Na 22 jaar is er weer een Nederlandse pianist die in zijn eentje een concert in de serie Meesterpianisten geeft

Hannes Minnaar Beeld Simon van Boxtel

Na 22 jaar is er weer een Nederlandse pianist die in zijn eentje een concert in de serie Meesterpianisten geeft. Na Ronald Brautigam zal Hannes Minnaar een solo-recital geven in de beroemde serie in het Concertgebouw. De 34-jarige Hannes Minnaar maakt daarmee zijn droom waar. 

Die ene pianist in de spotlight op dat grote podium in het Concertgebouw, de luisteraars in het donker eromheen: dat heeft een apart soort magie, vindt Hannes Minnaar (34). Toen hij studeerde aan het conservatorium in Amsterdam maakte hij voor het eerst zo’n concert mee. “Murray Perahia speelde toen en opende zijn recital met een partita van Bach. Niemand kan dat beter dan hij, maar ik weet nog hoe vervreemdend ik dat vond. Zo’n intiem klavecimbelstuk in zo’n grote zaal: dat vond ik volstrekt uit zijn verband gerukt.”

Minnaar beleeft sinds hij in 2010 de derde prijs op het Koningin Elisabethconcours in Brussel won een gestaag groeiende carrière. Zondagavond speelt hij zelf in het Concertgebouw. En waar begint hij mee? Met  een partita van Bach, net als Perahia. “Ik kan nu over het bezwaar heen stappen. Bachs eerste partita, die me een lenteochtendgevoel geeft, leek me het juiste stuk om het concert mee te openen. Nu is het aan mij om van de grote zaal een huiskamer te maken, waarin deze muziek past.”

Mijlpaal

In de serie Meesterpianisten van concertorganisator Marco Riaskoff spelen de grote namen uit het concertcircuit: Sokolov, Kissin, Zimerman, maar bijna nooit een Nederlander. Na Ronald Brautigams optredens in 1992 en 1997 kwam dat niet meer voor. Behalve de broers Jussen, die samen een (voornamelijk) quatre-mainsprogramma brachten. Minnaar beschouwt het solorecital dan ook als een bijzondere mijlpaal in zijn carrière.

“Toen ik een klein jongetje was, had ik dit als droom: in een grote zaal, op een grote vleugel, voor veel publiek spelen. Dat leek me wat een pianist deed en dat wilde ik worden. Nu heb ik inmiddels wel vaker in een grote zaal gespeeld, maar de Meesterpianistenserie is wel de overtreffende trap.”

Hij heeft lang nagedacht over wat hij zou spelen. “Vanaf het begin kwam de ‘Prélude, Aria et Final’ van César Franck als diepe wens bij me op. Daar voel ik me erg mee verbonden sinds ik die op mijn achttiende voor het eerst op cd hoorde. Vooral aan het einde van de aria zit een stukje waardoor ik gewoon bedwelmd word.”

Beethovens ‘Eroicavariaties’ (“Een themaatje van niks, maar dan buitelen de variaties over elkaar heen’) zette hij ertegenover. En omdat hij met Bach begon, wilde hij ver in de twintigste eeuw eindigen. “Je kunt niet doen alsof er na de Romantiek of na Debussy en Ravel niets meer gemaakt is, vind ik.” 

Religieuze extase

Het werd Olivier Messiaen. Uit zijn ‘Vingt Regards sur l’enfant-Jésus’, zelden gehoord op recitals, speelt hij drie delen. “Die muziek is zo overweldigend, het is eigenlijk schaamteloze religieuze extase. Maar dan op een eerlijke, naïeve manier gedaan. Vooral ‘Regard de l’Esprit de joie’, waar ik mee eindig, geeft een vreugde weer die aan dronkenschap grenst.” Moeilijke muziek? “Welnee, ik vind het juist toegankelijk. Wat hij wil uitdrukken voel je als luisteraar direct aan.” 

Wordt hij een beetje bevreesd bij het vooruitzicht in die grote zaal te spelen of werkt het inspirerend? Minnaar: “Toen ik het net had gehoord, vond ik het spannend. Maar nu ik me goed heb voorbereid, reken ik op inspiratie. Wat zo magnifiek is aan deze zaal, is dat het publiek best dichtbij zit. Ik heb er pianoconcerten gespeeld en dan kon ik de gezichten van de mensen zien. Dat geeft me altijd een positief gevoel.”

Hij kan in elk geval zeker zijn van een goed instrument. “Ja, maar toch blijft het afwachten. Op een andere vleugel kan een stuk helemaal veranderen. Een vleugel met een warme klank brengt een ander stuk voort dan een briljante Steinway. Ik probeer het concert samen met het instrument te geven. Ik heb natuurlijk wel een beeld van hoe ik het ga doen, maar pas me aan het karakter van het instrument aan.”

Hannes Minnaar speelt zondagavond 7 april in het Concertgebouw in Amsterdam. www.meesterpianisten.nl

Lees ook:

Voor Hannes is het nooit goed genoeg

De pianist Hannes Minnaar, die morgen de Nederlandse Muziekprijs krijgt, ontroert door de diepgang van zijn spel. Trouw vroeg naar zijn geheim bij collega’s, leraren en familie.

‘Je voelt je klein als je Beethoven speelt’

Het Van Baerle Trio neemt alle pianotrio’s van Beethoven op, de ideale manier om deze componist van binnenuit te leren kennen. Trouw ging mee naar de studio. ‘We begrijpen steeds beter hoe revolutionair Beethoven was.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden