Maartje Wortel verlangt naar iets nieuws, en soms vindt ze dat in het theater

‘Allemaal mensen’. Beeld Krista van der Niet.

Maartje Wortel schrijft in Tijd over alledaags en minder alledaags ongemak. Ze gaat naar het theater, waar ze vaak bijna in slaap valt, maar nu flink wordt wakker geschud.

Mijn broer vroeg waarom ik eigenlijk nooit boeken schrijf waarin twee vrouwen samen zijn. “Je schrijft altijd vanuit een man”, zei hij. “Of vanuit een vrouw die samen is met een man. Ik heb nog nooit een lesbisch boek van jou gelezen.” Diezelfde week vroeg mijn ex-vriendin of ik me ervan bewust ben dat ik een rolmodel kan zijn voor lesbische meisjes. Ze vroeg waarom ik niet iets meer mijn best deed voor the community. “Er is nog genoeg om voor te vechten”, zei ze.

Ik hou op zich wel van vechten, maar ik schrok weer eens van het woord community. Ik denk altijd dat ik niet bij een groep kan of mag of wil horen. Alsof ik mezelf op die manier opsluit in een woord, gevangen genomen wordt, in de blik van een ander. En toch is het nodig om af en toe gladweg te benoemen hoe het zit: Ik ben een lesbische vrouw, daar kan ik nou eenmaal niets anders van maken. (Al denken sommige religieuze groeperingen daar niet hetzelfde over, zij zeggen: je kunt er best iets anders van maken. Of, sterker nog: je moet er iets anders van maken.)

Op een paard

Toen ik op mijn eenentwintigste, rijkelijk laat, voor het eerst verliefd werd op een meisje, durfde ik dat niet aan mijn vader en moeder te vertellen. Mijn vader en moeder zeiden vroeger, als we tijdens het eten over liefde spraken: “Als je verkering zou willen met een paard is dat ook goed.” In mijn kindertijd ben ik jarenlang letterlijk verliefd geworden op paarden, omdat ik even dacht dat zoiets de bedoeling was. Maar met een meisje durfde ik toch niet aan te komen.

Ik weet nog dat ik een korte brief schreef die ik op het aanrecht legde. Ik wachtte zo stil mogelijk op mijn slaapkamer af tot er iets onherroepelijk zou veranderen, maar er gebeurde niets. Of: niet veel. Mijn vader kwam naar boven, klopte op de deur en riep: “Gefeliciteerd, lieverd.” De meeste mensen in mijn omgeving zeiden zoiets als: “Ja, ja. Oké.”

Zij wisten eerder wie ik was dan ikzelf, ze hadden niet anders verwacht dan dat ik op meisjes zou vallen. Ook dat vond ik een teleurstelling, want nu het eenmaal zover was dat ik mezelf in de wereld had geplaatst als lesbische vrouw, had ik toch gehoopt op een kleine overwinning. Nu voelde het alsof er niets wezenlijks was veranderd. Geen overwinning zonder gevecht. Inmiddels schaam ik me voor die gedachten, dat ik überhaupt had willen vechten. Het is natuurlijk lang niet voor iedereen vanzelfsprekend dat je open en eerlijk uit kunt zoeken wie je bent.

Zelden zo verbonden

Laatst bezocht ik twee toneelstukken waardoor ik opnieuw nadacht over mijn identiteit en wat die betekent. Voor mezelf en voor anderen. Het eerste toneelstuk was ‘Allemaal mensen’ van Toneelgroep Oostpool. Vijftien acteurs stellen zichzelf de vraag: Hoe nu mens te zijn? Hoe ontdoe je je van labels en hokjes en durf je anders dan anderen te zijn? In één van de beginscènes gaat het licht aan. De acteurs kijken de zaal in en zien alleen maar witte mensen.

Een verademing op alle fronten is het stuk ‘Shrew Her’ van Ira Kip, die op alle mogelijke manieren aan het establishment rammelt. ‘Shrew Her’ is een bewerking een stuk van William Shakespeare: ‘Het temmen van de feeks’. Traditionele rollen worden door Kip omgedraaid. Zij laat vijf queer vrouwen de vertolking doen, waardoor het stuk vragen oproept over de norm van traditionele man-vrouwverhoudingen, maar ook over de vorm en inhoud van traditioneel theater. Tussendoor vertellen de voornamelijk zwarte acteurs hun persoonlijke coming out-verhaal.

Ik ga vaak naar het theater en moet bekennen tijdens een voorstelling vaak bijna in slaap te vallen van verveling. Ik zie het publiek om me heen, kritisch en vermoeid (of: vermoeid want kritisch) staren ze naar de acteurs op de vloer. Ze houden zich stil, klagen na afloop of roepen ‘bravo!’ tijdens een staande ovatie.

Ik verlang soms naar iets anders. Iets nieuws. Ook theater is establishment geworden, waar dus nog maar moeilijk van binnenuit aan kan worden getornd. Anders is het bij ‘Shrew Her’. Ik heb me zelden zo verbonden gevoeld in het theater. Witte mannen en vrouwen zitten naast zwarte mannen en vrouwen, homo’s naast hetero’s, families naast vrienden, jong naast oud, enzovoort. En de acteurs leggen geen briefje op het aanrecht waarin zij vertellen dat ze verliefd zijn op iemand van hetzelfde geslacht. Ze vertellen hun persoonlijke verhaal op het podium. Het publiek juicht hun letterlijk toe, staat soms op, zingt of huilt mee. Zoiets zag ik nooit eerder.

In ‘Shrew Her’ wordt op vrolijke en elegante wijze een warm en teder gevecht gevoerd. En dat is nog altijd hard nodig, zolang iemand agressie oproept die op welke manier dan ook afwijkt van de norm. Ik dacht: we hebben deze verhalen nodig om te begrijpen hoe het verder moet. Of, zoals één van de personages uit ‘Allemaal mensen’ zegt: Ik wil laten zien dat we elkaar hebben en dat dat de redding is. We moeten niet op zoek naar de waarheid, maar naar elkaar.” Als we dan toch een groep moeten zijn, dan graag: allemaal mensen, ja.

Voor de voorstellingen van ‘Shrew Her’ zie www.irakip.com, onder meer vandaag in Utrecht, 13 maart in Rotterdam en 15 maart in Amsterdam. ‘Allemaal mensen’ is niet meer te zien.
Op 14 maart verschijnt bij uitgeverij Das Mag de nieuwe roman van Maartje Wortel: ‘Dennie is een star’. Een verhaal over tijd en ruimte, over religie, over seks en vooral: over Dennie, de kat.

Lees ook:

Lesbische vrouwen: een voortrekkersgroep die vaak onderbelicht blijft

Lesbische vrouwen komen minder in beeld dan homomannen en dan ook nog op een stereotiepe wijze. Gelukkig zijn er vrouwelijke helden die dat beeld bijstellen, schrijft Renée Römkens. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden