Milo Rau toont de gruwelijke werkelijkheid in het theater

Beeld uit de voorstelling ‘La Reprise: histoire(s) du théâtre I’ van regisseur Milo Rau. Beeld Michiel Devijver

Vergeet de theatertraditie, Milo Rau wil actuele, waargebeurde verhalen op het toneel laten zien. De regisseur zoekt naar de open wonden van een maatschappij. Het Amsterdamse theaterfestival Brandhaarden wordt dit jaar aan hem gewijd.

De klap komt pas later, als midden in de nacht de beelden van de voorstelling ‘La Reprise’ weer boven­­ komen. Gelukkig, het was maar theater, is de eerste opluchting. Maar dan: nee, het is echt gebeurd! 

Theater dat bij de kijker inslaat als een bom, het is het handelsmerk van de Zwitserse regisseur Milo Rau. Zijn voorstellingen veroorzaken bijna altijd maatschappelijke opwinding, boosheid of euforie. Dat is nadrukkelijk ook zijn bedoeling. Met een scherp mes peutert hij in de open wonden van een samenleving. 

Inmiddels wordt zijn werk wereldwijd opgemerkt. Internationaal Theater Amsterdam wijdt dit jaar het festival Brandhaarden aan Rau, omdat hij politieke en sociale thema’s agendeert, die ‘veelzeggend en relevant’ zijn. Hoe komt het dat zijn voorstellingen zo’n impact­­ hebben? 

‘La Reprise. Histoire(s) du Théâtre (I)’, waarin een in 2012 gepleegde moord op een Arabische homo wordt nagespeeld, is zo’n voorstelling waar menig bezoeker van wakker zal liggen. Het stuk begint nog relaxed met de audities voor de voorstelling. Amateurs melden zich een voor een en beantwoorden de vragen van de selectiecommissie die zich achter een tafeltje heeft verschanst. Kun je huilen? Durf je op het toneel te kussen? Kun je me slaan? Een cameraman filmt de acteurs van dichtbij, zodat we ons kunnen verbinden met hun verlegenheid, aarzeling of vrolijkheid. Vooral voor de innemende Tom Adjibi, die indien nodig vloeiend nep-Deens en Nep-Benins kan spreken, opent het hart zich.

Doodschoppen

Maar dan gaan ze spelen: hoe de Arabische homo Ihsane Jarfi in 2012 werd vermoord door een stel dronken Belgen die een verjaardag vierden. Van de bar, waar ze dansen en drinken, gaan ze met z’n vieren naar een auto, om op zoek te gaan naar vrouwen. We zien het slaan en stompen, hoe ze hem opsluiten in de kofferbak en op straat doodschoppen, uitkleden, op hem pissen en wegrijden. Drie doodgewone Belgen, die om onbegrijpelijke redenen één nacht door het lint gaan. Verbijsterde ouders, die niet kunnen huilen, de ex-vriend van Ihsane, die probeert te begrijpen waarom dit is gebeurd. En het lichaam van Ihsane dat gemolesteerd wordt. En dat midden in de nacht tussen de dromen door komt spoken.

Bij Rau spelen de acteurs vaak niet een bestaande theatertekst, maar de werkelijkheid. Het is maar theater, denk je dan, maar het doet de toeschouwer veel meer dan een krantenartikel over de zaak. Sommige dingen zijn zo erg dat je je er geen voorstelling van wilt maken. Rau maakt letterlijk een voorstelling van wat er is gebeurd. En omdat je van tevoren de acteurs hebt leren kennen als gewone, aardige mensen, komt de klap dubbel hard aan.

De Zwitser Rau (1977) is sinds dit jaar in België neergestreken, als artistiek leider van NTGent. Het gezelschap was de afgelopen jaren dood aan het bloeden, maar door Rau zijn alle ogen er weer opgericht. België was wel toe aan opschudding, vindt Rau. Want het land worstelt met een problematisch verleden én heden. Dat geldt trouwens ook voor Nederland met zijn oorlog in Nederlands-Indië, bracht hij deze zomer naar voren, toen hij in Den Bosch repeteerde voor de voorstelling ‘Compassie’. Nederland is gewaarschuwd.

Beste voorstelling

Rau heeft een voorkeur voor crisismomenten in de geschiedenis en zette in België al een paar pijnlijke maatschappelijke herinneringen op het toneel: de voormalige Belgische kolonie Congo (In ‘Compassie’ en ‘The Congo Tribunal’), Belgische Syriëgangers (‘The Civil Wars’) en de affaire Dutroux (‘Five easy Pieces’). La Reprise toont de ingewikkelde verhouding van Belgen met vreemdelingen, zoals homo’s en moslims. Het is zijn beste voorstelling tot nu toe, vindt ook Rau zelf. Belgische en Nederlandse media waren lyrisch, het werd afgelopen zomer uitgeroepen tot beste stuk van het Theaterfestival in Avignon, the New York Times nam het stuk op in de lijst met beste Europese voorstellingen van 2018.

Rau studeerde sociologie en begon zijn werkzame leven als journalist. Hij schreef jaren vanuit Noord-Irak en Syrië. Zijn vader was trotskist, om hem te begrijpen leerde hij zichzelf vanaf zijn twaalfde Russisch om Lenin te kunnen lezen. Omdat hij in zijn jeugd talloze malen verhuisde en steeds een nieuwe school en vriendengroep moest vinden, interesseerde hij zich al vroeg voor groepsprocessen werken. Groepsdruk, groepsgeweld, dat boeit hem.

Vanaf 2013 koos hij ervoor zijn journalistieke werk om te zetten in theater. “Een kunstenaar telt niet mee, die laten ze doen”, legde hij in een interview uit. Journalisten en politici krijgen die ruimte veel minder. Documentair theater wordt zijn werk wel genoemd, want de werkelijkheid van vandaag de dag is zijn uitgangspunt. Dus geen voorstellingen op basis van repertoireteksten van Shakespeare en Tsjechov of weer een boekbewerking. “Ik denk dat we niet alleen karaoke moeten doen, maar onze eigen muziek moeten creëren”, zei hij daarover. Binnenkort neemt hij alsnog de ‘Oresteia’ van Aeschylos op het programma. Maar die plaatst hij dan wel in Mosul, de Iraakse stad, waar zich net zo’n drama heeft afgespeeld als in de Trojaanse oorlog.

Rau’s theatertaal is snel te herkennen. Vaak begint het stuk met de buitenkant van het stuk. De casting van de acteurs wordt op het toneel nagespeeld, de acteurs vertellen daarbij over hun leven, dat soms is verweven met het actuele onderwerp. Voor La Reprise werkt Rau deels met amateurs, een van hen komt uit dezelfde buurt en heeft hetzelfde beroep als de moordenaar die hij speelt. In ‘The Dark Ages’ over de Joegoslavische burgeroorlog, vertellen de acteurs eerst wat zij hebben meegemaakt in die oorlog. Op het toneel vermengt zich zo het ‘daar en toen’ met het ‘hier en nu’. Wegkijken, omdat het maar toneel is, kan dus niet. De kerngedachte van theater dat het magie is, dus fictief en irreëel, draait hij de nek om.

Naaktscènes

Een andere aanpak van Rau is het inzetten van naïeve acteurs. Rau liet ‘Five Easy Pieces’, het stuk over kindermoordenaar Dutroux, spelen door kinderen. In ‘Die 120 Tage von Sodom’ spelen acteurs met een geestelijke beperking de gruwelijke film ‘Salò’ van Pasolini na. Inclusief naaktscènes, geweld en kruisiging. Natuurlijk levert dat geheid ophef op. Het is de vraag of hij dat erg vindt.

In zijn vaak gewelddadige stukken staat veelal de positie van de kwetsbare mens centraal, of dat nu de gehandicapte, de vluchteling of de non-professional is. En zelfs de witte, bevoorrechte, goedwillende buitenstaander in ‘Compassie’, die door niets te doen medeverantwoordelijk is geworden voor wandaden, blijkt uiteindelijk een kwetsbare, tragische figuur. “Als je zulk geweld ziet, begrijp je een beetje hoe het werkt, en leer je dat iedereen ‘het kwaad’ kan zijn”, zegt hij.

De esthetiek is bij hem ondergeschikt aan de noodzaak van het verhaal. Maar in zijn voorstelling ‘Lenin’, waarin de laatste dag van Lenins leven wordt getoond, toont hij met een glimmende samowar, porseleinen theekopjes en prachtige kostuums wel degelijk oog te hebben voor schoonheid. Ook ‘Lam Gods’, zijn hedendaagse uitvoering van het vijftiende-eeuwse schilderij van Jan van Eyck, kent prachtige plaatjes. Schoonheid in de vorm van klassieke muziek, van Bach tot Barber, gebruikt hij vaak in de gruwelijkste scènes.

Ondanks de nadruk op documentair theater spelen vorm en schoonheid dus wel een rol in zijn werk. Maar daar gaat het hem niet om. “Ik ben altijd activist gebleven, laten we het conflict opzoeken”, luidt zijn stelregel. Daarmee heeft hij een uitgesproken en opvallend profiel, waarmee hij nieuwsgierigheid wekt. 

Zijn komst naar Gent heeft de samenstelling van het theaterpubliek nog niet veranderd. Het overgrote deel van de mensen dat op La Reprise is afgekomen is van het soort dat je altijd in theaters ziet: hogeropgeleid, in goeden doen, een tikkeltje artistiek. Zoals altijd is bijna een derde van het Gentse publiek onder de 26 jaar, door de goede contacten met scholen. Ondanks zijn gedrevenheid is Rau nuchter genoeg om in te zien hoe het werkt. “Ik verander de wereld niet met een toneelstuk. Nou ja, misschien een beetje met La Reprise.”

Festival Brandhaarden

Op het festival Brandhaarden, dat jaarlijks twee weken lang eigenzinnige­­ theatermakers uit het buitenland aan Nederland voorstelt, staat deze keer Milo Rau centraal. Zes van zijn voorstellingen zijn er te zien: ‘Lam Gods’, ‘La Reprise: histoire(s) du théâtre (I)’, ‘Empire’, ‘Five Easy Pieces’, ‘120 Days of Sodom’, ‘Lenin’. 29 januari zal Rau zelf op het toneel spreken over zijn werk. Brandhaarden vindt plaats in de Amsterdamse Stadsschouwburg en duurt van 24 januari tot 6 februari. www.ita.nl

Lees ook: 

Schaap en jihadist zijn welkom in het Lam Gods van Milo Rau

Waar Milo Rau neerstrijkt is de controverse nooit ver. Voor zijn openingsvoorstelling ‘Lam Gods’ vroeg de nieuwe artistiek leider van NTGent voormalig Syriëstrijders om te komen auditeren. ‘De parallel tussen de kruisvaarders van toen en de jihadisten van nu is zo voor de hand liggend. Daar móeten we over praten.’

Theater in zijn meest onthutsende vorm

De recensie van ‘Five Easy Pieces’ van Milo Rau. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden