INTERVIEW

Micha Wertheim wil niet geliked worden

Micha WertheimBeeld Martijn Gijsbertsen

Cabaretier Micha Wertheim (46) heeft nu eens geen radicale voorstelling gemaakt. In ‘Voor Alle Duidelijkheid’ stelt hij zich kwetsbaar op: ‘Ik vind het al moeilijk genoeg om mens te zijn.’

Hoe begin je een gesprek? Dat is met één iemand al moeilijk, zegt Micha Wertheim in zijn nieuwe voorstelling. Laat staan met een hele zaal. Vroeger kon je nog openen met ‘Lekker weer, hè’, maar dat gaat niet meer sinds de poolkappen smelten. Over het nieuws kan de cabaretier zich niet langer opwinden, het is allemaal even voorspelbaar en deprimerend.

Voor de ervaren Micha Wertheim-kijker is ‘Voor Alle Duidelijkheid’ even wennen: hij doet stand-up comedy, een vorm die bij deze grensverleggende cabaretier haast ouderwets aandoet. Al is er wel een vervreemdend decor: een muur die te groot lijkt voor het theater en die hem dicht op zijn publiek duwt. Er duiken ook weer typische Wertheim-verrassingen op. Zo aarzelt hij niet om zijn eigen voorstelling halverwege alvast te evalueren.

Met zijn vorige programma’s deed de cabaretier het theaterstof hoog opwaaien. Vooral ‘Ergens Anders’ (2016) zorgde voor ophef, omdat Wertheim er niet bij aanwezig was. Het publiek moest de voorstelling zelf maken ­samen met een robot, een printer en ­informatie die via een koptelefoon kwam. Het was doe-het-zelf-theater, een bouwpakket. Een nog niet eerder vertoonde stunt die veel critici briljant vonden en anderen woest maakte. Sommige mensen liepen weg, eisten hun geld terug, noemden Wertheim een oplichter. Velen vermaakten zich kostelijk.

Voelde u druk om na Ergens Anders en Iemand Anders (2017) weer iets ­experimenteels te maken?

“Nee”, zegt Wertheim in een ­Amsterdams café. “Dat is nooit mijn doel geweest. Sterker nog: ik was erg verbaasd dat mensen het zo radicaal vonden dat ik zelf niet bij die voorstelling was. Nu realiseer ik het me wel een beetje hoor, ik heb met mensen ­gepraat. Maar toen leek het me gewoon grappig om zelf ergens anders te zijn. Vervolgens dacht ik: dan moet het wél een mooie voorstelling zijn, je moet de mensen wel wat bieden, en toen zijn we dat robotje gaan maken. Zo ontstond Ergens Anders. Achteraf blijkt het dan experimenteel.”

Critici zeiden: Micha Wertheim heeft theatergeschiedenis geschreven, hij heeft het theater radicaal vernieuwd.

“Ja, maar dat was dus nooit mijn doel. Als je vernieuwt om het vernieuwen krijg je het Stedelijk Museum in Amsterdam en dat is een van de saaiste musea van Nederland. Daar denken ze: ‘Kijk, dit is nog nooit gedaan!’ Als ­bezoeker denk je negen van de tien keer: klopt, en daar was een goede ­reden voor.

“De eerste keer dat mensen mij ­experimenteel noemden, was bij mijn voorstelling ‘Voor De Zoveelste Keer’ (2010). Daarin vergiste ik me en deed ik een kwartier lang precies hetzelfde als daarvoor. Ik krabde op hetzelfde ­moment aan mijn neus, ik kon op ­hetzelfde moment niet op een woord komen, er was ook altijd iemand in de zaal die op het juiste moment hoestte, waar ik weer wat van zei. Wat daarvoor zo spontaan leek, bleek dat helemaal niet te zijn.

Beeld Martijn Gijsbertsen

“Ook hierom werden sommige mensen heel boos, maar ik vond het gewoon grappig, omdat je als publiek wéét dat de artiest iedere avond dezelfde voorstelling staat te spelen. Voor mij begint het met een grap en die zit in de verrassing. Ik wil dat mensen rechtop gaan zitten en denken: hè, wat gebeurt er nou?!”

Waar zit in deze voorstelling de ­uitdaging voor u?

“Bij Iemand Anders ben ik voor mijn doen heel open geweest tegen mijn ­publiek. Daar wilde ik mee doorgaan. Gewoon lang en eerlijk met het publiek praten. Dat is best moeilijk: gaan staan of op een stoel zitten en vertellen... Hoe hou je dat spannend?

“Stand-up comedy, als het goed ­gedaan wordt, spreekt mij zo aan ­omdat het iets kwetsbaars heeft: ik sta daar, niet als de alwetende kunstenaar die het ­allemaal wel even zal verklaren, maar als iemand die het al moeilijk ­genoeg vindt om mens te zijn. Het lukt me bij wijze van spreken al niet om mijn schoenen te vinden als ik ’s ochtends naar buiten moet, laat staan dat ik weet waar het naartoe gaat in de ­wereld.”

Deze voorstelling gaat nergens over, zegt u zelf. Eerder noemde u ­geëngageerd cabaret ‘misselijkmakend immoreel’.

“Het is een leuk onderwerp om grappen over te maken. In de jaren ­zeventig had je cabaretiers die het wél allemaal wisten. En nu zijn theatercolleges helemaal in, met bekende Nederlanders die komen uitleggen hoe het zit. Ik word daar ongemakkelijk van. Zelf ga ik naar het theater omdat ik vrede wil krijgen met het feit dat ik juist heel veel dingen niet weet, kan of durf.”

Stand-up is toegankelijk, is dit een ­instapvoorstelling?

“Ja, ook vanuit het idee dat het leuk is om nieuwe vrienden te maken. Het is een poging om meer naar buiten te gaan.

“Ergens Anders en Iemand Anders maakte ik vanuit het idee dat mijn ­publiek mij wel kent. Ik speelde speciaal in kleine zalen en had het geen ­cabaret genoemd. Ik dacht: met hen kan ik intiemer zijn, zoals je met een goede vriend ook meer kunt delen. Met deze voorstelling denk ik ook de mensen die mij nog niet kennen wel te kunnen overtuigen.”

U bent anders niet erg aardig tegen ze. U zegt: ‘Dat jaartje vrij heeft mijn ­affectie voor jullie niet verhoogd.’

“Choqueren was een tijd lang mode in het cabaret, nu is dat bijna niet meer mogelijk. Maar het is in dit sociale­mediatijdperk wel een taboe om te zeggen: ik hoef jullie niet. Er zijn comedians die hun voorstelling besluiten met: je kunt me liken op Facebook en Instagram. YouTubers eindigen daarmee en op tv zie je ook alleen maar mensen die uitstralen: ‘Je vindt me toch wel leuk? Ik wil likes hebben’. ­Volgens mij zijn veel mensen bang om iets te zeggen dat ten koste gaat van hun likeability. Dan vind ik het grappig om dat juist wel te doen.”

Stelt het publiek u in werkelijkheid ­teleur?

“Nee hoor. Voor mij is theater maken alleen maar leuk als ik ervan uitga dat het publiek slimmer is dan ik. Want als het dommer is, sta ik elke avond les te geven en dat zou ik niet volhouden. Ik ga ervan uit dat ik me moet bewijzen tegenover mensen die me wel door hebben. Dus moet ik heel erg mijn best doen.”

In deze voorstelling vraagt u: ‘Hebben jullie je wel een beetje in mijn werk verdiept?’ Vindt u dat het publiek ook z’n best moet doen?

“Ik weet al heel lang dat ik de indruk wek een pedant mannetje te zijn, dat overal theorietjes over heeft en alles beter weet. Dus daar speel ik mee, je moet spelen met wat je hebt. Ik heb ­alleen mezelf als instrument.

“Er heerst een cul­­tuur waarin verwacht wordt dat iedereen voor het ­publiek op de knieën gaat. Als de mensen een kunstwerk of voorstelling niet begrijpen, dan ligt het altijd aan de ­maker en niet aan de kijker. Dat draai ik graag even om.”

U geeft ook uw collega Arjen Lubach ­ervan langs. Wat heeft u tegen hem?

“Allereerst vind ik het heel grappig om tegen iemand in te gaan die mijn ­publiek ongetwijfeld hoog heeft zitten. Dat maakt mij minder sympathiek en dat kan geen kwaad. Zijn programma is vaak leuk en scherp. Maar er zit ook iets ongemakkelijks aan wat hij doet. Satire heeft eraan bijgedragen dat veel mensen denken dat alle politici oplichters zijn. Na zijn uitzending twittert Lubach weleens: het was maar een grap, laten we nou niet met z’n allen vervelend gaan doen tegen die man. Maar er zit een enorme lynchmentaliteit in het publiek, niet alleen bij hem, altijd.

“Daarom hebben we de nihilistische politici die we hebben: zij kunnen op die golf surfen. Trump heeft goed ­gekeken naar de satirische tv-shows waarin hij jarenlang geparodieerd en geroast werd. Nu doet hij hetzelfde bij zijn tegenstanders, het is puur entertainment en het werkt.

“Ik vind het ook leuk om grappen te maken over iemand die jonger is dan ik en populairder. Dat is impertinent, dan komt mijn eigen verongelijktheid naar boven, dan blijkt dat de wereld is veranderd en dat ik niet altijd mee kan met die verandering.” En daar moet Wertheim zelf dus om lachen.

‘Voor Alle Duidelijkheid’ gaat deze week in première in De Kleine Komedie in Amsterdam. Tournee zie www.michawertheim.nl

Lees ook:

In de cello van Micha Wertheim blijkt de familie Decibel te wonen

Ook cabaretier Micha Wertheim stort zich op de cello. In zijn kindervoorstelling neemt hij de wereld van de klassieke muziek op de hak.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden