In memoriamMichel Piccoli (1925-2020)

Michel Piccoli (1925-2020) was een acteur van superlatieven

Michel Piccoli in 2007, met de in Locarno gewonnen trofee voor beste acteur in de film 'Sous les toits de Paris'.Beeld EPA

De vorige week overleden Michel Piccoli geldt als een van de grootsten van de Europese film, een monstre sacré, zoals dat in Frankrijk wordt genoemd.

Michel Piccoli laat inderdaad een filmografie van monsterlijke omvang na: de lijst vermeldt meer dan 200 titels. De kwaliteit van al die optredens was al even indrukwekkend. Zijn oeuvre telt zeker een dozijn klassiekers, waaronder ‘Het dagboek van een kamermeisje’ (1964) en ‘La Grande Bouffe’ (1973).

Piccoli is veel geprezen om zijn elegante, ironische stijl, maar hij bestreek een groot terrein. In de jaren zeventig leek hij zich te specialiseren in getroebleerde of regelrecht perverse figuren. Zo was hij in ‘Themroc’ (1973) een doorgedraaide huisschilder die alleen onverstaanbare kreten liet horen en in ‘Grandeur nature’ (1974) een kaakchirurg die verliefd is op zijn opblaaspop. 

Piccoli ontdekte het toneel toen hij op school een rol kreeg in ‘De nieuwe kleren van de keizer’, het sprookje van Hans Christian Andersen. Een openbaring voor het zwijgzame kind, alsof er voor het eerst naar hem werd geluisterd. Op het moment dat hij zijn ouders – middelmatige muzikanten, naar zijn zeggen – zou vertellen dat hij bij het toneel wilde, brak de Tweede Wereldoorlog uit. Na de bevrijding nam Piccoli acteerlessen en vier jaar later veroverde hij zijn eerste hoofdrol, in een mijnwerkersdrama van de communistische filmregisseur Louis Darquin.

Bekend geworden naast Brigitte Bardot

Het theater had op dat moment de overhand bij Piccoli. Hij speelde in Parijse gezelschappen in avant­gardistische stukken van Samuel Beckett en Eugène Ionesco. Halverwege de jaren vijftig sloot Piccoli vriendschap met de Spaanse surrealist Luis Buñuel, die hem in zes van zijn films liet spelen. Buñuel zag in zijn jonge kompaan de perfecte ­acteur om de ‘domheid en hypocrisie van de bourgeoisie’, die hij zo graag aanklaagde, gestalte te geven.

Pas in de jaren zestig werd Piccoli bekend bij het grote publiek, vooral door zijn rol in ‘Le Mépris’ van Jean-Luc Godard, waarin de toen al beroemde Brigitte Bardot zijn tegenspeelster was. Deze film bevat een beroemde scène, die om een beetje raadselachtige redenen nog altijd wordt gezien als een cinematografisch hoogtepunt. Bardot vraagt, naakt op haar buik liggend, aan Piccoli of hij haar voeten, kuiten, billen mooi vindt. Piccoli antwoordt steeds bevestigend.

In zijn laatste grote film - ‘Habemus Papam’ van Nanni Moretti uit 2011 - speelt Piccoli een paus die onmiddellijk na zijn verkiezing ten prooi valt aan grote twijfel. De Gouden Palm op het festival van Cannes liep hij mis, maar dat maakte weinig uit. Piccoli ontroerde in zijn rol van een man die ervan is overtuigd dat hij zijn ware roeping is misgelopen.

Michel Piccoli werd geboren op 27 december 1925 in Parijs en overleed op 12 mei 2020 aan de gevolgen van een hersenbloeding.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden