Review

Mary Coughlan blijft nog altijd op zoek naar zichzelf.

Het leven van zangeres Mary Coughlan (49) is één lange zoektocht. Een zoektocht naar een manier om de kwade geesten uit haar verleden te rusten te leggen, een zoektocht naar zingeving, naar zichzelf. Al in haar tienerjaren trok de Ierse uit Galway naar Londen om de hippie-levenstijl te omarmen. Anno 2005 gaat de zoektocht nog steeds door.

door Saskia Bosch

Op een zonovergoten terras op de Amsterdamse Nieuwmarkt vertelt Coughlan dat ze niet alleen naar Nederland is gekomen om de aankomende 'A Woman's Heart'-tournee te promoten, maar ook om swami Ji te ontmoeten. “Hij is fantastisch“, aldus de roodharige zangeres. “Toen ik hem ontmoette klikte het geweldig. Hij praat niet over religie, maar over liefde en waarom de wereld zo vast is gelopen. Volgens hem kunnen we alleen uit de problemen komen door middel van compassie.“

Coughlan visie op de wereld is bepaald niet rooskleurig. “Europa is naar de haaien. Het is overbevolkt en verscheurd door oorlogen. Ook in Ierland is de situatie belabberd. Niemand heeft meer tijd en het draait allemaal om geld en het verkopen van seks en seksualiteit. Ik haat zenders als MTV, die druk uitoefenen op jonge meisjes om bepaalde kleren te dragen en naar bepaalde muziek te luisteren. En dat begint al als ze tien jaar zijn. Meisjes hebben tegenwoordig geen ruimte meer om tot individuen uit te groeien. In Ierland wordt de grootste groep vrouwelijke probleemdrinkers gevormd door meisjes van 19 à 20 jaar oud.“

Coughlans muzikale loopbaan begon 31 jaar geleden met de ontmoeting met de Nederlandse muzikant Erik Visser, die onder meer bekend is van de band Flairck. “Hij kwam naar Ierland om de traditionele muziek te bestuderen en ging niet meer weg. Ik woonde toen in een huis met twee vrouwen. Hij huurde een kamer bij ons en verhuisde daarna steeds met ons mee. Erik was de enige persoon die ooit een zangeres in mij had gezien. Hij zag iets in mij dat ik zelf niet had gezien en zei dat ik echt iets met mijn zangtalent moest gaan doen. Tot die tijd had ik alleen thuis of in de pub gezongen. Hij haalde me over om echt op te gaan treden. In 1985 maakten we samen mijn eerste cd en een maand later stond de plaat op de eerste plek in de album-charts. Ik was een instant-succes!“

De vliegende start van haar carrière bracht Coughlan echter niet alleen goede dingen. Tijdens haar eerste huwelijk (Coughlan was tweemaal getrouwd en heeft vijf kinderen) was ze fulltime moeder. “Ik was een echte oermoeder, at vegetarisch en had nooit gedronken. Mijn eerste gin en tonic dronk ik pas op mijn 29ste. Maar toen ik ging toeren voelde ik me eenzaam en schuldig over het feit dat ik mijn kinderen bij mijn moeder achterliet en begon ik te drinken. Rond 1991 waren er periodes dat ik drie flessen wodka per dag dronk. Op een gegeven moment ging het zo slecht met me dat ik twee weken op de intensive care terecht kwam. En het enige wat ik kon denken terwijl ik daar lag was: kan ik straks wel weer drinken?“

Op dat moment greep haar familie in en stuurde de zangeres naar een kliniek. “Ik was daar zes weken afgesloten van alles. Ik mocht geen bezoek, geen koffie, geen thee, geen tv, geen kranten. Het was heel, heel zwaar. En elke dinsdag kwam mijn familie langs. Ik moest dan in het midden zitten terwijl zij in een kring om me heen zaten en vertelden wat ze ervan vonden dat ik dronk. Mijn kinderen vertelden hoe ze zich voelden als ze me hoorden overgeven in de badkamer en hoe verlaten ze zich voelden als ik naar de pub ging. Er was geen ontsnappen aan.“

Toch begon Coughlan weer te drinken toen ze uit de kliniek werd ontslagen. “Ik belde ze op en ze stelden voor dat ik gedurende drie jaar elke week een therapeut zou bezoeken.“ Die gesprekken hielpen haar eindelijk de geesten uit haar verleden los te laten. “Ik heb een hele ongelukkige jeugd gehad en werd als kind misbruikt. Tegen de tijd dat ik zeven jaar oud was, moest ik van niemand meer iets hebben. Toen ik dertien was liep ik voor het eerst weg en op mijn vijftiende werd ik opgenomen in een psychiatrische kliniek. In de therapie leerde ik dat ik mezelf altijd had gestraft voor wat er in mijn jeugd met mij was gebeurd en dat ik mezelf een slecht mens vond. Stukje bij beetje begon ik te accepteren dat ik was wie ik was, dat ik ben geworden wie ik ben door de gebeurtenissen in mijn jeugd. Ik begon te groeien en de wonden heelden. Nu lukt het me om al die rotzooi achter te laten. Al ben ik nog steeds op zoek.“

Inmiddels staat Coughlan al 11 jaar droog. “Ik ben niet bang dat ik weer zal gaan drinken. Al denk ik nog wel eens als ik alleen ben: als ik nu een glaasje neem, zal niemand het weten.“

Sinds de Ierse de alcohol heeft afgezworen, is haar muziek een manier geworden om haar verleden te verwerken. Niet alleen de rauwe bluessongs en haar doorleefde stem getuigen van haar tumultueuze bestaan, ook in haar teksten kijkt Coughlan veelvuldig terug op haar leven. “Mijn songs gaan over drank, geloof en manieren om hoop te vinden. Ik heb zelfs een nummer geschreven over het misbruik in mijn jeugd. De eerste keer dat ik het live zong, stond ik te trillen in mijn schoenen. Na afloop kwamen er echter vrouwen naar me toe die zeiden: 'We gaan een groep oprichten voor vrouwen die misbruikt zijn'. Als ik op zo'n manier via mijn muziek met mensen contact kan maken, maakt me dat gelukkig.“

“Muziek is nu mijn hele leven. Het heeft me slechte dingen gebracht, zoals de drank. Maar als ik niet vanwege mijn alcoholisme in therapie was gegaan, was ik nooit tot de kern van mijn problemen doorgedrongen. Ik ben een dankbare alcoholist. Dankbaar dat ik nog leef. En dankbaar dat ik de oorsprong van mijn problemen ben gaan begrijpen.“

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden