Review

Maakt John Luther Adams muziek?

Eigenlijk bouwt de Alaskaanse componist John Luther Adams (1953, niet te verwarren met die andere, bekendere John Adams) met ieder nieuw werk muzikale plaatsen; ruimtes die immens veel groter zijn dan de luisteraar die erin vertoeft, vlaktes die verwijzen naar de eenzame natuur in Alaska. In die werken (veelal voor groot orkest) gebeurt hoegenaamd niets. Tenminste: als je Adams langs de meetlat van de muziek-met-een-verhaaltje legt, waar de meeste muziek nog steeds aan doet.

Voor iemand die zich laat verleiden om 'in de klank' te duiken, voor iemand die het aandurft om scherp te stellen op de traag verglijdende veranderingen in Adams' muziek, valt er echter meer dan genoeg te beleven. De meeste van zijn orkestwerken zijn massaal van klank en binnen die gelaagde wolken is van alles aan de hand.

In Amerika begint Adams langzaamaan door te breken naar een groter publiek, maar in Europa moet zijn tijd nog komen. Slagwerkgroep Den Haag is hard op weg een warm pleitbezorger te worden van Adams' muziek. In het vorige programma speelde de groep een vroeg werk, terwijl het concert dinsdag geheel gewijd was aan de recente slagwerkcyclus 'Strange and Sacred Noise'.

Over dat negendelige werk vertelde Adams dat hij niet zo goed weet of hij het nog wel muziek moet noemen, maar dat hij dat tegelijkertijd eigenlijk niet zo'n probleem vindt. Een opvallende uitspraak van een componist, maar ook een begrijpelijke: 'Strange and Sacred Noise' doet niets anders dan het verklanken van wiskundige systemen, die vaak op het oor te herkennen zijn. De muziek wordt zo een soort geordend geluid (noise), vreemd (strange) omdat je slagwerk nog niet vaak zo rudimentair hebt gehoord, sacraal (sacred) omdat de negen delen op een ritueel lijken en omdat het geluid door zijn massa en luidheid eerbied en beven afdwingt.

Zo bezien wordt 'Strange and Sacred Noise' een soort catalogus van belangrijke elementen uit Adams' andere werken, maar dan nu gerangschikt naar soort. Trillers, die in de orkestwerken zorgen voor volume, werden bijvoorbeeld dinsdag uitvergroot getoond in de aanhoudende roffels die de slagwerkgroep in het eerste deel speelde. Net zoals de muziek zelf waren de vier musici streng in carré opgesteld het podium. Ze deden tromgewervel klinken dat nu eens niets aankondigde, lieten sirenes in meerstemmigheid janken, maakten een aanhoudend akkoord in roffels op vier tamtams dat de zaal uit elkaar deed barsten.

'Noise' vroeg om uiterste concentratie en strakheid van de spelers en kreeg dat dinsdag in het matig gevulde Lantaren/Venster van de Slagwerkgroep. En dus opende zich achter het constante spetteren en trillen van marimba's, troms, sirenes en tamtams een ruimte achter de gespeelde geluiden. Als je goed luisterde hoorde je namelijk boventonen verschijnen en grondtonen zoemen, hele melodieën soms die een eigen dans boven het geroffelde kavel uitvoerden, als een beweeglijk en veelkleurig arctisch noorderlicht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden