BoekrecensieD

Michel Faber publiceert na lange stilte opnieuw een onweerstaanbare roman

Michel Faber in 2009.Beeld Colin McPherson/Corbis HH

Na meer dan tien jaar is er toch weer een nieuwe roman van de Nederlandse Australiër Michel Faber. In D brengt hij een sprookjesachtige ode aan de 150 jaar terug overleden Charles Dickens.

Soms treft een auteur je niet alleen in zijn werk maar ook in het echt, zoals mij een jaar of negen geleden overkwam met de Australische schrijver van Nederlandse komaf, Michel Faber (1960). We raakten aan de praat op een boekenfestival in Utrecht waar hij te gast was. Faber vertelde over Schotland, waar hij woonde in een oud sta­tionnetje aan de spoorlijn naar het noorden, en over afzondering en ziekte, wat niet vanzelfsprekend was, maar evenmin heel vreemd, gezien het feit dat zijn vrouw Eva erg ziek was en een goede vriend van mij op sterven lag.

Het leidde tot de volgende opdracht voor de vrouw van mijn vriend in een voor haar bestemd exemplaar van Het vuurevangelie. Faber schreef de opdracht deels in het Nederlands, maar eindigde in het Engels: “Hier is een verhaal over… eh… nu moet ik het in het Engels zeggen – About how much we need faith even in these faithless times. I hope it makes you smile, even in times when there seems nothing to smile about”.

Beeld -

Al was de opdracht niet voor mij bedoeld, hij raakte me, omdat ik die ‘smile’ en dat noodzakelijke vertrouwen om door te gaan met leven, juist als alles tegenzit, ook terugzag in zijn op het eerste gezicht vaak ontoegankelijke proza: de ene keer vol horror of sciencefiction, zoals in Onderhuids (2000) en Het boek van wonderlijke nieuwe dingen (2014); een andere keer juist historisch-realistisch zoals in het zich in negentiende-eeuws Londen afspelende Lelieblank, Scharlaken rood (2002).

Michel Faber verloor zijn vrouw Eva drie jaar later, het jaar waarin ook Het boek van wonderlijke nieuwe dingen het licht zag. Het gaat over een predikant die een betere wereld zoekt op een andere planeet, terwijl zijn vrouw achterblijft temidden van alle aardse ellende. Ze proberen vanuit de verte contact te houden en bidden veel voor elkaar, maar uiteindelijk moeten ze elkaar toch loslaten. De laatste zin vormt een echo van de laatste woorden van de evangelist Matteüs, die op zijn beurt Jezus aanhaalt als deze zijn discipelen belooft: ‘Ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld’.

Na die zin werd het stil. Het leek erop of met zijn vrouw Eva ook de romancier gestorven was. Alleen de dichter bleef. Zo verscheen vier jaar geleden zijn eerste bundel Undying, a love story waarin wanhoop en berusting in ontroerende eenvoud samengaan: ‘Accept the situation:/ you’ve lost her. Try not to be/ possessive…’

Een onvoltooide Dickens

Alles wees erop dat het citaat van Christus ook Fabers laatste romancitaat zou zijn. Een gemis, vond ik. Geen schrijver wiens werk zo buitenaards vreemd en tegelijkertijd toch zo gewoon en vertrouwd leest. Geen schrijver ook die zulke wonderlijke verhalen verzint dat je ze wel moet geloven. Of het nu de even mooie als bloeddorstige vampier Isserley was uit Onderhuids (in 2013 verfilmd met Scarlett Johansson), de jonge prostituee en feministe Sugar uit Lelieblank, scharlaken rood of de intelligente, wereldvreemde classicus Theo die in Irak een nieuw bijbelboek ontdekt (Het Vuurevangelie); ze geven je de indruk dat je ze begrijpt en daarmee meteen ook hun sterk afwijkend gedrag van wat in de regel ‘normaal’ gevonden wordt.

Ik miste ze, die vreemde schepsels en figuren – tot afgelopen juni opeens de letter D opsprong: D, de nieuwe roman van Michel Faber was uit!

De aanleiding was bijzonder, zo liet Faber desgevraagd weten vanuit zijn nieuwe huis aan de Engelse zuidkust vlakbij Dover, de plek waar D begint. Eigenlijk had hij geen puf meer om te schrijven, maar toen kwam zijn uitgever met een verzoek dat hij moeilijk weigeren kon: Op 9 juni was het 150 jaar geleden dat Charles Dickens overleed. Of hij niet een bijdrage wilde leveren ter ere van de man en zijn werk. Faber, die zich eind jaren zeventig tijdens zijn studie in Melbourne in Dickens gespecialiseerd had en diens sfeer eerder had opgeroepen in Lelieblank, scharlaken rood stemde toe. Hij dacht direct aan Dickens’ laatste opus: The Mystery of Edwin Drood. Een bizarre onvoltooide roman over de verdwijning van een jongeman in een duistere wereld vol criminelen en opiumsnuivers. Genoeg stof dus, maar hoe verder? En in welke vorm?

Vrouw met hermelijn

Het werd een fairytale, een sprookje, ingefluisterd door een eigen onvoltooid manuscript dat al meer dan 30 jaar onderin de la lag. Dat manuscript heette De vrouw met de hermelijn met de lange staart en ging over een lichtdepressieve lerares van middelbare leeftijd wier leven een vreemde wending neemt wanneer zij er na afloop van de begrafenis van een oud-collega achterkomt dat deze helemaal niet dood is. Ze vindt professor Bennett weggedoken in zijn eigen huis en voor ze het weet wordt ze ingezet voor een geheime zoektocht naar een verdwenen schilderij van Leonardo da Vinci (‘Vrouw met hermelijn’). Spannend, maar verder dan 70 bladzijdes kwam Faber toen niet. Nu, 30 jaar later met Dickens in het achterhoofd, dacht hij: Als we Miriam nou eens vervangen door de dynamische scholiere Dhikilo en de professor door Dickens zelf? Dan wordt het misschien nog wat.

Leonardo da Vinci, ‘De dame met de hermelijn’, (1490)Beeld Corbis via Getty Images

En zo geschiedde. Faber overtreft zichzelf met D als een nieuw licht boek over de teloorgang van de westerse beschaving, die niet weet om te gaan met grote stromen vluchtelingen en de opwarming van de aarde. Hij neemt je mee naar het huidige in zichzelf gekeerde Engeland waar Dhikilo als een moderne Alice in Wonderland opgroeit als wees van haar uit Afrika gevluchte ouders. Maar Engeland is niet Dhikilo’s bestemming. Dat is het Land van Liminus waar ze net als Alice door haar spiegel heengezonden wordt. In dit Liminus vindt ze geen Maartse Haas of Humptie Dumptie; het is een kil en kaal toekomstig universum vol dictators, barbaren en geregistreerde ja-knikkers waar honger heerst en iedereen die afwijkt flink wordt onderdrukt.

Je zou er somber van worden, maar Faber zou Faber niet zijn als hij de lezer niet spoedig opvrolijkt met absurde voorvallen vol wonderlijke details. Zo ontbreekt de titelletter D opvallend vaak in het verhaal tot je erachter komt dat het ding gestolen is. Gestolen door de onderdrukkers van de vredelievende en beschaafde ‘Droods’, nu levend in ballingschap. En gelukkig winnen hoop en liefde het ‘in the end’ dankzij de dappere Dhikilo en haar onooglijke trouwe metgezel en sphinx Nelly het van alle angst en haat. Zoals het een sprookje betaamt, met daarin ook die ene noodzakelijke ‘smile’ die Fabers universum zo onweerstaanbaar maakt.

Michel Faber treedt zaterdag (26/9) op in Utrecht. Info: ilfu.nl

Michel Faber
D Een geschiedenis van twee werelden
Vert. Harm Damsma, Niek Miedema. Podium; 336 blz. € 20,99

Lees ook: 

Verfilming Michel Faber

Met buitenaardse ogen kijken naar onze eigen wereld

Schoonheid op het eind

Pijnlijk precieze gedichten van Schots-Nederlandse schrijver

De papyrusrollen gaan over Jezus!

In zijn hilarische roman over een wetenschapper die een mysterie over Jezus onthult, steekt Michel Faber de draak met het gemak waarmee we leugens en pseudowaarheden aannemen

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden