Review

Mensen willen niet transnationaal worden

Over één ding is iedereen het eens: de laatste verkiezingen waren de verkiezingen van de immigratie, maar vooral die van de verstoorde relaties tussen inboorlingen en exoten. Vooral in de zogenaamde 'volkswijken' waar inboorlingen en vreemdelingen elkaar het intensiefst ontmoeten was 'de grens' kennelijk bereikt, en zegevierde het Oudhollandse integratie-recept: 'Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg', over de van buitenaf opgelegde, politiek-correcte, opdracht tot kritiekloze tolerantie tot het bittere einde.

Want wee je gebeente als je vraagtekens dorst te zetten bij de ongebreidelde afbraak van je moeizaam opgebouwde sociale infrastructuur van buurt- en clubhuizen, kinder- en speeltuinverenigingen, van de schoolreisjes, die niet meer doorgingen, omdat je nieuwe buren, net zo rijk/arm als jezelf, er de twee kwartjes niet voor overhadden en hardop dachten dat hun kinderen op het Hoge Duin bij het Kopje van Bloemendaal achter de eerste de beste bramenstruik ten prooi zouden vallen aan een (christelijke?) vieze oude man.

Nee, begrip moest men hebben, en dat werd hen ingepeperd door de doctorandussen van 'de partij' en het welzijnswerk. Alleen kwam dat begrip, die aanvankelijke nieuwsgierigheid, maar van een kant. Na zo'n dertig jaar 'begrip opbrengen' en slechts afkeer terugkrijgen had men er genoeg van, zocht en vond een uitlaatklep naast 'de partij' die daar geen gehoor voor had, en niet naar wenste te luisteren, en liep men massaal over. De goedbedoelende doctorandussen verbijsterd en in verwarring achterlatend.

De PvdA dacht jarenlang dat een goede wisselwerking tussen allochtonen en autochtonen zou groeien uit een haast van nature bestaande wederzijdse nieuwsgierigheid naar elkaar. Ze vertaalde een veronderstelde behoefte naar meer kennis en contact in de achterliggende decennia van het oude minderhedenbeleid recentelijk naar een nog positiever gebracht diversiteitsbeleid.

Groepsdenken was 'uit' en het individu was 'in'. Met desastreuze gevolgen. De groepen immigranten (Turken, Marokkanen, Ghanezen, enzovoort) bleven als groep bestaan, en het aantal individuele vriendschappen en relaties tussen binnen- en buitenlanders nam af. De import van huwelijkspartners uit eigen kring (gezinsvormende immigratie genaamd) nam toe, en het aantal huwelijken en partnerschappen tussen binnenlanders en (ex-)buitenlanders en tussen (ex-)buitenlanders van verschillende komaf, nam dramatisch af.

Tijdens de uitvoering van dit beleid zijn de verschillen en wederzijdse afkeer zo groot geworden, dat we niet eens meer naast elkaar wakker willen worden! De een was gesterkt in z'n eigen identiteit, en de ander geconfronteerd met de afbraak van de zijne. Ziedaar het failliet van het gevoerde beleid, dat zich vertaalde in een aardverschuivende verkiezingsuitslag.

Het wetenschappelijk bureau van de PvdA, de WBS, heeft te veel goede wetenschappers op de rol staan, om dat niet te merken en was al geruime tijd voor de verkiezingen van 15 mei bezig met de samenstelling van het Drie'ntwintigste Jaarboek voor het democratisch-socialisme, dit keer geheel gewijd aan het verschijnsel LANDVERHUIZEN. Eind november werd het Jaarboek, onder de titel 'TRANSNATIONAAL NEDERLAND, immigratie en integratie' ten doop gehouden, en je moet het lezen. Niet alleen om wat erin staat, maar ook om wat er niet in staat.

Je zou van het op dit moment verschenen Jaarboek mogen verwachten dat het uitputtend ingaat op de oorzaken van de verkiezings-volks-opstand. Maar dat is maar ten dele het geval, omdat - zoals gezegd - meewerkende auteurs al lang voor de volksuitbarsting hun werkstuk hebben ingeleverd. De inleiding van de redactie is kennelijk het laatst geschreven, want die gaat als enige wel uitgebreid in op 'de toestand'.

Voor de rest hebben de auteurs, allen experts op dit terrein, lezenswaardige bijdragen geleverd, die je beter doen begrijpen wat migratie is. Maar je mag er geen recepten in verwachten voor hoe het nu verder moet in onze ongewenste multiculturele samenleving. Of je moet heel goed tussen de regels doorlezen en het uit de stukken zelf distilleren.

Veel bijdragen ademen de sfeer van ,,Er is niets aan te doen: landverhuizen is een autonoom proces, laat het nu maar over je heen komen, het komt op de lange duur wel goed'. En: ,,Er ontstaat, hou daar maar rekening mee, een nieuw soort mens (zijn socialisten daar niet altijd al dol op geweest?), namelijk de transnationale mens.'

Die nieuwe mens is een internationale zwerver (in de goede en slechte betekenis van het woord). Een steeds grotere groep mensen zal niet verbonden zijn aan een land, maar dan eens hier en dan eens daar gaan werken en wonen. We worden mensen die zich nergens 'vestigen' en dus ook 'nergens thuis zijn'. Burgers van nix dus.

Nou die kennen we al langer. De 'expats aan de bovenkant' uit de diplomatieke wereld en de toppen van het bedrijfsleven, vaak verblijvend in een eigen reservaat, 'compound' genaamd, met aan de onderkant, die andere expats, minder uitgerust, illegalen, wonend in een heel andere 'compound', namelijk met z'n twintigen op een huurkamertje met matrassen die maar acht uur per 'shift' beslapen mogen worden. Misschien is dat de toekomst, maar die transnationale burgers veroorzaakten de revolutie van 15 mei niet!

Het Grote Ongenoegen brak uit in die heel grote ruggengraat van de Nederlandse samenleving, in de Indische Buurten, de Millinxbuurten, en in de Schilderswijken. Bij mensen die allerminst transnationaal kunnen zijn. Maar die nu eindelijk wel eens wat respect terug willen hebben voor al hun inschikken, geduld hebben, opschuiven en rekening houden met. . . Dat wetenschappelijk verantwoorde verhaal over 'ons soort mensen' staat niet in het WBS-Jaarboek. Maar je moet het wel lezen. De WBS voorziet namelijk meteen in je behoefte.

Wat ik mis in het Jaarboek zijn leesbare, doorwrochte artikelen van antropologen, sociologen en biologen, die beschrijven wat er gebeurt als de biotoop van de sociale wezens - de mensen in de wijken van de grote steden, maar ook al in kleinere wijken ten plattelande - snel vrijwel totaal verandert. Het is niet alleen heimwee naar een buurtgevoel en buurtsamenhorigheid, het is het gebrek aan participatie en een gebrek aan wil tot emancipatie, de regelrechte afwijzing van de autochtone cultuur door de nieuwe buren, die door 'de partij' kleinerend werd afgedaan in plaats van besproken. De autochtoon, en zijn en haar leven, is te weinig terug te vinden in het Jaarboek.

Dat moet u dus ergens anders zoeken, en zoals gezegd, de WBS voorziet daar terstond in. Want wat blijkt: mensen zijn het gelukkigst in een mono-culturele samenleving. Die niet erkende wens is de oorzaak van de verkiezingsrevolutie. Men smacht naar een mono-culturele samenleving! Waarin we zo ongeveer, zonder daarvoor een cursus te moeten volgen, weten wat we van elkaar mogen verwachten, en hoe iedereen zich ongeveer zal gedragen.

De behoefte aan een mono-culturele samenleving is prachtig beschreven in het novembernummer van S & D (Socialisme & Democratie). Beide uitgaven zijn samen een 'moetje', want juist de bijdragen in dit tijdschrift, zowel de lyrische van Gerard van Westerloo over de verandering in de stad gezien door de bril van een trambestuurder, als de uiterst zorgvuldig gedocumenteerde bijdrage van Hans Werdmolder over de gevolgen van de terreur van het politiek correcte denken, en alles wat er tussen zit, maakt deze twee uitgaves tot een opmerkelijk duo.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden