Vandaar dit boek

Musicoloog Thiemo Wind: Anton Kersjes was een dirigent die nieuwe luisteraars bereikte

Anton Kersjes in 1991: het publiek hield van hem en Kersjes voelde zich nergens te goed voor.

Trouw vraagt schrijvers wekelijks naar hun drijfveren achter het schrijven van een boek. Deze keer: Thiemo Wind (1961), musicoloog en muziekpublicist.

Als kind zat ik met mijn ouders in het Concertgebouw, begin jaren zeventig, bij de zogeheten Albert Heijnconcerten, een samenwerking tussen het Amsterdams Philharmonisch Orkest en de supermarktketen. Je kon spaarzegels inwisselen voor een concertserie, een geweldige formule, de zaal zat altijd vol.

Het stemmen van het orkest vond ik een magisch moment: de hoboïst blaast een a en de musici nemen die toonhoogte over. Dat instrument, de hobo, moest en zou ik ook gaan bespelen. De dirigent die een praatje hield voor het publiek en iets over de muziek vertelde was Anton Kersjes, ‘de plaatselijke dirigent van Amsterdam’, zoals hij zichzelf typeerde.

Mensenman

Bij het schrijven van dit biografische portret realiseerde ik me dat Kersjes ook op mij van grote invloed is geweest - wie weet hoe anders mijn leven was verlopen als ik hem niet had meegemaakt, misschien was ik dan wel helemaal niet in de muziek terechtgekomen. Kersjes heeft een belangrijke rol gespeeld voor velen en nieuw publiek de zaal binnengekregen.

Anton Kersjes had een veelbewogen carrière. Hij volgde een volstrekt eigen pad, begon als violist, dirigeerde het bioscooporkest in Tuschinski, heeft talloze balletten begeleid, voerde symfonisch werk uit en gaf les. En bij alles gold: het publiek hield van hem. Kersjes had een groot hart, heeft zich nooit ergens te goed voor gevoeld. Zijn studenten beschouwde hij als jongere collega’s, en de luisteraars vertelde hij graag over de muziek die ze gingen horen. Hij was een mensenman.

Eigenlijk is dit biografische portret niet alleen een verhaal over Kersjes, maar ook over de pianist en orkestdirecteur Jan Huckriede. Hij liep rond met het plan een orkest op te richten. Hij zag Kersjes in Tuschinski de jonglerende artiesten begeleiden voor aanvang van de film, en dacht: die moet ik hebben. En zo gebeurde het. Kersjes heeft dertig jaar lang als vaste dirigent voor Huckriedes in 1953 opgerichte Kunstmaandorkest gestaan - het orkest was gelieerd aan het festival dat Amsterdamse Kunstmaand heette. Na verloop van tijd werd het gezelschap omgedoopt tot Amsterdams Philharmonisch. Het verhaal over deze directeur en deze dirigent leest als een spannend jongensboek.

Beide mannen stonden aan de wieg van een nieuw tijdperk in de klassieke muziek, ze beleefden een glorietijd vanaf de start van hun samenwerking, na de Tweede Wereldoorlog. Niets leek onmogelijk, geen berg te hoog. Het was een periode van opbouw, en zij grepen hun kans. De extraverte Huckriede had een goede neus voor zaken, en Kersjes, een bescheidener mens, vulde hem aan op artistiek vlak - een gouden combinatie. Alles was erop gericht om een breed publiek de zaal in te krijgen.

Luisteraars

De trein kwam goed op gang. Huckriede schiep de voorwaarden, en Kersjes voerde uit. Het tweede orkest van Amsterdam worden: dat was het streven. Om dat te bereiken, bleek de televisie een perfect medium. Van 1959 tot 1970 zond de KRO meer dan honderd concerten van het orkest uit. Dat was zelden vertoond, een klassiek orkest op de buis. Kijkdichtheid: 1,6 miljoen bij Beethovens pianoconcerten na het achtuurjournaal, ongelofelijk. Kersjes en zijn Kunstmaandorkest werden een begrip, de televisiekijkers wilden de combinatie ook live zien, ze kwamen er speciaal voor naar de zaal.

Het publiek, de musici: bij Kersjes lag altijd grote nadruk op educatie. Het zat al in zijn genen toen hij het bioscooporkest in Tuschinski tot grote bloei bracht. Dat orkest speelde amusementsmuziek, maar Kersjes nam dat volstrekt serieus. Als je de opnamen beluistert: ontzettend goed! Het bioscooppubliek werd ook klassieke muziek voorgeschoteld, George Gershwins ‘Rhapsody in Blue’, ouvertures van Jacques Offenbach; de musici speelden alles, ook als er verschillende acts werden uitgevoerd voor aanvang van de hoofdfilm. Er komen nu mensen op me af die een laaiend enthousiast verhaal beginnen over die voorprogramma’s, kun je nagaan.

Kersjes en Huckriede richtten zich niet op de elite die het Concertgebouworkest gewend was, maar op luisteraars die nog veroverd moesten worden en niet zo vanzelfsprekend de gang naar klassieke muziek maakten. Ook hier kwam een vorm van educatie bij kijken. Kersjes vertelde het publiek over de muziek, en ging iedere keer een stapje verder, koos ieder concert een moeilijker muziekstuk. Zo bouwde hij publiek op, bond hij luisteraars aan zich, iets waar we in deze tijd zo veel van kunnen leren. We hebben nieuw publiek nodig, jonge luisteraars - hoe krijg je die binnen? Alles begint met muziekeducatie, een besef dat later is weggeëbd maar nu gelukkig weer helemaal terug is.

Warm bad

Solisten uit binnen- en buitenland vonden het heerlijk om te komen spelen bij Kersjes en zijn orkest. Volgens de violiste Emmy Verhey kwam je in een warm bad terecht, eenmaal op het podium hielp de dirigent je, je maakte samen muziek, of je nu net kwam kijken of een gevierd solist was. Dat kwam door het karakter van Kersjes. Hij redeneerde ongeveer zo: je moet de dingen doen waar je goed in bent, je moet vooral je eigen pad volgen. Hij dacht niet in termen van concurrentie.

Het Kunstmaandorkest werd dus Amsterdams Philharmonisch en is na een fusie opgegaan in wat we nu kennen als het Nederlands Philharmonisch Orkest, en Anton Kersjes leeft voort in het Kersjes Fonds. Met geld dat de dirigent en zijn vrouw hadden geërfd riepen ze een fonds in het leven. Het kent prijzengeld en beurzen toe aan jong dirigeertalent, violisten en kamermuziekensembles. In de doelstelling komen de echtelieden samen: hij dirigeerde het grootste deel van zijn leven, zij had haar hart verpand aan de kamermuziek. De laureaten zijn stuk voor stuk musici met een eigen verhaal, net als Kersjes. Ze doen bijzondere dingen om hun publiek te veroveren.”

Als dirigent word je geboren - een biografisch portret van Anton Kersjes
Thiemo Wind
Prometheus; 336 blz. € 24,99

Een bekende of minder bekende persoon vertelt wekelijks waarom we een boek écht moeten lezen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden