Wat moeten we zien in... Heerenveen

Museum Belvédère wil landschapsschilder Jaap Min uit de vergetelheid trekken

Jaap Min, Rode-landweg, 1980-81

Elke week kiest Trouw de blikvanger in een museum, die je als bezoeker niet mag missen. Vandaag: de landschappen van Jaap Min in Museum Belvédère in Heerenveen-Oranjewoud.

Kent u de schilder Jaap Min? Nee? Dat mag Han Steenbruggen, directeur-conservator van Museum Belvédère in Heerenveen-Oranjewoud graag horen. Want dan heeft hij een echte ontdekking in zijn museum. Of beter gezegd: een herontdekking. 

Jaap Min (1914-1987) mag dan nu amper bekend zijn, na de oorlog was hij zo’n groot talent dat hij in 1948 op de Biënnale van Venetië mocht exposeren. Maar hij raakte in de vergetelheid toen in datzelfde jaar de rebelse Cobra-kunstenaars de kunstwereld op z’n kop zetten met hun vrije en spontane werk, waarmee ze wilden afrekenen met de ‘burgerlijke’ schilderkunst. “Door de nieuwe tijdgeest is Min toen volledig overschreeuwd”, zegt Steenbruggen. “Toch is hij tegen alle moderne stromingen in door blijven schilderen in zijn eigen expressionistische stijl. Dat deed hij met het geloof en vertrouwen dat zijn werk ooit wel gezien zou worden.”

Kloek en aards

Zover is het nu eindelijk. Dit weekeinde opende in Museum Belvédère het eerste grote museale overzicht van Min. Hij verdiende zijn geld met het maken van toegepaste kunst – fresco’s, glas-in-lood – voor katholieke kerken. Maar zijn passie lag bij het Noord-Hollandse landschap rond Bergen, waar hij zijn hele leven woonde en werkte, met uitzondering van zijn studiejaren aan de Rijksacademie in Amsterdam. 

In de jaren negentig zag Steenbruggen, die toen nog als conservator in het Groninger Museum werkte, voor het eerst een schilderij van Min in Museum Kranenburgh in Bergen. Hij kon zijn ogen niet afhouden van de ‘bestorven kleuren en geprononceerde kwaststreken’. Sindsdien is hij ‘verslaafd’ aan Mins werk.  

Kloek en aards, zo zou je de stijl van Min kunnen omschrijven. Zijn schilderijen ogen vrij donker, maar door de ongewone kleuren, zoals rood voor de wegen, nodigen ze uit om eens lekker rond te banjeren tussen de koeien, sloten en bomen. Het ging Min niet om een natuurgetrouwe weergave van het polderlandschap. De essentie ervan wilde hij overbrengen, de sensatie van het licht en de kleuren, de weidsheid en de verte. Daarvoor moet je het landschap door en door kennen. Min was geworteld in de paar vierkante kilometers rondom zijn huis die een leven lang zijn bron van inspiratie waren. Het is alsof hij met de kwast het verflandschap heeft geploegd. 

Jaap Min, Wat zich schildert tussen polder en duin, t/m 22 september in Museum Belvédère, Heerenveen-Oranjewoud.

Wat moeten we zien in...

Elke week beschrijft Trouw een kunstwerk of museum dat u niet mag missen. Eerdere afleveringen van ‘Wat moeten we zien in...’ leest u hier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden