkheimer- over geweld worden uitvoerig geanalyseerd. Uit deze analyses wordt onder andere duidelijk dat het geweld van de Rote Armee Fraktion uit de jaren zeventig inderdaad zijn wortels in de jaren zestig heeft.

Zonder nu een aantal van de genoemde denkers meteen schuldig te verklaren aan het latere terrorisme, kunnen we toch wel stellen dat hun theorieën over het alom in de samenleving aanwezige structurele geweld, dit in zekere zin hebben voorbereid. Als de hele maatschappij toch al van geweld doortrokken is, dan kan het terrorisme zich gemakkelijk als 'tegengeweld' presenteren. Niet de terroristen maar de kapitalisten en de staatsorganisatie zijn dan in eerste instantie verantwoordelijk voor de aanslagen en acties.

Dit soort theorieën over structureel geweld was ook populair in links Nederland. Het geweld zou van rechts komen; met zijn provocaties maakte links dit verborgen geweld alleen maar zichtbaar. Werden daarom terroristische aanslagen ook hier zonder meer goedgekeurd? In theorie was dat vaak wel het geval, in de praktijk viel dit gelukkig mee. In elk geval achtten de meeste revolutionairen en radicalen terroristisch geweld niet opportuun in de Nederlandse situatie. In het buitenland werd het wel bijna altijd ondersteund.

'Politiek geweld in Duitsland' bevat in dit opzicht een onthullend artikel over de Duitse linkse psycholoog Peter Brückner. Hij wees het geweld van de RAF af, maar ging er uitsluitend met de linkse kameraden over in discussie. Politiek rechts was sowieso al afgeschreven; de standpunten daarvan hoefde men niet in het debat te betrekken. Achteraf wordt duidelijk hoezeer de Duitse maatschappij toen gepolariseerd was, hoezeer links alleen voor de eigen parochie preekte.

Ook in Nederland blijken de 'Tien rode jaren' van Verbij beheerst te worden door een vanzelfsprekend geachte buitensluiten van alle rechtsdenkenden. Hun argumenten werden nooit gehoord, hun positie werd geen moment serieus genomen. Hier ligt misschien ook het slechtste deel van de erfenis van de jaren zeventig. Helaas komt dit in zowel 'Tien rode jaren' als in 'Het manifest voor de jaren zeventig' niet als zodanig naar voren.

Integendeel, juist het Manifest getuigt nog steeds van een soort arrogantie van het eigen gelijk, waarbij er op geen enkele wijze op de argumenten van de neo-conservatieven wordt ingegaan.

Dat is jammer. Het lijkt nu of er alleen sprake is van een winstrekening. Links moet verdedigen of terugkrijgen wat het toen verworven heeft.

Dat er ook een verliesrekening is, dat er een negatieve les uit diezelfde tijd getrokken kan worden, komt in 'Politiek geweld in Duitsland' evenwichtiger aan de orde.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden