Review

Literatuur als borduurwerk of een harde linkse op de kaak

Roberto Arlt: De zeven gekken/De vlammenwerpers. Vert. uit het Spaans door Mariolein Sabarte Belacortu. Coppens & Frenks, Amsterdam; resp. 300 en 314 blz. - ¿ 54.50 per deel.

ILSE LOGIE

De vruchtbare gronden waren al uitgedeeld, en er zat voor de meeste migranten niets anders op dan genoegen te nemen met een bescheiden handeltje in een volksbuurt van Buenos Aires. De immigranten brachten Argentinië in een stroomversnelling: hun ontheemding en onbehagen bleek een ideale voedingsbodem voor de opkomst van arbeidersbewegingen en algemene verkiezingen. Aan het begin van deze eeuw was het land, in de woorden van Roberto Arlt, 'een onherroepelijk instortend sociaal bouwwerk' geworden, 'dat vervaarlijk kraakte'.

De schrijver Roberto Arlt (1900-1942) was de zoon van verpauperde immigranten. Ontgoocheld over het mislukte migratie-avontuur, koelde Arlts vader zijn woede op zijn zoon. Later zou de auteur beklemtonen dat de vernederingen uit zijn jeugd hem zijn leven lang parten speelden. Arlt was autodidact en werkzaam als journalist. Hij schreef vier romans, waaronder in 1926 het veelbesproken 'El juguete rabioso' ('Het dolle stuk speelgoed'), enkele verhalen en een groot aantal toneelstukken. Zijn columns in diverse dagbladen, die later werden gebundeld ('Aguafuertes porteëas' of 'Schetsen uit Buenos Aires'), maakten hem razend populair, maar zijn romans werden door de literaire kritiek weggehoond. De recensenten begrepen niets van Arlts baldadigheden, noch van zijn groteske deformaties van de werkelijkheid.

Later zouden Ernesto Sábato, Julio Cortázar en Juan Carlos Onetti voor eerherstel pleiten. In tegenstelling tot Arlts tijdgenoten staarden zij zich niet blind op de spelfouten en het onbehouwen taalgebruik, maar benadrukten dat Arlt zich bewust van het lunfardo (slang van Buenos Aires) bediende en de Spaanse grammatica opzettelijk naar zijn hand zette.

Arlts literatuuropvatting zorgde voor een aardverschuiving in de Argentijnse letteren. Hierover legde de auteur verklaringen af, die hem nogal wat vijanden opleverden. Hij deed smalend over de romans van zijn tijdgenoten ('borduurwerkjes') en bekende zich tot een literatuur die 'aankwam als een harde linkse op de kaak'. Om zijn doel te bereiken, haalde hij bijna alle ingrediënten van de klassieke roman overhoop.

Niet alleen zwoer hij, nog vóór Céline, bij een eigen idioom, hij verknipte tevens de chronologie van zijn verhalen, zodat de opbouw ervan uit een nerveus staccato van korte hoofdstukjes bestaat. De alwetende verteller verving hij door een verteller-getuige, die zich veel meer vrijheden kon permitteren.

Met Arlt verschoof bovendien het decor van de Argentijnse roman van de pampa naar het hart van de grote stad. Hierdoor komen ook nieuwe thema's aan bod. Arlts personages zijn getekend door de Eerste Wereldoorlog en vervuld van een existentieel nihilisme dat anticipeert op Sartres 'Nausée'.

Het failliet van de grote ideologieën en de ontluisterende opkomst van het cynisme klinken de huidige lezer vertrouwd in de oren. Het enige wat soms gedateerd overkomt, is Arlts stijl, die de sporen draagt van avantgardebewegingen als expressionisme (driftige gebaren en felle kleuren) en futurisme (de vergelijkingen met geometrische figuren en het oproepen van een fascistoïde snelheidsroes).

Het tweeluik 'De zeven gekken' (1929)/'De vlammenwerpers' (1931) is nu integraal in het Nederlands vertaald. Zoveel jaar later hebben beide romans nog weinig van hun beeldenstormerige uitdrukkingskracht verloren. De contactgestoorde Remo Erdosain staat in beide boeken centraal. Evenals Arlt lijdt Erdosain onder een autoritaire vader. Het lijkt alsof hij door zijn minderwaardigheidsgevoel vernederende ervaringen opzoekt. Zo treedt hij in het huwelijk met Elsa, die de fakkel van de brute vader overneemt en het autoritair gezinsregime herhaalt. Uiterlijk gehoorzaamt Erdosain, maar op gezette tijden barst, ter compensatie van zoveel slaafsheid, de boosaardigheid in hem los en verandert hij in een 'rustig, elastisch, onbegrijpelijk monster' met een niets ontziende destructiedrift. Uit de diagnose die Arlt van Erdosains gedrag stelt, spreekt inzicht in de complexe pathologie van het sado-masochisme. Tevens verraadt de ziekelijke gepletenheid die de auteur weet neer te zetten zijn omgang met het oeuvre van Dostojevski.

De 'zeven gekken' zijn zeven buitenissige warhoofden uit de onderwereld (de Melancholieke Pooier, de Man die de Vroedvrouw heeft gezien. . .), die onder leiding van een geschifte visionair, de Astroloog, en via een netwerk van bordelen en goudzoekerskampen de financiële middelen willen vergaren om een revolutie op poten te zetten.

Over de uiteindelijke opzet van dit clubje kan geen twijfel bestaan. Het is hen in de eerste plaats om de sensatie van de macht te doen. De remedie van revolutie - 'een hutspot van bolsjevistische en fascistische symbolen' - blijkt erger dan de kwaal. Weliswaar komt er mede door het verraad van enkele leden van het komplot weinig terecht, toch bezorgt de apocalyps die de gekken beramen, de lezer vandaag de dag nog kippevel.

Hoe ongerijmd hun plannen ook waren, ze werden sindsdien in verschillende toonaarden en met het bekende resultaat door totalitaire systemen (het populisme, het communisme, het fascisme) in praktijk gebracht. Roberto Arlt kwam af en toe zelf in de ban van deze sinistere fantasieën, maar reserveerde ze gelukkig voor de literatuur.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden