Review

Niemand wilde Edward Serotta's laatste Jood zijnfotografie

'To give them light, the legacy of Roman Vishniac', ed. Marion Wiesel, uitg. Viking, imp. Penguin Nederland, 160 blz. - f 70,20; Edward Serotta, 'Out of the shadows', expositie in Canon, Leidsestraat 79, Amsterdam: vanaf 1 t/m 24 april, di-vr 12.00-17.45 u., za 11.00-16.45 uur; catalogus (Engels en Duits).

Roman Vishniac (toen Russische Jood, gevlucht naar de Verenigde Staten) beoogde hetzelfde als Edward Serotta (Poolse grootouders, zelf opgegroeid in een kleine Joodse gemeenschap in de staat Georgia). De eerste trok van 1934 tot 1939 van de Baltische Zee tot aan de Karpaten, per koets en trein en lopend door Hongarije, Roemenie, Polen, andere landen, om in het verborgene foto's te maken in de Joodse buurt, van de mensen op pleinen, thuis, in scholen, winkels, synagoges.

Hij wilde de met uitroeing bedreigde wereld van zijn voorouders tenminste in beelden voor verdwijnen behoeden. Met een camera onder zijn jas of in een zakdoek gefrommeld fotografeerde hij een oude man in gedachten, een meisje dat de hele winter in bed moest blijven omdat er geen geld voor schoenen was, toevallige voorbijgangers in het straatgewoel. Van de 16 000 negatieven, die hij bij zijn vlucht uit Europa grotendeels verloor, hebben er 2000 de oorlog overleefd.

Pas in de jaren zeventig kreeg hij een grote tentoonstelling dankzij de fotograaf Cornell Capa, oprichter van het International Centre of Photography in New York. Elie Wiesel, kamp-overlevende en - later met de Nobelprijs voor literatuur bekroonde - beschouwer van het menselijk geweten, schreef het voorwoord bij de 180 foto's in 'A vanished world' dat met 180 foto's in (1983).

Wiesels vrouw Marion heeft nu zo'n 140 onbekende opnamen uit Vishniacs negatieven geselecteerd, onlangs gepubliceerd in 'To give them light', wederom met een voorwoord door Elie Wiesel: "We ontmoeten Joden in de laatste minuten voordat ze uit de geschiedenis zijn weggerukt door een storm van vuur en as, hun steden en dorpen voordat die verteerd werden door de vlammen." Het gaat - hoe kan het ook anders - opnieuw om eenvoudige, sterke, beelden die een zeldzaam monument vormen ter nagedachtenis aan het leven van Joden die uit rassenwaan vernietigd zijn.

Toen vijftig jaar later Edward Serotta in Oost-Europa de laatste overlevenden van de Holocaust wilde fotograferen, moest hij zijn idee bijstellen omdat Oost-Europa afbrokkelde en niemand, zoals Serotta zegt, "mijn laatste Jood wilde zijn." Tussen 1988 en 1992 trof hij overal Joodse gemeenschappen aan die na de val van het communisme hun religieuze en culturele identiteit proberen terug te vinden. Ondanks hier en daar opflakkerend antisemitisme en ultranationalisme hoeven zij zich niet meer voor de buitenwereld te verbergen: de habitue van de koosjere keuken, de mannen die met hun tienen de benodigde minjan voor de sabbatviering volmaken, schoolgaande kinderen.

De foto's in de tentoonstelling en het boek 'Out of the shadows' spreken minder tot de verbeelding dan die van Vishniac. Misschien komt dat door de geschiedenis die Vishniacs reportage een loodzware schoonheid geeft. Of het ligt het aan het feit dat Serotta zijn personages meestal liet poseren en Vishniac onbevangen taferelen vastlegde. Joden? Ook in Oost-Europa immers gewone mensen geworden, nu het antisemitische staatscommunisme geruneerd is en neonazi's nu nog althans nauwelijks voet aan de grond krijgen. Serotta's kracht ligt in de gewoonheid van zijn overigens mooie reportage, die licht werpt op een tot nu toe grotendeels onbekende wereld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden