Interview

Maestro van de Nederlandse dans Hans van Manen háát mooi

Hans van Manen studeert het ballet 'On the Move' in met de solisten Edo Wijnen en Qian Liu. Foto: Werry Crone

In de serie De Schepping vertellen kunstenaars hoe hun werk tot stand komt. Vandaag: choreograaf Hans van Manen (85). De maestro zet met dansers van Het Nationale Ballet de puntjes op de i. 'Ik ben verschrikkelijk, maar ja, het werkt.'

Kijk hem daar staan, de maestro van de Nederlandse dans. Afgelopen juli is hij 85 jaar geworden en nu is hij in de studio van Het Nationale Ballet met zijn heupen aan het zwaaien voor danseres Qian Liu. "Hij is dáár en je wilt hem. Dus grrrrr."

Hans van Manen maakt een klauwhandje en slaat dat uit richting Wijnen. "Ik wil dat je echt naar hem kijkt", zegt hij en zet ter illustratie grote ogen op naar haar danspartner Edo Wijnen. Liu kijkt een beetje timide naar de kleine gestalte in gestreken spijkerblouse, die vol vuur tegen haar praat. Ze doet de danspassen opnieuw, nu iets katachtiger. "En geen slappe armen", roept de choreograaf haar na. "Niet snoezig maar doelgericht. Anders wordt het te mooi en ik haat mooi."

Hans van Manen studeert bij Het Nationale Ballet 'On the Move' in, een ballet dat hij in 1992 maakte voor het Nederlands Dans Theater. Het wordt gedanst als een van de vier balletten in het programma 'Ode aan de meester', ter ere van zijn 85ste verjaardag. Een goed moment om stil te staan bij deze nationale cultuurschat, internationaal bewonderd, getuige de onderscheidingen en prijzen die hij in de loop van zijn carrière heeft ontvangen (en die hij in een oude kartonnen doos bewaart). Op 11 juli nog; toen werd hij benoemd tot Commandeur in de Ordre des Lettres et des Arts, de belangrijkste Franse cultuuronderscheiding.

Hans van Manen werkt in de studio op zijn gewraakte repetitieschoentjes van glad krokodilleleer. Hij kocht ze veertig jaar geleden voor het toen astronomische bedrag van vijfhonderd gulden. Twee jaar geleden gleed hij ermee van de trap in zijn bovenwoning in Amsterdam-Zuid, met een lelijke hoofdwond tot gevolg. Inmiddels is hij verhuisd naar een woning met lift, maar de schoenen draagt hij nog bij elke repetitie. Om dingen voor te kunnen doen aan zijn dansers. "Andere schoenen zijn te stroef, daar kan ik m'n kont niet mee keren."

Het van a tot z instuderen laat hij over aan zijn repetitoren, die bij balletgezelschappen over de hele wereld - van Rusland, China tot de VS - zijn stijl aanleren, maar de puntjes op de i zet hij liefst zelf. Hoe? "Och hemel, dat is helemaal niet zo eenvoudig", zegt hij na afloop van de repetitie. "Ik ben verschrikkelijk, maar ja, het werkt. Wat wil je weten?"

'On the Move' is een ballet uit 1992. Nu zijn we vijfentwintig jaar verder.

"Ik ben het ballet dan ook van detail tot detail aan het herzien. Daardoor wordt het krachtiger. De danskunst is er de afgelopen vijfentwintig jaar enorm op vooruitgegaan, technisch gezien. Waar ter wereld je ook komt, de dansers draaien rustig zestien pirouettes achter elkaar. Daarmee verandert mijn werk ook. Maar het gaat erom: hoe vind ík dat het gedanst moet worden? Techniek is niet voldoende. Je moet als danser begrijpen waar het om gaat. Anders wordt het decoratief en dat wil ik pertinent niet."

Uw balletten gaan over contact, er is altijd een zekere spanning.

"Spanning ontstaat als mensen zich constant van elkaar bewust zijn, zeker in een pas de deux. Daarom is de blikrichting zo belangrijk. Ik zie weleens moderne balletten waarin de dansers elkaar geen moment aankijken. Dat begrijp ik niet. In mijn werk gaat het om menselijke verhoudingen. Er is altijd sprake van een relatie, en er is altijd een positieve draai aan het verhaal. Als er contact is tussen dansers, wordt het echt. Als dat niet gebeurt, vind ik er geen moer aan. Ik wil dat je ménsen ziet op het toneel en geen machines. In het corps de ballet hoeft men van mij daarom niet tot op de korrel uniform te bewegen, dat vind ik nep. Iedereen doet het een beetje anders, want ieder mens ís anders."

Hij gaat de studio in zonder vooropgezet plan. Hij vindt dat kunst nooit bedacht mag zijn, maar moet ontstaan. "Als ik een nieuw ballet moet maken weet ik nog geen enkele pas, dat komt later in de studio wel. Ik doe bijna alles intuïtief. Maar ik heb wél naar de muziek geluisterd die ik wil gebruiken. Ook weer niet te lang overigens. Vroeger zat de muziek tot de laatste maat in mijn hoofd. Daar ben ik mee opgehouden, omdat ik heb begrepen dat het me mijn vrijheid ontneemt. Dan ga ik met de muziek breien. Ik kan ook geen noot lezen. Sommige dirigenten hebben het me willen leren, maar dan zei ik: nee, daar ben ik veel te lui voor! Als je muziek kunt lezen, dan ga je doen wat er staat en dat heb ik nooit gewild."

Mooie fouten

Hij laat zich in de studio dus vooral 'voortstuwen' door de muziek, want: "Muziek is de motor bij alles wat ik doe. Je moet kunnen voelen en begrijpen wat je hoort en ziet. Daar heb ik dansers voor nodig die meteen begrijpen wat ik bedoel. Ik houd van dansers die muzikaal kunnen denken, risico's durven nemen, zich erin storten en gáán. Dan maken ze de mooiste fouten. Doe nóg eens wat je net hebt gedaan, zeg ik dan." Hij lacht. "Die houden we erin. Dank je wel!"

Niet veel later treedt in de balletstudio een tweede koppel aan voor een andere pas de deux uit 'On the Move'. Solisten Artur Shesterikov en Igone de Jongh staan voor de maestro. De Jongh is Van Manens laatste muze, veel recente Van Manen-balletten zijn op haar gecreëerd. 'On the Move' is nieuw voor haar. Een bepaalde draai gaat er niet zo gemakkelijk in, de maat van de muziek is lastig. Maar wat als ze haar hals verder naar achteren helt wanneer ze haar hoofd op Arturs borst neervlijt? "Ja, dat is prachtig", zegt Van Manen. "Maar doe geen uithaal met een na-knikje, dat wil ik niet. Niet dramatisch, het moet écht zijn."

'On the Move' is gezet op Prokofjevs eerste vioolconcert. "Poeh, moeilijke muziek, hoor! Maar je hóórt de swing waarop de Russen patent hebben. Denk maar aan hun volksdansen, die swingen als de ziekte, nietwaar? Ik vind dat alles moet swingen. Als choreograaf moet je het ritme niet alleen maar gebruiken om te tellen. Tussen tel één en twee zit nog een hele hoop; en dáár zit de swing. Al vanaf mijn zevende kon ik erg goed swingen, op jazz met name, en ik danste overal. Op de Amsterdamse Zeedijk, in de Sheherazade, en later in jazzclub Hollywood. Veel te jong, tussen de zware jongens, op mijn lekkerste dansschoenen."

De eenvoud en helderheid van zijn choreografieën leveren Hans van Manen de bijnaam 'Mondriaan van de dans' op. Van Manen toont zich in 'On the Move' op z'n puurst: het 'voelt' alsof alles zo moet zijn, en niet anders. In 1992 nam hij met zijn keuze voor dit vioolconcert van Prokofjev een risico. "Het is fantastische muziek, maar ingewikkeld voor ballet. Er zitten ontiegelijk veel overgangen en sfeerwisselingen in. Het is continu schakelen. Een kunstenaar moet risico's nemen, anders blijft-ie zichzelf herhalen. Ik heb van mijn werk nooit een succesformule willen maken."

Zo benaderde de wereldberoemde ballerina Sylvie Guillem hem ooit, omdat ze een pas de deux van hem wilde dansen. Of hij haar de video maar even wilde opsturen. "Dat vond ik zo afstandelijk. Ik ben nogal van het persoonlijke, dus ik heb haar niet teruggebeld."

Geweigerde titel

Zijn weigering van de titel 'Choreograaf van de eeuw' haalde het wereldnieuws. Het Turkse Staatsopera en -Ballet wilde hem verleden jaar met die titel eren, maar hij weigerde vanwege de schending van de persvrijheid in Turkije.

Tekst loopt door onder de foto

FOTO WERRY CRONE

"Waarom ik nooit een écht politiek ballet heb gemaakt, is mij weleens gevraagd. Pfff. Ik heb het allereerste politieke ballet óóit gemaakt, als onderdeel van het ballet 'Metaforen' bij het Nederlands Dans Theater in 1965: de eerste pas de deux voor twee mannen. Ik liet geen hongersnood of ander gruwelijks zien, maar het was wel degelijk politiek. In 'Het zwanenmeer' of 'De schone slaapster' wordt de prinses op de schouders van de prins gehesen en dan begrijpt het publiek dat het sprookje is gelukt. Nu nam een man een andere man op de schouders alsof het de normaalste zaak van de wereld was. Bij het Dans Theater hebben ze me gesmeekt het niet te doen en ik begrijp nog steeds niet waarom. Dat duet was nou net waar het mij om ging."

Je zult in Van Manens balletten nooit 'slachtoffers' zien. Geen prinsessen die moeten worden gered, iedereen is altijd even zelfbewust. De dansers stáán op toneel, met hun opwaarts gerichte torso, hun armen fier in hun zij geplant. Maar er is ook altijd frictie, een conflict dat moet worden uitgevochten.

Van Manen: "Er zit strijd in alles. Neem mijn werk: soms probeer je van alles en lukt het gewoon niet. Ik heb gelukkig nooit een writer's block gehad. Er komt altijd wel iets, je moet gewoon verder. Dat is het leven: niets gaat van een leien dakje. Maar soms heb ik geluk, dan gaat het choreograferen als vanzelf. Dan zit ik na afloop van de repetitie tevreden in de auto, en stop ik onderweg voor een onsje gerookte zalm. Later kook ik gezellig voor vrienden en heb ik een fantastische avond. Dan wéét ik dat ik op het juiste spoor zit en ik morgen met vertrouwen tegemoet kan zien."

Na meer dan honderdtwintig balletten in zestig jaar is er toch wel wat veranderd in uw werkwijze?

"Elk ballet is weer alsof het het eerste is. Dan heb ik het niet over onzekerheden, want die heb ik jaren geleden al een enorme schop onder hun hol gegeven. Iedereen denkt dat ik doorga, omdat ik zo graag balletten wil maken." Gespeeld dramatisch: "Ik wíl eigenlijk helemaal geen balletten meer maken! Maar ik vind het wel prettig dat ik weet dat er 15 september weer een première op stapel staat. Als het aan mij lag, was ik alleen nog maar gezellig aan het koken voor vrienden en snooker op tv aan het kijken. Daar zou ik me geweldig mee amuseren, want ik ben een enorme liefhebber van snooker. Men vraagt mij vaak waarom ik op mijn 85ste nog aan het werk ben. Dan geef ik altijd hetzelfde antwoord: ik voel me zo verschrikkelijk thuis in de dans. Het werken met de dansers, het is een feest."

De solisten Edo Wijnen en Qian Liu (FOTO WERRY CRONE)

Voorstellingen

'Ode aan de meester' van Het Nationale Ballet is een hommage aan choreograaf Hans van Manen met onder meer '5 tango's' en 'Sarcasmen'. De eerste voorstelling is vrijdag in Amsterdam, aarna tournee door het land. Dinsdag 12 september opent het balletseizoen met het 'Gala van Het Nationale Ballet', opgedragen aan Rachel Beaujean, één van Van Manens muzen.

Lees ook:  'Hans van Manen, Leven & Werk' 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden