Recensie Boek

‘Lente’ laat zien dat achter alle woorden en verhalen andere schuilen

Ali Smith Beeld Hollandse Hoogte / The Guardian & The Observer

‘Lente’, de derde roman in de seizoenenreeks van Ali Smith, laat zien dat achter alle woorden en verhalen andere schuilen.

‘Wat ze vergeten van Windrush is dat het een rivier is, en in de meeste gevallen komt een rivier uit een bron en leidt naar meer rivieren en dan naar iets met omvang van een oceaan,” mompelt Paddy, een stervende vrouw aan een morfinepomp, nee, een scenarioschrijver, of misschien vooral een lezer. Iemand die begrijpt hoe verhalen werken, die de oude verhalen kent. Haar goede vriend Richard Lease vindt haar een genie. Hij is ook scenarioschrijver, doch niet van het scherpste soort. Ze is van de oude stempel, zegt ze tegen hem. Iemand die nog leest. Waarom zouden we romans lezen?

‘Lente’ is het derde boek in een kwartet over de seizoenen van de Schotse schrijver Ali Smith. Smith schreef hiervoor talloze goed ontvangen romans, verhalenbundels, en non-fictie boeken, waarin de taal zelf altijd een hoofdrol speelt. In ‘Lente’ laat ze zien dat verhalen altijd op eerdere verhalen rusten, en hoe je om iets te begrijpen van de wereld waarin je leeft op zoek moet naar die eerdere verhalen. Het Windrushschandaal uit 2018 draaide om immigranten die al jarenlang rechtmatig in het Verenigd Koninkrijk verbleven maar toch werden gedetineerd, hun werk kwijtraakten en in sommige gevallen zelfs werden uitgezet. Om te begrijpen hoe dat kon gebeuren, moet je op zoek naar de verhalen die het mogelijk maakten.

Tacita Dean

Het plot van ‘Lente’ laat zich makkelijk en moeilijk navertellen, omdat een samenvatting geen recht doet aan de speelsheid, springerigheid en grillige schoonheid van dit boek. Richard raakt na de dood van Paddy in een crisis en trekt naar Schotland, naar de bergen. Een twaalfjarig gevlucht meisje met een bijzonder talent voor taal en onzichtbaarheid, dat misschien wel en misschien niet Florence heet, loopt een detentiecentrum in om de directeur te spreken. Daarna reist ze ook naar het noorden, vrijwillig vergezeld door een bewaker (Brit, een afkorting van Brittany oftewel Brittanië). Daar raakt haar lot met dat van Richard verbonden, en daardoor komt hij op het spoor van een hoopvol verhaal (niet dankzij Brit/de staat), dat ik hier niet ga verklappen.

Door het hoofdverhaal worden talloze andere verhalen geweven, van die van de oude Grieken via volksverhalen en Shakespeare en de modernisten door naar nu. De lente zelf staat centraal, een trots seizoen, een opening. Net als in ‘Herfst’ en ‘Winter’ is er een vrouwelijke beeldend kunstenaar en haar werk (ditmaal eentje die nog leeft, Tacita Dean), een verstandhouding tussen een oudere man en een meisje, en een buitenstaander. Er is trouwens ook een boek in het boek, April geheten, over Katherine Mansfield en Rainer Maria Rilke, die in 1922 tegelijkertijd in een Zwitsers kuuroord verbleven zonder elkaar te leren kennen. En er is een pervertering van dat boek door een scenarioschrijver die er ondanks Mansfields vergevorderde tbc seksscènes in schrijft.

Belang van de vorm

Net als in de rest van haar werk stelt Smith grenzen en lijnen ter discussie, van landsgrenzen en gender tot de vorm van een citroen. Ze laat zien dat het grote en het kleine niet te scheiden zijn, dat het een niet belangrijker is dan het ander, dat er altijd nieuwe verbanden mogelijk zijn, of zelfs een metamorfose. De taal draagt dit allemaal al in zich. De vorm die je kiest om iets te vertellen – een scenario, reclameboodschap, Tweet, e-mail, ansichtkaart, liedje, gesprek, roman – beïnvloedt wat je precies zegt. Smith maakt gebruik van al deze vormen, en andere, op een manier die tegelijk ingenieus en volkomen vanzelfsprekend is. Volgens Wittgenstein gebruiken filosofen taal die vervormd is, om de wereld te duiden, als lopen met schoenen die te krap zitten. En misschien doen we dat allemaal vaak wel. Smith trekt onze schoenen uit, en laat zien dat in, naast en achter alle woorden en verhalen andere schuilen, en dat die onze leefwereld vormen.

Dat zie je al in de allereerste zin: “Wat we niet willen zijn feiten.” De beginpagina’s van het boek zijn geschreven door Florence. Ze gaan niet alleen over feitenvrije mediacircussen, bespelers van de publieke opinie, internettrollen, of populistische politici. Ze tonen ook dat feiten en verhalen geen gescheiden werelden zijn. Dat we bij alles wat er gebeurt een verhaal nodig hebben om er chocola van te maken, en dat er mensen zijn die dat misbruiken.

Waarom schrijven mensen romans? Ik denk daar zo weinig mogelijk over na omdat ik, als romanschrijver, de noodzaak ervan niet wil betwijfelen. Maar uiteindelijk draait het steeds om de vraag: wat betekent het nou allemaal? Dat de knoppen van de bomen weer uitkomen, de wereld in bloei staat, terwijl mensen gevangen zitten of doodgaan omdat ze op de verkeerde plek geboren zijn, en dat al die gebeurtenissen en de verhalen erover steeds weer terug­keren, maar dan net anders. Zoals Spinvis zingt: “De geschiedenis herhaalt zich nooit, maar rijmt altijd een keer.”

Meerstemmigheid

‘Lente’ eindigt in Schotland, want voor de huidige vluchteling in het Verenigd Koninkrijk was er al de Schot. (Romans gaan altijd ook over tijd. Ze zijn bij uitstek geschikt om tijdslagen door te snijden, die met elkaar in verband te brengen, en ze vragen van de lezer tijd.) De verhalenverteller sterft en er is alweer een nieuwe opgestaan, een kind nog, eentje van elders, van niet hier, een ander. Iemand die juist omdat ze van buiten komt en zelf nog nieuw is het vermogen heeft het verhaal opnieuw te vertellen. Ze mengt zich met haar stem tussen alle andere stemmen. Meerstemmigheid leidt bij Smith niet tot relativisme, maar biedt hoop. (De lente zelf is natuurlijk ook meerstemmig. Kijk maar naar buiten.)

In de lente begint alles opnieuw, en dat is hoopvol maar ook melancholisch want het zal weer eindigen – maar pas veel later, pas na de zomer. Niks blijft, alles keert terug. ‘Lente’ is uiteindelijk een ontroerend verhaal over die oneindige beweging, en over onze tijd. Over dit nu, hier nu, zoals Jeanette Winterson dat noemt. Dit boek vertelt het verhaal van de vreemdeling opnieuw en laat ons daarmee dit nu opnieuw zien. En daar zullen we altijd romans voor nodig hebben.

Ali Smith
Lente
Vert. Karina van Santen en Martine Vosmaer. Prometheus; 304 blz. € 21,99

Oordeel: van een speelse, springerige en grillige schoonheid.

Lees ook: 

‘Winter’ is een wonderlijk, meeslepend boek en brengt je op nieuwe gedachten

In ‘Winter’, het tweede deel van haar seizoenenkwartet, schrijft Ali Smith over de brexit en Grenfell Tower, maar ook over ons hyperbewustzijn

In ons dossier boekrecensies vindt u een overzicht van de besprekingen van pas verschenen fictie, non-fictie, jeugdliteratuur en thrillers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden