RecensieOpera

Mascagni's ‘Il piccolo Marat’: een gedenkwaardige ZaterdagMatinee, maar niet per se vanwege de opera

Evenveel mensen op het podium als in de zaal bij Mascagni's 'Il piccolo Marat' in de NTR ZaterdagMatinee. Beeld Eduardus Lee
Evenveel mensen op het podium als in de zaal bij Mascagni's 'Il piccolo Marat' in de NTR ZaterdagMatinee.Beeld Eduardus Lee

Opera
Radio Filharmonisch Orkest
Mascagni ‘Il piccolo Marat’
★★★★☆

Het zestigste seizoen van de NTR ZaterdagMatinee is van start gegaan zoals gepland. Met Pietro Mascagni’s grote, historische opera ‘Il piccolo Marat’. Alleen niet met de gebruikelijke hordes operafans in de zaal. Slechts 150 gelukkigen maakten het live mee, de anderen zaten waarschijnlijk aan de radio gekluisterd.

Het is wel even slikken om in de Grote Zaal van het Concertgebouw ongeveer evenveel uitvoerders te zien als bezoekers. Artistiek leider Kees Vlaardingerbroek riep in zijn openingswoord de overheid dan ook op om te onderzoeken of er niet meer mogelijk is. In Weense concertzalen mag al zestig procent van het aantal stoelen worden verkocht. Het moet anders, zo zei hij, om te voorkomen dat er meer concertorganisatoren failliet gaan zoals vorige week Marco Riaskoff van de gerenommeerde Meesterpianisten-serie.

De uitvoering van Mascagni's lawaaiige opera was vervolgens op het hoge niveau dat je van de Matinee verwacht, met her en der wel wat bedenkingen. Die gelden dan vooral het werk zelf, waarin weliswaar de nodige nuance te vinden valt, maar waarin ongebreideld machismo toch de overhand heeft. Het zijn de naweeën van het Futurismo, de Italiaanse kunststroming, die het orkest doen beuken en de strotten oppompen. Dat geweld en de decibellen die het oplevert passen wel goed bij het verhaal, dat gaat over de terreurbewind na de Franse revolutie. In een niet nader genoemde stad aan de Loire probeert een aristocraat in vermomming – de kleine Marat – zijn moeder de gravin van de dood te redden. Zijn grote tegenstander is L’orco, die grote groepen gevangenen in een boot op de Loire laat zinken. Een massavernietigingswapen om niet te veel monden te voeden te hebben.

Er is veel akeligs in deze opera, waarin niemand een normale naam heeft, behalve Mariella, het nichtje van L’orco. Zij zorgt voor de broodnodige liefde (inclusief liefdesduetten) in de opera. Aan het eind ontsnapt zij samen met de kleine Marat, zijn moeder en de goedmoedige timmerman. In de uren die eraan voorafgaan roept Marat ontelbare keren om zijn ‘Mamma’, en volgens Mascagni behoort de tenor hier niet te zingen, maar te schreeuwen.

Dat klonk in de uitvoering van Stefano La Colla wel wat eenkleurig en vermoeiend, maar Mascagni zou trots op hem geweest zijn. Stembanden van staal. De Roemeense Anita Hartig gaf Mariella grote allure met haar wonderschone geluid, en de andere ontdekking van de middag was bariton Ernesto Petti als de timmerman. Bas John Relyea bewees zijn roem als L’ orco. Het uitgedunde Groot Omroepkoor (slechts 35 zangers) ontketende toch behoorlijk wat volume. En het Radio Filharmonisch Orkest liet zich inspireren door dirigent Pietro Rizzo. Een gedenkwaardige middag, maar niet per se vanwege de opera zelf.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden