Het beste van 2020Pop, jazz, wereldmuziek

Muziek kon in 2020 niet intiem genoeg: wie gehoord wilde worden, moest niet schreeuwen maar fluisteren

Billie Eilish Beeld Reuters
Billie EilishBeeld Reuters

Fluisteren, smakken en ademen. Muziek kon in 2020 niet intiem genoeg zijn. De trend die Billie Eilish eerder al inzette, kreeg volop navolging. 

Opmerkelijk moment in ‘Roses’, het nummer van de Amerikaanse rapper Saint Jhn dat in de remix van de Kazachse dj Imanbek uitgroeide tot een van de grootste hits van dit jaar. Na ongeveer veertig seconden begint overduidelijk de opbouw naar de drop (een fenomeen dat populariteit vergaarde in de housescene en overwaaide naar hiphop en pop). Meestal – ook hier – bestaat­­ zo’n opbouw uit een snaredrum of een enkele noot die steeds sneller wordt gespeeld en op die manier naar een climax toewerkt. Over het algemeen volgt dan een korte stilte of een inwisselbare kreet als ‘drop the bass’. Daarna gaan alle remmen los.

Zo niet bij ‘Roses’. In plaats van de gebruikelijke ontlading volgt na de opbouw het meest serene gedeelte van het nummer. Twee maten lang hoor je slechts een zachte ratel, luidende klokken, iets wat op geklop lijkt en een stem die op samenzweerderige toon zingt: ‘And I know you won’t tell nobody, no’.

Dan gaat het nummer verder waar het gebleven was, maar het draait nu even om die twee maten; ze zijn exemplarisch voor 2020. In het afgelopen muziekjaar legde de opzwepende beat het af tegen intimiteit en kalmte. Zowel de toonaangevende lijst met beste albums van muziekblad Oor als de jaaroverzichten met meest beluisterde hits staan vol met rustige muziek.

Spotify-categorieën chill en relax gingen door het dak

Vanzelfsprekend heeft dat met de unieke omstandigheden te maken. Streamingdienst Spotify merkte tijdens­­ de eerste lockdown in maart direct een verschil in luistergedrag. Afspeellijsten in de categorieën ‘chill’ en ‘relax’ gingen door het plafond, terwijl de dans­vloervullers stof vingen. Maar deze ontwikkeling is al langer aan de gang. De corona-pandemie heeft de boel hooguit in een stroomversnelling gebracht.

Op haar vorig jaar verschenen album ‘When We All Fall Asleep, Where Do We Go?’ liet zangeres Billie Eilish een voorliefde blijken voor audiotrends die voortkomen uit ASMR-filmpjes. YouTube staat er vol mee: video’s van fluisterende mannen en vrouwen, die met hun nagels tikken, over objecten wrijven of domweg hun bord leegeten; geluiden die je, indien je er gevoelig voor bent, aangename tintelingen kunnen bezorgen.

Het werkt veruit het beste wanneer je via een koptelefoon luistert. En daar zit de crux: iedereen loopt tegenwoordig heel de dag met oortjes in. De muziek van Billie Eilish lijkt ervoor uitgevonden.

Hoewel de Amerikaanse zangeres zeker niet de eerste was die, al dan niet bewust, ASMR met pop verenigde, lijkt het erop dat ze haar collega’s wakker heeft gefluisterd. Luister maar eens naar ‘Blue & Grey’, een liedje van het nieuwste album van de populaire Koreaanse popgroep BTS. Het harp-achtige gitaarspel roept beelden op van vallende druppels. Daaroverheen zingen en rappen de bandleden zachtjes en van heel dichtbij in de microfoon. Je hoort niet alleen hun stemmen, maar ook hun ademhaling, het smakken van hun lippen, met een beetje fantasie zelfs het speeksel dat zich in hun monden verplaatst.

Ook Taylor Swift verkoos op haar recente album ‘Folklore’ nadrukkelijk het gevoel van intimiteit boven het gepolijste geluid waar ze zich doorgaans van bedient. Singer-songwriter Phoebe Bridgers maakte diepe indruk met ‘Punisher’, een folkplaat vol details die op een normaal geluidssysteem grotendeels verloren gaan. Ook avant-garde-artiesten als Eartheater en Arca tikken en zuchten er lustig op los. Zelfs in de technowereld zijn producers als DJ Python en Upsammy actief, die eerder uitnodigen tot aandachtig luisteren dan tot uitbundig dansen. Stuk voor stuk oogsten ze lof.

Aan de gebruikelijke schreeuw om aandacht had een artiest niets in 2020. Wie gehoord wilde worden, moest er zo zacht mogelijk om vragen.

Beste popalbums volgens Saskia Bosch

1. Phoebe Bridgers - Punisher

Het album ‘Punisher’ van Phoebe Bridgers heeft iets mysterieus. De Amerikaanse singer-songwriter neemt je op haar tweede album mee in een duister nevellandschap. Een landschap waarin je op kronkelige indiepop-paden afwisselend beeldschone en afschrikwekkende dingen ontdekt. En hoe vaker je luistert, hoe meer verrassende details je hoort. Het maakt ‘Punisher’ tot een echte groeibriljant en met afstand de meest intrigerende plaat van 2020.

2. Sam Smith - Love Goes

Dat Sam Smith geweldig kan zingen, hoorden we al op de albums ‘In the Lonely Hour’ en ‘The Thrill of It All’. Toch lag het schmieren soms op de loer, omdat Smith de vocalen vaak dik aanzette. Op ‘Love Goes’ schakelt de Brit een tandje terug. Juist daardoor krijgen de nieuwe songs nog meer impact en is ‘Love Goes’ een plaat om helemaal verliefd op te worden.

3. Eefje de Visser - Bitterzoet

Het vierde album ‘Bitterzoet’ van Eefje de Visser voltrekt zich in donkere klankkleuren maar kent ook heldere kleurflitsen. Ingetogen momenten worden afgewisseld met grootse en extatische songs. De Nederlandse singer-songwriter werkte twee en een half jaar aan dit album en de plaat klinkt met een mix van pop en dance als een prachtige culminatie van haar muzikale loopbaan tot dusver. 

De beste popalbums volgens Frank Hettinga

1. Run The Jewels – RTJ4

Hiphopduo Run The Jewels leverde met het vierde album RTJ4 de snoeiharde en bijtende soundtrack van de Black Lives Matter-protesten. Luister naar de ijzingwekkende teksten van rappers Killer Mike en El-P op oldskool beats. Ze halen het wanhopige ‘I can’t breathe’ aan van de in 2014 door een agent vermoorde Eric Garner in New York. Inderdaad, dezelfde woorden die George Floyd zo vaak herhaalde voor hij werd vermoord. Run The Jewels leert dat er nauwelijks iets is veranderd.

2. Caribou – Suddenly

Dan Snaith, alias Caribou, overtreft zichzelf op zijn achtste album. Op ‘Suddenly’ laat de 42-jarige artiest zien dat hij van alle markten thuis is; alle genres schieten zo’n beetje voorbij: dance, pop, techno, hiphop en soul. Hij knutselde en schaafde aan zijn nummers tot ze laag voor laag kleur kregen, vol verrassende wendingen. In een coronavrije wereld zou de Canadees honderd procent zeker de meest gewilde dance-act op de popfestivals zijn geweest.

3. The Homesick – The Big Exercise

Als eerste Nederlandse band ooit tekende The Homesick vorig jaar bij Sub Pop, het legendarische label uit Seattle, bekend van Nirvana en Soundgarden. In januari bracht de band uit Dokkum zijn tweede postpunkalbum uit met folk- en barokinvloeden op standje adhd. Heerlijk hoe die springerige elektrische gitaarriffs stevig concurreren met een heldere piano, klavecimbel, percussie en akoestische gitaar. Dat hebben ze daar in Amerika goed gezien.

De beste popalbums volgens Klaas Knooihuizen

1. Desire Marea - Desire

Dit jaar brokkelde de hegemonie van de traditionele poplanden verder af. In de Top 40 verwelkomden we nummer 1-hits uit Kazachstan, Zuid-Afrika en Jamaica en op het podium van meest gestreamde artiesten ter wereld stonden een Puerto Ricaan en een Colombiaan. Desire Marea komt uit Kaapstad en is duidelijk van de generatie die opgroeide in muzikale overdaad. Gospel, techno en r&b worden op wonderlijke wijze met elkaar verweven.

2. Clipping - Visions of Bodies Being Burned

Het was ook het jaar dat de ideologische tak van de hiphop ruimte terugveroverde op het hedonistische kamp. De omstandigheden waren er natuurlijk naar: er viel weinig te feesten en de strijd tegen racisme laaide op. De officieuze soundtrack van de Black Lives Matter-protesten kwam van Run The Jewels, maar deze in horrorclichés verpakte aanklacht van Clipping mag er ook zijn.

3. Laura Marling - Song for Our Daughter

Toen Europa in maart op slot ging, besloten de meeste popartiesten hun geplande albums tot nader order uit te stellen. Laura Marling deed het tegenovergestelde: ze slingerde ‘Song for Our Daughter’ de wereld in, terwijl die pas in augustus zou verschijnen. Haar intiemste album tot nu toe, opgedragen aan een fictieve dochter, bood troost in roerige tijden.

De beste wereldmuziek-/jazzalbums volgens Mischa Andriessen

1 Tineke Postma – Freya 

Bij een ongewoon jaar past een ongewone best-off: drie platen die de pech hadden te verschijnen toen vrijwel niemand er oog voor had en het ook niet tot een recensie kwam. Zoals het uitmuntende ‘Freya’ waarop saxofonist Tineke Postma met een Amerikaanse droomband muziek creëert die het perfecte midden vindt tussen intellect en emotie, en tussen formidabele techniek en onverbloemd spelplezier. En wat een uitdagende composities!

2 Kaja Draksler Octet – Out for Stars

Magnifieke muzikale vertaling van natuurgedichten van Robert Frost. De melodieën op zich zijn het al waard om keer op keer op keer te worden gehoord, maar totaal intrigerend is het contrast dat met name blazersduo Ada Rava en Ab Baars daarbij aanbrengt. De muziek volgt een grillige logica die je kunt genieten, maar nooit helemaal begrijpen. Precies als de natuur zelf.

3 Reijseger Fraanje Sylla – We Were There 

De stem van Molla Sylla is als een welgemikte dartpijl naar het hart. Ze vormt het middelpunt van muziek die mede door het evenzo persoonlijke spel van cellist Ernst Reijseger en pianist Harmen Fraanje vanaf de eerste tel een wereld schept die geheel eigen is en waar je als luisteraar zo lang mogelijk wilt blijven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden