Review

Liederenavond laat zien wat westerse en islamitische wereld bindt.

Het Amsterdamse KIT Tropentheater opent het seizoen met het eerste deel van een drieluik rond een onvoorwaardelijke, maar onmogelijke liefdesgeschiedenis: het verhaal van Layla en Madjnun.

door Armand Serpenti

Liefde is universeel. In het Westen kent natuurlijk iedereen het verhaal over Romeo en Julia. Een soortgelijke liefdesgeschiedenis houdt de islamitische wereld al eeuwen langer in zijn greep. De Perzische dichter Nizami maakte in de 12de eeuw een poëtische versie van ’Layla en Madjnun’, een oeroude vertelling die tot op de dag van vandaag populair onderwerp is in talloze kunstuitingen en disciplines; niet alleen in het Midden-Oosten, maar tot ver daarbuiten. Zelfs Eric Clapton baseerde er zijn ’Layla’ op.

„Er was eens een jongen, Qays genaamd. Hij was tot over zijn oren verliefd op het meisje Layla. Zo stapeldol was hij op haar dat mensen hem Madjnun gingen noemen, dat ’gek’ betekent, gek van Layla. Met erotische gedichten verkondigde Madjnun op elke straathoek zijn liefde voor Layla. Layla’s vader vond dat Madjnun zijn dochter daarmee publiekelijk te schande maakte en verbood haar om Madjnun ooit nog te zien. Hij beval haar te trouwen met een ander, een rijke Arabier, van wie ze nooit zou gaan houden. De intens ongelukkige Madjnun trok zich terug in de woestijn en ging leven tussen de wilde dieren. Ook na de dood van haar man kon Layla Madjnun niet in de armen sluiten. Haar geloof eiste namelijk dat ze een lange tijd alleen moest blijven alvorens te kunnen hertrouwen. Daardoor stierf Layla van verdriet. Kort na Layla’s dood stierf ook Madjnun. Nooit hebben ze hun liefde mogen smaken, maar in het hiernamaals zijn ze nu voor eeuwig bij elkaar.”

Zo draagt een Iraanse verhalenverteller de tragische liefdesgeschiedenis voor aan een groep kinderen in het KIT Tropenmuseum. Achter hem hangt een kleurrijk, typisch Perzisch verteldoek met afbeeldingen van het verhaal. Het doek hangt in een snoepjesroze hoek van het museum tegenover een net zo opvallend kunstwerk: Madjnun treurend over zijn dode geliefde, een onderdeel van de vaste collectie en gemaakt door de Iraanse beeldend kunstenaar Farshid Mesghali.

Voor het KIT Tropentheater was het Layla-en-Madjnun-thema aanleiding opdracht te geven tot een drietal voorstellingen. Zo tekende componist Rokus de Groot voor ’Een compositie over het nachtelijke’ een muziektheaterproject met medewerking van onder meer het Nieuw Ensemble, waarin moderne westerse en oriëntaalse dans en muziek elkaar ontmoeten. ’De taal der liefde’ vormt het derde deel van de trilogie, een grotendeels literair programma met optredens van schrijvers, dichters en columnisten. De serie opent met ’De onmogelijke liefde bezongen’, een liedavond waarop de zangeressen Sevara Nazarkhan uit Oezbekistan en de Tunesische, in België wonende, Ghalia Benali, samen met een keur aan musici van verschillende culturele pluimage, hun interpretatie geven van de liefdesperikelen van Layla en Madjnun.

„Het wordt een muzikale avond met theatrale aspecten. Dans en een oriëntaalse aankleding zorgen voor meer dan een concert waarbij twee zangeressen liedjes staan te zingen” stelt Dirk Seymus, mede artistiek leider van de voorstelling. „We willen het klassieke verhaal plaatsen in de wereld van vandaag. Natuurlijk draait het daarbij ook om de verhouding tussen de westerse en Arabisch-islamitische wereld, met name om datgene wat beide bindt, maar die relatie wordt nooit expliciet: ze komt tot uiting in de combinatie van Arabische en westerse musici en instrumenten alsook in het samenbrengen van traditionele liederen met modern repertoire.”

Daarvoor waren uiteraard veelzijdige muzikanten nodig. Zo is Nazarkhan in Oezbekistan bekend als popster – ze maakte deel uit van de Oezbeekse ’Spice Girls’ en combineerde pop met de muziek van haar thuisland op ’Yol Bolsin’, een cd die ze samen met de Franse producer Hector Zazou uitbracht op Peter Gabriëls Real World-label. Maar Nazarkhan zingt ook in opera’s en is een virtuoos op de doutar, de traditionele tweesnarige luit waarop ze tevens in deze voorstelling te horen is.

Benali, naast zangeres ook kunstenares en actrice, bracht met haar internationale ensemble Timnaa, Europese, Arabische en Afrikaanse tradities bij elkaar en werkt momenteel aan een project getiteld ’Romeo en Layla’: „Het is een metafoor voor een oprechte liefde, onmogelijk gemaakt door verschillen in cultuur, religie en huidskleur, een heel actueel thema en prima toepasbaar op ’De onmogelijke liefde bezongen’. Daarin zing ik dan ook liedjes uit ’Romeo en Layla’. Verder vertolk ik een oud lied van de Egyptische diva Oum Kalthoum, een Indiaas lied en ghazals (een poëtische liedvorm van Arabische origine, red.), maar ook nieuwere liedjes, zoals een nummer van Billie Holiday.”

Benali, Nazarkhan en de andere musici werkten nooit eerder samen. „Door te kiezen voor uitvoerders die elkaar nog niet door en door kennen, willen we voorkomen dat de ene groep of traditie de andere gaat overheersen of in de weg staat”, stelt Seymus. Het moet iets volledig nieuws worden.

Niettemin ontdekt Benali veel van zichzelf in Nazarkhan: „De onderwerpen van haar liedjes komen mij zo bekend voor dat ik moeite heb mijn emoties erbij te bewaren. We kunnen ook allebei heel mooi dansen en zijn twee beeldige verschijningen!”

Vandaag geen Hedenland: Jan Kuitenbrouwer is op vakantie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden