Review

Met jeugdig elan en durf kom je heel ver

JeugdOrkest Nederland, Claron McFadden (sopraan) olv Jurjen Hempel op 13/8 in de Robeco Zomerconcerten van het Concertgebouw, Amsterdam. Muziek van De Bondt, R. Strauss en Mahler.

Luidruchtig waren de toejuichingen voor het JeugdOrkest Nederland in het Amsterdamse Concertgebouw. Daar beëindigde het orkest voor jongeren tussen 14 en 21 jaar zondagavond de jaarlijkse zomertournee, waarbij ook in het Konzerthaus in Berlijn werd opgetreden. Het Amsterdamse publiek roerde zich dus na afloop luidruchtig, en dat was niet meer dan terecht.

Zorgvuldig opgebouwd kwamen aan het slot de toegiften om die enthousiaste zaal te belonen. Sopraan Claron McFadden, soliste in Mahlers Vierde symfonie, zong een fantastisch ’Summertime’ uit Gershwins opera ’Porgy and Bess’, zwoel en zinderend door het orkest begeleid. McFadden wond er het publiek moeiteloos mee om haar vinger. Toen het enthousiasme daarna nog niet luwde – integendeel –, gingen de veiligheidsgordels opnieuw om en knalden de jonge musici er nog Prokofjevs mars uit ’De liefde voor de drie sinaasappelen’ uit.

Jeugdig elan, durf en overmoed – het levert altijd iets extra’s op in dit soort concerten. Het vergoedt ook vaak ruimschoots het gebrek aan ervaring, klankvorming en dynamische souplesse. Want natuurlijk heeft Richard Strauss’ symfonische gedicht ’Tod und Verklürung’ rijper, dieper-inkervend en stralender in deze zaal geklonken dan zondag het geval was. De vervoering als Strauss ’het ideaal’ in klank omzet, bleef grotendeels achterwege, maar het ’Verklürungs’-begrip is voor jongeren waarschijnlijk veel te abstract. Niettemin kwam wel het gevoel boven dat het zalig moet zijn om te sterven met dit schitterende muzikale thema in de oren. Zóveel maakten orkest en dirigent in ieder geval duidelijk.

Daarvóór overtuigde het orkest met het spiksplinternieuwe ’Quene Note - Double’ van Cornelis de Bondt. Gebaseerd op een 14de-eeuwse melodie, die dirigent Hempel al toelichtend eerst liet horen, schiet het stuk wild uit de startblokken en verliest het een kwartier lang die energie niet. Verspreid door het orkest staande troms zorgen er met fikse klappen voor dat het stuk stevig aan de grond blijft. De klappen golven door het orkest en overstemmen met gemak het drukke ’gedoe’ van het voltallige orkest. Zelfs staand hebben de houtblazers moeite boven het kabaal uit te komen. Wel goede muziek overigens en dat vonden de orkestleden hoorbaar ook.

In Mahlers Vierde symfonie, het meest coherente en geslaagde onderdeel van de avond, bleek hoe goed Hempel aan de klank geschaafd had. De glans op de eerste violen oorde ’professioneel’ en al waren de celli als groep het zwakst, aan het begin van het derde deel revancheerden zij zich goed.

In het eerste deel bleef het ’catastrofe’-moment wat onderbelicht, maar de slotminuten van dat deel waren uitzonderlijk geslaagd. Vooral dankzij een subliem spelende solo-hoornist die de hele avond al zo overtuigend had zitten musiceren. De orkest-toekomst van die jongen zit gebeiteld! McFadden zong het slotdeel – het was haar debuut in deze muziek – met grote klasse en overtuiging. Een boeiende avond.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden