Recensie Nationaal Jeugdorkest

Nationaal Jeugdorkest bouwt een feestje in Concertgebouw

De virtuoze klavierleeuw Alexander Romanovsky. Beeld Melina Mulas

Klassiek
Nationaal Jeugdorkest
Stravinsky, Rachmaninov, Berlioz
★★★★☆ 

‘De jeugd heeft de toekomst’, deelde dirigent Antony Hermus de enthousiast klappende toehoorders in het Concertgebouw mee. En hij spreidde zijn armen uit naar de jonge musici achter hem, die hij door een enerverende avond vol prachtige muziek had geloodst. Waarop hij zich pardoes omdraaide en het Nationaal Jeugdorkest voorging in een spetterende uitvoering van Arturo Márquez’ opzwepende ‘Conga del fuego nuevo’.

Die swingende Mexicaanse toegift, waarbij de jonge musici van links naar rechts meedeinden op het ritme, kwam aan het eind van een heerlijke, lange avond. Veel langer dan gepland, want vóór de pauze liet het publiek pianist Alexander Romanovsky pas gaan nadat hij niet één (wat gebruikelijk is), maar twee toegiften had gespeeld. Kortom, het was een feestje maandagavond in het Concertgebouw met Hermus als ceremoniemeester. In een week tijd wist hij de jongeren in een zwaar programma klaar te stomen voor de lakmoesproef in Amsterdam.

Een fraai samengesteld programma ook nog, waarin het aloude gregoriaanse ‘Dies irae’-thema een hoofdrol speelde. Rachmaninov en Berlioz laten die melodie opvallend opduiken in hun eigen compositie. De een in zijn ‘Rapsodie op een thema van Paganini’, de ander in zijn onverwoestbare ‘Symphonie fantastique’. Zo ontstonden mooie dwarsverbanden, die misschien nog iets versterkt hadden kunnen worden als Stravinsky’s net herondekte stuk ‘Chant funèbre’ eraan vooraf was gegaan.

De wereld van Tsjaikovski

Van Stravinsky klonk nu het divertimento ‘Le baiser de la fée’, contrastrijk en lekker droog gespeeld. Prachtig hoe Stravinsky met drie fluiten en pizzicati van de strijkers de wereld van Tsjaikovski weet op te roepen, terwijl het toch zijn onmiskenbare eigen handtekening heeft.

Rachmaninov roept op zijn beurt de wereld van Paganini op en geeft er zijn eigen draai aan. Pianist Alexander Romanovsky viel in voor zijn Oekraïense leeftijd- en dorpsgenoot Alexander Gavrylyuk, die met een blessure had moeten afzeggen. Maar de ene Alexander deed beslist niet onder voor de andere. Puntgaaf, ultra-virtuoos spel met het juiste grote gebaar waar nodig, en onnavolgbaar detailrijk vingerwerk elders. En zeker daar, waar Rachmaninov na alle variaties op dat Paganini-themaatje ineens met een volbloed eigen melodie komt, toonde Romanovsky zich de ware klavierleeuw.

Als toegift volgde Liszts ‘La campanella’ (ook al naar een melodie van Paganini) en Gershwins virtuoze bewerking van zijn song ‘The Man I Love’. Wie toen nog niet overtuigd was van het meesterschap van Romanovsky moet misschien zijn oren laten nakijken.

En de dwarsverbanden deze avond liepen verder naar die arme Berlioz. Die kreeg ooit financieel en moreel een enorme duw voorwaarts van Paganini. Berlioz’onverwoestbare ‘Symphonie fantastique’ blijft, hoe vaak je hem ook eerder hoorde, een wonderbaarlijk mengsel van genialiteit en gekte. Hermus begon ongemeen spannend en wist met deze 92 jonge toptalenten een uitvoering neer te zetten die je weer eens doet beseffen hoe revolutionair Berlioz was. Top.

Lees ook:

De drie dreunen van Mahler

Het Noord Nederlands Orkest gaat Mahlers Zesde spelen. Dirigent Antony Hermus vertelt over dit beest van een symfonie. ‘Die hamerklappen maken ook mij onrustig.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden