Natasja Kensmil in haar atelier.

Schilderkunst

Natasja Kensmil verminkt machthebbers, het effect is bewust niet altijd prettig

Natasja Kensmil in haar atelier.

Natasja Kensmil wil historische figuren toetakelen en kritisch bevragen. Het kolkt en het bruist in haar schilderijen. Wat inspireert de kunstenares, die vandaag de prestigieuze Johannes Vermeerprijs krijgt?

Joke de Wolf

Even lijkt het of er waterschade is geweest in het Fries Museum. Tussen alle glimmende en gepolijste portretten vallen de schilderijen van Natasja Kensmil uit de toon.

Op sommige plekken zitten lange druipers op het doek. Het oppervlak is ruw, klodderig, de verf is soms centimeters dik. In de bovenlaag overheersen het wit, grijs en zwart, pas daaronder schemeren kleuren. De schilderijen intrigeren meteen.

Kensmil maakte speciaal voor de tentoonstelling Icons vijf kleine vierkante doeken en één groot portret. Albertine Agnes, prinses van Oranje, gravin van Nassau (1634-1696) staat erbij. Het is een vrouw in een mooie zeventiende-eeuwse jurk, met donker krulhaar. Kensmil maakte een nieuw portret van een vrouw die al meer dan drie eeuwen overleden is.

“Ik begon met het portretteren van Willem Frederik, maar m’n aandacht verschoof naar Albertine Agnes, zijn echtgenote”, vertelt Kensmil in de podcast bij het schilderij. “Ze was een heel sterke vrouw, toen haar man overleed, werd ze regentes voor haar zoon.”

Veel is er niet bekend over de regentessen. Ze deden aan liefdadigheid, maar wisten ze ook waar hun geld vandaan kwam? Wat er gebeurde in de koloniën die Nederland toen zo welvarend maakten? Voor Kensmil zijn het prikkelende vragen. “Het beeld van regenten en regentessen wil ik op mijn manier toetakelen, verminken”, zegt ze in de podcast. “Ik wil de geschiedenis kritisch bevragen, het is geen statisch gegeven.”

Sluimerende kleuren

Als je dichterbij komt, zie je dat de afbeelding is opgebouwd uit verschillende lagen verf over elkaar. Onder het portret liggen portretten van andere vrouwen. Er lopen ook strepen en vormen door het beeld, alsof er eerder iets anders op het doek was geschilderd: het kolkt en bruist. Ook de kleuren zijn moeilijk te benoemen: bovenop liggen witte en grijze kleuren, maar eronder sluimeren rood, groen en blauw.

Jenny en Karl (Marx), van Natasja Kensmil uit 2009, olieverf op linnen, 150 x 150 cm. Beeld Courtesy Andriesse
Jenny en Karl (Marx), van Natasja Kensmil uit 2009, olieverf op linnen, 150 x 150 cm.Beeld Courtesy Andriesse

Hoe Kensmil tot deze schildertechniek is gekomen, en wat haar beweegt om zo in te zoomen op deze historische figuren, wordt duidelijk op haar overzichtstentoonstelling in de Amersfoortse kunsthal Kade.

Zo begint de expositie met haar ­Zelfportret als Jomanda uit 1998, waarop een vrouw in een paars-achtige jurk staat. De verwijzing naar Jomanda, het toen zo populaire genezende medium uit Tiel, is niet meteen duidelijk. De vrouw heeft haar handen niet zalvend omhoog, het enige dat opvalt, zijn de vele bloemen en ornamenten op de achtergrond.

Niet alles blootgeven

“Het werk moet niet alles blootgeven”, vertelde Kensmil dit voorjaar in Trouw. “De toeschouwer moet worden uitgenodigd tot een denkbeeldig gesprek met het schilderij, als het af is.” Schilderen is voor haar altijd een worsteling, een eindeloos schaven en verbeteren. Maar ze móet wel: als ze een tijd niet schildert, merkt ze dat het mentaal slechter met haar gaat.

In Amersfoort is te zien dat Kensmil vanaf het begin groot schilderde, haar doeken zijn altijd minstens anderhalve meter breed en hoog. Haar fascinatie met de portretten van machthebbers begon al vroeg – ze lijkt zichzelf in een van haar eerste zelfportretten een Beatrix-kapsel te hebben toegeëigend.

Historische figuren komen even later ook direct in beeld. Zoals bij Tsar uit 2006, een schilderij van twee bij twee meter, gebaseerd op tsaar Nicolaas II en Alexandra Romanov, het laatste tsarenpaar van Rusland. Op het schilderij zit een gezelschap geposeerd bij elkaar, ze kijken de schilder, ons, aan. Alsof wij, de kijkers, ook even stil moeten houden.

Dit tsarenechtpaar was wanhopig, ze kregen alleen maar dochters en hun enige zoon bleek ongeneeslijk ziek. De monnik Raspoetin moest een oplossing vinden, maar maakte de situatie alleen maar erger. Uiteindelijk werd het hele gezin als gevolg van de revolutie van 1917 vermoord.

Tsar van Natasja Kensmil uit 2006, olieverf op linnen, 200 x 200 cm. Beeld G. J van Rooij
Tsar van Natasja Kensmil uit 2006, olieverf op linnen, 200 x 200 cm.Beeld G. J van Rooij

Op Kensmils schilderij werken de witte strepen van de jurken verwarrend, alsof de jurken eruit gelicht worden. Groen en rood zijn nog duidelijk aanwezig, maar het donker overheerst al. Het is of je naar een ingebrande foto kijkt, maar wel een met reliëf: de klodders verf bubbelen onder de afbeelding.

Materie!

“Materie, materie!”, zei Karel Appel in 2006, toen hij een doek van Kensmil zag en voelde. Volgens hem zou ze een groot kunstenaar worden. Met portretten van onder anderen koningin Victoria en Albert, Jenny en Karl Marx en de Hollandse regentessen uit de zeventiende eeuw heeft Natasja Kensmil inderdaad haar eigen onderwerp gevonden, en haar eigen stijl steeds verder uitgediept.

Met een gelaagdheid en kleurgebruik waarvan het effect bewust niet altijd prettig is, maar waardoor de schilderijen wel beklijven.

Waardoor we opnieuw naar het schilderij kijken, en de historische ­figuren in een nieuw perspectief kunnen zien. En de geschiedenis zo ook met andere ogen bekijken.

Wie is Natasja Kensmil?

Natasja Kensmil (1973) studeerde aan de Amsterdamse Rietveldacademie. Daarna deed ze de Ateliers, een internationaal kunstinstituut in Amsterdam, waar ze zich verdiepte in haar identiteit als zwarte vrouw van Surinaamse afkomst. Haar voorbeelden waren klassieke schilders zoals Henri Matisse en Francis Bacon. De eerste figuren die ze schilderde waren zwarte vrouwen.

In 1998 kreeg ze de Koninklijke Prijs voor Vrije Schilderkunst, sindsdien heeft ze in binnen- en buitenland geëxposeerd. Op 1 november krijgt ze de Johannes Vermeer Prijs, de staatsprijs voor de kunsten ter waarde van 100.000 euro.

Natasja is niet de enige kunstenaar in de familie Kensmil, haar drie jaar oudere zus Iris schildert ook. Iris Kensmil vertegenwoordigde Nederland op de Biënnale van Venetië in 2019, en ze heeft nu een tentoonstelling in Melly in Rotterdam.

Waar is het werk van Natasja Kensmil te zien?

A Poison Tree, de overzichtstentoonstelling van Natasja Kensmil, is tot 9 januari te zien in Kunsthal Kade in Amersfoort.

Ook organiseert het ministerie van onderwijs, cultuur en wetenschap een expositie in de OCW-Etalage, Rijnstraat 50 te Den Haag, tot en met januari 2022.

In het Fries Museum in Leeuwarden is het portret van Albertine Agnes tot 9 januari te zien in de tentoonstelling Icons. De oeuvrecatalogus van Kensmil, A Poison Tree, verscheen bij Alauda ­Publications, € 49,00.

Lees ook:

Creatief tijdens corona: ‘Het lastige is, ik kan niet anders. Ik móet schilderen’

Hoe blijft de kunstenaar creatief? Voor Natasja Kensmil is schilderen altijd een worsteling, corona of niet. ‘Ik ben soms een week, soms een maand met een schilderij bezig.’

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden