Naschrift

Kunstenaar Lou Ten Bosch hield graag zelf de touwtjes in handen

Ludovicus Roelandus Marie Ten Bosch (rechts). Beeld RV

Als jongste spruit van tien kinderen, had Lou Ten Bosch al gelijk een vrije rol in zijn ouderlijk gezin. Hij was best verwend en hing graag de paljas uit. Samen met zijn twee broers plaagde hij vaak zijn zussen. Dan sloot hij ze op in een tuinhuisje en stopte er zijn favoriete insect, de spin, bij in. Hij was een speels kind, en struinde vaak in zijn eentje door de tuin of langs het slootje achter hun huis. Lou zou zijn hele leven blijven spelen.

Ludovicus Roelandus Marie Ten Bosch werd op 21 mei 1923 in Rotterdam-Kralingen geboren. Zijn vader had een manufacturenwinkel en was vermaard om zijn etalages. Hij hield zo van mooie stoffen, dat hij er vaak te veel van inkocht en de zaak uiteindelijk failliet ging. Ook Lou zou geen ster op het zakelijke vlak worden. Zijn creatieve inborst kwam wat meer van zijn moeders kant. Zij deed graag toneelstukjes tussen de schuifdeuren. En in de slaapkamer van Lou en zijn broer Wim richtte ze een doka in, waar ze in die tijd al haar eigen foto's ontwikkelde.

Na de middelbare school ging Lou naar de Academie voor Beeldende Kunsten in Rotterdam, maar het was inmiddels oorlog en er waren niet altijd lessen. Ook dook hij enige tijd onder bij een Drentse boer om aan de Arbeitseinsatz te ontkomen. Na de oorlog kreeg Lou toch zijn diploma 'Tekenen en Schilderen' en vertrok met een handkar richting Dordrecht. Daar woonde familie en was het eenvoudiger om atelier- en woonruimte te vinden dan in het gebombardeerde Rotterdam.

Lou werd lid van het Dordtse Teekengenootschap Pictura en vestigde zich als kunstenaar. Om de hoek van Pictura woonde Ank Stumpel, die instant verliefd werd op de knappe, rijzige kunstenaar. De roodharige Ank ging vaak op haar balkonnetje staan, zodat ze in zijn blikveld kwam. Het was Ank die Lou verleidde. Zij was in die tijd assistent van poppenspeler Henk Zoutendijk, en zo ontdekte hij zijn liefde voor het poppenspel. Ze traden in die eerste jaren vaak samen op. Veelal zonder script, hij mocht graag improviseren. Ze trouwden in 1954 en kregen in vijf jaar tijd vijf kinderen: vier dochters, waaronder een tweeling, en een zoon.

Beeld x

Het jonge gezinsleven kooide de vrije vogel, er moest brood op de plank komen. Lou ging fulltime werken als tekendocent aan de Pedagogische Academie (de 'kleuterkweek') en zou dat tot zijn VUT blijven doen. Daar was hij de grote animator. Generaties kleuterjuffen genoten van zijn onorthodoxe, impulsieve manier van lesgeven. Al ging hij soms wel ver. Zoals die keer toen hij het breiwerkje van een studente in de kachel gooide, omdat ze niet oplette. Of toen hij een haarlok bij een ander afknipte, onder het mom van wetenschappelijk onderzoek, terwijl hij dat haar gewoon nodig had voor een van zijn poppen.

Zijn vrije kunstenaarschap verdween in die jaren noodgedwongen naar de avonduren en weekenden, maar zonder aan geestdrift of werklust in te boeten. Uren achtereen werkte hij in zijn atelier naast de keuken. Lou was altijd aan het creëren, schetsen of schilderen. Ank, de kinderen en huiselijke taferelen waren geliefde onderwerpen. Aan zijn brein ontsproot het ene na het andere creatieve idee. De kinderen zagen hem 's ochtends dromerig roeren in de havermoutpap en 's avonds in een grote pan met papier-maché - voor zijn poppenkastpoppen. Hij kon van niets iets maken. Zodra hij een lapje heen en weer bewoog, zat er een ziel in.

Lou reisde graag, zo deed hij inspiratie op. Hij was sterk beïnvloedbaar en raakte snel enthousiast voor iets nieuws. Zo maakte hij zich diverse kunstdisciplines eigen; hij was een creatieve duizendpoot. Door zijn lust tot spel en acteren richtte hij mede het Pictura schilderscabaret 'De Pepper' op. Daarna raakte hij compleet gefascineerd door mime, met de Franse Marcel Marceau als grote voorbeeld. En in de jaren zestig verhief hij het 'zwarte objectentheater' tot kunst in 'Tejater OEI'. Samen met collega Albert Winsemius, beiden gekleed in het zwart, brachten ze tegen een donkere achtergrond objecten tot leven. Echt illusietheater: uniek voor die tijd.

De wereld draaide wel een beetje om Lou, hij stond graag in de belangstelling. Mensen vielen voor zijn vrolijke, creatieve verschijning. Maar thuis kon hij grillig en chaotisch zijn; hij zette zonder pardon het geliefde poppenhuis van zijn kinderen aan de straat, omdat het in de weg stond. En je moest wel meedoen aan alle creativiteit in huis; als kind van Lou was je kunstzinnig - of dat nu bij je paste of niet. Later, toen zijn kinderen succesvol werden in de kunstwereld, was hij trots, maar ook een tikkeltje jaloers. "Ik word overvleugeld door mijn kinderen", zei hij een keer. Dat hij zelf met name bekend was in lokale kunstkringen en niet bij het grote publiek vond hij jammer, maar maakte hem niet bitter.

Lou had echt twee kanten: de lichte, speelse en de melancholieke kant. Soms raakte hij erg in zichzelf en miste alles wat er om hem heen gebeurde. Lou was oostindisch doof, Ank de ouder met het luisterende oor. Ze waren in meer opzichten elkaars tegenpolen. Ze gingen allebei hun eigen gang, Lou met zijn kunst en Ank met haar activiteiten voor het Vrouwenhuis. Toch waren ze stevig met elkaar verklonken. Hun huwelijk hield ruim zestig jaar stand.

Een zelfportret uit zijn jonge jaren met ernaast een foto uit Lou's laatste levensfase. Beeld RV

In 1984 verliet het stel hun vertrouwde Dordrecht. Samen met tien vrienden en familieleden huurden ze landgoed 't Waliën in het Gelderse Warnsveld om er samen prettig oud te worden. Daar ontdekte Lou, net 61, de kracht van de natuur en werd 'bosjutter in zijn buitenatelier'. Dagelijks werkte hij aan een honderd meter lang bospad met houtwallen, stapels takken en gevonden houtobjecten. "Veel kunst van anderen zien, leidt af van je eigen werk; niet iets maken, maar laten ontstaan. Mijn pad is rustgevend en maakt je gedachten vrij", zei hij daarover.

De ruim dertig jaar op het landgoed brachten hem dichter bij zichzelf; zijn schilderwerk werd sterker, abstracter. Hier kon hij volledig zijn eigen gang gaan, dat beviel hem zeer. Ook aangaande zijn eigen dood hield hij graag de regie. Jaar in jaar uit besprak hij openlijk zijn aanstaande afscheid met de kinderen, en een lidmaatschap van de NVVE, de Nederlandse vereniging voor een vrijwillig levenseinde, was voor beiden vanzelfsprekend. Hun wilsverklaringen werden geregeld herzien en aangescherpt.

Ank genoot nog van elke dag, hoewel ze de laatste jaren steeds minder kon en afhankelijk werd van thuiszorg. Lou had moeite met die aftakeling. "Ik laat het niet zo ver komen." Hij kreeg minder grip op lichaam en geest; het schilderen hield op en buiten werken lukte maar moeizaam. Toen Ank afgelopen november overleed, hoefde het voor hem niet meer. Hij viel stil. In zijn laatste dagboek beschreef hij nog hoe hij steeds meer onthecht raakte van het leven: 'Het gaat om het ONT', schreef hij.

Eind december nam hij een radicale beslissing; hij stopte volledig met eten en drinken. De gedachte dat het einde nu snel zou komen, stemde hem kalm en vastberaden. In de laatste dagen van zijn leven was Lou zacht, helder van geest. Zijn wilskracht was gigantisch; het duurde zeven dagen voor zijn lichaam het opgaf. Lou Ten Bosch hield tot op het allerlaatste moment de touwtjes zelf in handen.

Lou Ten Bosch werd geboren op 21 mei 1923 in Rotterdam en overleed op 5 januari 2018 in Warnsveld. Hij was een echte vrije vogel. Als beeldend kunstenaar koos hij niet voor één discipline. Lou Ten Bosch was schilder, tekenaar, mimespeler, poppenspeler en bosjutter ineen.

In Naschrift beschrijft Trouw het leven van onlangs overleden bekende of heel gewone mensen. Een tip voor Naschrift? Mail naar naschrift@trouw.nl.

Lees hier meer naschriften.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden