Liza Ferschtman: 'Als uitvoerder ben ik een hybride speler, ergens tussen de authentieke uitvoeringspraktijk en de moderne in'.

InterviewLiza Ferschtman

Liza Ferschtman waagt zich aan Bach: ‘Niets kan aan deze ongelooflijke muziek tippen’

Liza Ferschtman: 'Als uitvoerder ben ik een hybride speler, ergens tussen de authentieke uitvoeringspraktijk en de moderne in'.Beeld Marco Borggreve

Bachs ‘Sonates en partita’s’ zijn als vervaarlijke Himalaya-toppen. Liza Ferschtman gaat de beklimming aan. Met als eindpunt de Londense Wigmore Hall, waar ze over ruim twee jaar de hele set zal spelen. ‘Al word ik honderd, dan nog zal deze muziek geheimen voor me hebben.’

Liza Ferschtman zit in een heuse workflow. En dat was al weer even geleden. De violist wordt er blij van. Haar Delft Chamber Music Festival was in de miniversie aan het begin van de maand een groot succes. “Delft gaf een warm gevoel en was feestelijk op allerlei manieren. Eind april viel de beslissing om alles te annuleren. Dat was toen een wijs besluit. Maar een maand later ging het gevoel branden dat er toch iets mogelijk was, en toen begin juni de toestemming van Museum Prinsenhof kwam – ons podium – ging alles in een stroomversnelling. Ik ben weliswaar in normale omstandigheden ook al van de last minute beslissingen, maar nu moest het wel erg op stel en sprong. Mooi dat je dan iets bedenkt dat bij deze tijd hoort, dat je voorzichtig een zaadje plant, en dat daar dan toch een klein festival met de juiste sfeer uit opbloeit. Dat raakte mij wel ja.”

En nu wacht Bach. In de vorm van de drie sonates en drie partita’s voor soloviool, met catalogusnummers BWV 1001-1006. In het vioolrepertoire is er volgens Ferschtman niets wat aan deze ongelooflijke muziek kan tippen. De zes stukken vormen een uitdaging die gelijk is aan het beklimmen van de Mount Everest – hoger kom je niet, en de weg erheen is meer dan uitdagend.

“Het zoeken in, tussen, onder en boven deze noten van Bach houdt nooit op”, zegt Ferschtman. “Misschien is het mij gegund om honderd jaar te worden, maar zelfs dan zal ik nog niet alles van deze muziek hebben weten te doorgronden. Steeds zijn er weer nieuwe lagen in te ontdekken. Zoiets heb je alleen maar met uitzonderlijk goede muziek.”

Met dit muzikale hooggebergte gaat Ferschtman op tournee. Eerst nog redelijk bescheiden in vijf plaatsen in Nederland. Maar aan de verre horizon staat een stip, in januari 2023, met een optreden in de Londense Wigmore Hall, het mekka van de kamermuziek. Daar zal de Nederlandse violist de hele set spelen. Over eventuele Bach-stadia tussen de Nederlandse tournee van deze week en het optreden in Londen wordt nog nagedacht. Toen Ferschtman onlangs in Zeeland langs een prachtig kerkje liep, ontstond de wens om in veel Nederlandse kerken met deze muziek op te treden. De enorme drang om te spelen klinkt in dit verhaal enthousiast tussen alle regels door.

In je eentje spelen is een bijzonderheid

“Mijn agenda was ineens helemaal blanco. Nu het weer kan, wil ik weer spelen. Eerlijk gezegd raakte ik geïnspireerd door pianist Hannes Minnaar, die deze zomer een tournee in verschillende kerken in Nederland had met Bachs ‘Goldbergvariaties’. Een geweldig plan vond ik dat, en Hannes zette me aan het denken. Hij heeft ervoor gezorgd dat ik nu eerder met het Bach-project ben begonnen dan de bedoeling was.”

Voor een pianist is in je eentje spelen op een podium heel normaal. Voor een violist is het een bijzonderheid. Toch doet Ferschtman het al lang. “Vanaf mijn 20ste. Mijn vader (cellist Dmitri Ferschtman – PvdL) stimuleerde mij erg om het solorepertoire voor viool te leren. Zo’n elf jaar geleden toerde ik met een solo-programma langs concertzalen, en zat dan voorafgaand aan een optreden heel eenzaam in een stille kleedkamer. Voor iemand die gewend is aan het samen muziek maken, en daar heel blij van wordt, was dat eenzame wel even wennen. Ik heb mijn vriendin Daria van den Bercken toen laten weten dat ik haar als pianist wat dat betreft echt niet benijd.”

Bach heeft met zijn zes Cellosuites ook cellisten een machtig solo opus nagelaten. Het manuscript daarvan is echter verloren gegaan. Violisten hebben wél zo’n waardevol manuscript. Daar kunnen violisten hun voordeel mee doen. Toch?

‘Bachs handschrift zo dicht bij je, dat geeft houvast.'Beeld Marco Borggreve

“Ja, dat is inderdaad zo’n onuitputtelijke bron”, zegt Ferschtman. “Kijk, er zijn allerlei goede, moderne uitgaven van deze muziek, iedereen doet z’n best om Bachs bedoelingen duidelijk te maken, maar het blijft behelpen. Er is altijd wel wat op aan te merken. Als ik tijdens een concert alle zes sonates en partita’s speel, heb ik altijd het manuscript van Bach voor me staan. Zo bijzonder om rechtstreeks uit dat historische document te kunnen spelen. Ik weet dat er een ongeschreven wet is dat je tijdens een concert de muziek uit je hoofd behoort te spelen. Ik speel losse delen uit mijn hoofd, en ik wil het ooit helemaal uit het hoofd doen. Dan moet je in een staat van zijn verkeren dat je alle ballast uit je hoofd kunt wegfilteren. Ik zou nu te veel bezig zijn met de angst om noten te vergeten. Vergeet niet, bij elkaar is het ruim twee uur muziek – dat zijn heel veel noten. En Bachs handschrift zo dicht bij je, dat geeft houvast. Pianist Ronald Brautigam speelt Beethoven ook met de bladmuziek voor zich. Ronald heeft daarover ooit gezegd dat Beethoven zich in zijn graf zou omdraaien als hij als uitvoerder niet direct uit diens bladmuziek zou lezen. Dat vind ik wel een mooie gedachte.”

De kracht van wat je innerlijk oor kan doen

De muziek van Bach zat niet per se in de muzikale opvoeding van Ferschtman. En met het mes op de keel zou ze voor Beethoven kiezen als de allergrootste. “Mijn vader speelde op zijn cello uiteraard veel Bach. Maar de Hollandse traditie van de ‘Matthäus-Passion’ in de Goede Week, die kenden wij in ons gezin niet. Ik hoorde de ‘Johannes-Passion’ pas op mijn 17de , de Matthäus nog later. Maar als ik tegenwoordig moet reizen luister ik graag naar Bachs pianomuziek. Ja, ik ben begonnen bij Glenn Gould en de piano, nu luister ik veel naar András Schiff. Bach kende de moderne piano natuurlijk niet. Als iemand als Grigory Sokolov Bach op piano speelt, ervaar ik de kracht van wat je innerlijk oor kan doen. Het is niet enkel Sokolovs stemvoering, maar het stereo-effect dat hij bereikte in de zaal, opende voor mij de weg naar dat ‘krachtig horen’ en weten dat je daarmee de luisteraar die illusie inderdaad kunt meegeven. Als ik op mijn viool een meerstemmige fuga moet spelen, is het heel lastig om die meerstemmigheid continu door te trekken, en er dan ook nog voor te zorgen dat je het fuga-thema niet kwijtraakt onderweg. De vondsten van Bach zijn werkelijk ongelooflijk. Die zitten vaak verborgen, dus als uitvoerder moet je die eruit zien te halen.”

Bovenaan het manuscript van Bach staat in het Italiaans ‘Sei Solo’. Er is veel geschreven over die twee woorden. Als Bach ‘zes solostukken’ bedoelde, dan heeft hij een schrijffout gemaakt, omdat hij het meervoud van solo, soli, had moeten gebruiken. Letterlijk vertaald staat er nu: ‘Wees alleen’. Het zou ook nog een verwijzing naar hemzelf kunnen zijn, omdat hij op het manuscript ook een jaartal zette – heel ongebruikelijk bij Bach. In dat jaar 1720 overleed Bachs eerste vrouw, en stond hij er dus alleen voor.

“Mooi al die theorieën. Ik denk dat Bach met ‘Sei Solo’ een opdracht aan de uitvoerder gaf. In je eentje dwalen in dat hooggebergte. Natuurlijk ben ik aan het nadenken over hoe en wat. Als uitvoerder ben ik een hybride speler, ergens tussen de authentieke uitvoeringspraktijk en de moderne in. De bovenste snaren zijn van darm, ik gebruik de lage stemming van 415 Herz, en ik verkeer nog in de keuzefase wat betreft mijn strijkstok. Ik wil vooral ontspanning in de toon. Ik hou meer van cellisten dan van violisten in Bach, en dus stel ik me voor dat ik cellist ben.

“Buiten al die uiterlijke kenmerken ben ik vooral op zoek naar hoe ik het beste ‘praat’ op mijn viool. Ik heb wat dat betreft veel gehad aan wijlen cellist en docent Anner Bijlsma. Hij hoorde mij ooit Bach spelen op televisie en heeft toen gezegd: ‘Laat haar nou mij even bellen. Dat kan veel leuker’. Toen ik bij hem kwam, gingen mijn oren en ogen open voor de retoriek die in deze muziek zit. Je moet die zangerige lijnen niet de hele tijd aan elkaar plakken, maar je moet soms ook even stoppen om te vertellen, te praten. Daarom blijft deze muziek zo interessant, omdat je steeds iets anders zeggen kunt, en de zeggingskracht toch overeind blijft.”

Liza Ferschtman speelt Bachs ‘Sonates en partita’s’ in Soest (morgen), Bergen aan Zee (22/8), Zaandam (23/8), Den Bosch (26/8) en Amsterdam (29/8). Alle info op: ­lizaferschtman.com.

Lees ook:

Mini-festival in Delft maakt het gemis meer dan goed

Het was eigenlijk al afgelast, net als zoveel andere muziekfestivals deze zomer. Maar toen er vanaf begin juni toch weer wat mogelijk bleek, zijn ze in Delft in de hoogste versnelling gegaan. Met als resultaat een mini-Delft Chamber Music Festival.

Hoera, de culturele sector mag weer na corona - alleen vereist dat creativiteit

Zonder publiek vindt hij er niets aan. Daarom zei pianist Hannes Minnaar ‘ja’ tegen een voorstel dat hij in andere tijden beslist zou afwijzen: pianospelen in een veel te grote kerk. 

Aan mij de keus: enorm orkest of eenzame pianist?

In de Waalse Kerk in Amsterdam speelde Hannes Minnaar de Goldbergvariaties van Bach. Minnaar begon deze pianistenmarathon op 1 juli in Zwolle, en speelde Bach al tien keer in verschillende kerken in Nederland. Begin deze week nam hij het werk in de Waalse Kerk op voor cd. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden