Reportage Afscheidsconcert Mozes and the Firstborn

Mozes and the Firstborn stopt: ‘Een laagconjunctuur voor de rockmuziek’

Het laatste concert van rockband Mozes and the Firstborn in De Effenaar. V.l.n.r. Raven Aartsen, Ernst-Jan van Doorn en Corto Blommaert. Beeld Ton Toemen

De succesvolle rockband Mozes and the Firstborn is na negen jaar gestopt. In een dampende Eindhovense zweethut gaven ze zaterdag hun afscheidsconcert. “De golf van garagerock is een beetje gaan liggen.”

 Met tranen in de ogen leest zanger Melle Dielesen een brief voor aan de bandleden van Mozes and the Firstborn, geschreven door hun vriendinnen. “Voorlopig is ‘Mozes’ nog helemaal niet dood, op zijn minst vereeuwigd in het beloofde land ergens op een berg. En dus laten we de condoleances nog even links liggen. Gefeliciteerd met het vette avontuur, sterkte met het verlies en veel ­plezier met de nieuwe fase.”

Mozes and the Firstborn geeft deze zaterdagavond in de Eindhovense Effenaar een afscheidsconcert. Na negen jaar is het tijd om te stoppen. Voor de gelegenheid is de knalblauwe kleedkamer door de vriendinnen omgetoverd in een museum over de band. Er hangen foto’s van de muzikanten op de muren en ramen, aan waslijnen en in het toilet. Op tafel staan hun favoriete toersnacks en -drank uitgestald: kaas- en uienchips, noodles, juttersbitter, wodka, kaasjes en alcohol-vrij bier voor de chauffeur.

‘Mozes’ was dit decennium een van de populairste rockbands van Nederland en zonder meer de beste in hun genre: jarennegentiggaragerock, naar voorbeeld van Guided by Voices en Weezer. Voor de minder ingevoerden: smells like Nirvana. ­Gitaarliedjes met meebrulrefreinen, gezongen door de kleine, maar o zo brutale frontman Dielesen.

Hip Amerikaans label

In januari bracht de band nog een goed ontvangen derde plaat uit: ‘Dadcore’. Onder contract bij het hippe Amerikaanse label Burger ­Records toerden ze vaker in Verenigde Staten dan in Europa, met begin dit jaar nog 29 optredens in evenveel Amerikaanse steden, waaronder Atlanta en Columbus.

Verbazing alom dus toen de Eindhovense band in september aankondigde te stoppen. Ook hun voormalige producer Michel Schoots, die tijdens het avondeten in de kantine is aangeschoven, tast in het duister. Boven een bord vol rendang en gadogado: “Waarom gaan jullie nou eigenlijk uit elkaar? Is er iets heel ergs gebeurd?”

“We hadden meer verwacht van onze derde plaat”, zegt gitarist Ernst-Jan van Doorn. Hoewel radiostations de single ‘Sad Supermarket Song’ vaker draaiden dan alle voorgaande hitjes, had Mozes een relatief rustige festivalzomer. Pinkpop, Lowlands en Best Kept Secret stonden niet in de rij. Van Doorn lacht. “En dan sta je dus op festivals als Lulboompop.”

Laagconjunctuur

Bassist Corto Blommaert ziet ‘een laagconjunctuur in de rockmuziek’. “Met goede nummers en super veel spelen alleen kom je er niet meer. Ik was laatst in het Skatecafé in Amsterdam op een hiphopavond. Nou, de energie die daar hing, die hadden wij in het begin weleens bij onze concerten. We hebben in 2013 erg geluk gehad dat de garagerockscene opnieuw werd ontdekt en ons omhoog stuwde. Die golf is weer een beetje gaan liggen.”

Andere Nederlandse rockbands die samen met Mozes opkwamen, zoals John Coffey, Death Alley en Taymir zijn al eerder gestopt. En terwijl hiphopartiesten als Frenna, Lil’ Kleine en Ronnie Flex kunnen bogen op miljoenen en miljoenen streams op Spotify, tikt een hit van Mozes de 750.000 aan. 

Eens zal er weer een hoogconjunctuur aanbreken voor rock, gelooft Blommaert. “Jonge mensen zullen altijd die gitaar blijven oppakken. Zodra rock weer een niche wordt en minder… een ouwelullengenre, dan wordt het vanzelf weer aantrekkelijk en spannend.”

De bandleden geven elkaar een knuffel voorafgaand aan het laatste concert in De Effenaar. Beeld Ton Toemen

De band wil naar niemand dan zichzelf met de beschuldigende vinger wijzen. Het besluit van drummer Raven Aartsen, anderhalf jaar geleden, om te gaan werken aan een solocarrière in Los Angeles is misschien wel de belangrijkste ‘stop­reden’. De heilige viereenheid viel uit elkaar, zegt Van Doorn. Jesper Albers, drummer bij de Paceshifters, volgde hem op. Vanavond zullen de twee elkaar afwisselen.

Van Doorn: “Je spreekt als het ware af dat je voor altijd met z’n vieren bij elkaar blijft, maar dat is dan niet meer zo. En dan ga je zelf ook kijken wat er nog meer te doen is.” En dus speelt de gitarist nu ook in de Nederlandse band Mark Lada’s Golden Arches en is Blommaert eindredacteur bij de Volkskrant.

Het is moeilijk om te leven van de muziek als vierkoppige band. Zeker als levensbehoeften veranderen; de mannen zijn inmiddels begin dertig. “Jarenlang kregen we maar 200 euro per maand uit de band. Hoe kun je dan rondkomen? Door bij je ouders thuis te wonen en met dat beetje studiefinanciering. En lang is dat oké, omdat de band prioriteit nummer een is.”

Rupsje-nooit-genoeg

Maar een band verandert volgens Blommaert al snel in een rupsje-nooit-genoeg. “De gestelde doelen na het uitbrengen van het eerste album in 2013 zijn allemaal makkelijk gehaald, maar als je dan de eerste keer Amerika hebt gehad, moet het nog groter. Heel vermoeiend is dat. Ook als je wél veel geld zou verdienen. Als ik hier had gestaan in Gucci-maatpak met drie personal ­assistants was het nog niet genoeg geweest. Dan had ik toch nog die tour op de maan gewild.”

Als de zaal is opgewarmd door het voorprogramma, is het bijna de beurt aan Mozes. Rond half tien verlaten de vrienden en vriendinnen de gezellige kleedkamer op de vijfde etage van de Effenaar. Nog één keer draaien de bandleden keihard ‘Just Can’t Get Enough’ van Depeche Mode. Ze hossen rond, ­atten flesjes Flügel. De gitarist trekt een schoon shirt aan en zet een cowboyhoed op. Drummer Albers plenst water in zijn gezicht.

Dan is het tijd om naar beneden te gaan. Niet met de lift. Ze pakken de trappen, van de vijfde etage de diepte in. “En nou allemaal de armen breken, allemaal struikelen. Dit is de duivel verzoeken”, zegt Blommaert. Houvast hebben ze ook niet met de sixpacks bier, flesjes water, doosjes Flügel in de handen. Ondertussen stelt Van Doorn nog even een belangrijke vraag: “Zijn alle gulpen dicht?”

Echt het laatste concert

Pal achter de podiumgordijnen houden de vijf muzikanten halt voor een flinke groepsknuffel. Ze kussen elkaar. Slaan elkaar op de bovenbenen. Dan stapt zanger ­Dielesen als enige het podium op en zet met zijn akoestische gitaar ‘Scotch Tape’ in.

De rest kijkt in het donker toe tot ook zij op mogen. Blommaert krijgt het te kwaad. Dit is écht het laatste concert, beseft hij. Zeker als Dielesen de treffende tekst zingt: “You should save for something better. You should save for something new. You should save ’cause this is shattered.”

Voor ‘Bloodsucker’ drukt Blommaert het publiek op het hart: “Dit is voorlopig de laatste keer dat we dit nummer spelen. Dus geef alles wat je hebt!” Waarvan akte. De Effenaar verandert in een dampende zweethut vol crowdsurfers, stage­divers en moshpits. Werkelijk niks is nog veilig: brillen, petjes, glazen bier, op maat gemaakte oordoppen. En autosleutels, zo blijkt. De bassist houdt ze omhoog en smijt ze links in de hoek van het podium, voor de rechtmatige eigenaar, af te halen na de show.

Even na middernacht, na maarliefst tweeënhalf uur garagerock, gegoten in 28 songs, neemt Dielesen het woord. “Leuk dat jullie er allemaal zijn – aan de andere kant is het ook verdrietig. Ik vind het best moeilijk om hier te staan vanavond. Ik houd van deze drie gasten op het podium. Het zijn mijn allerbeste maten.” Als toegift zetten ze het nummer ‘Down With the Band’ in: een ode aan de vriendschap.

Lees ook: 

In Nashville zoeken de Dawn Brothers het beloofde land

Doorbreken in de Verenigde Staten: welke band wil dat niet? De Dawn Brothers beproefden in Nashville voor het eerst hun geluk in Amerika. Trouw reisde met ze mee. Ze blijven er Rotterdams-nuchter onder. ‘Joh, hebben ze hier allemaal kapsones dan?’

Waar komen al die rappers ineens vandaan?

Nederlandse hiphop is groter dan ooit. Maar wie doet ertoe in de scene? Muziekrecensent Klaas Knooihuizen geeft een korte cursus voor lezers die de draad kwijt zijn. Waar komen al die rappers ineens vandaan?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden