InterviewKunstroof

Kunstdetective Arthur Brand: ‘In de ene wereld moet ik me aan de wet houden, in de andere aan mijn woord’

Arthur Brand in ‘De kunstdetective’.Beeld Tetteroo Media

Kunstdetective Arthur Brand vindt overal ter wereld gestolen kunst terug. CNN vergeleek hem met Indiana Jones, maar hij vindt zichzelf eerder een stuntelende Inspector Clouseau. Vanaf vanavond (dinsdag 1 sept) is een nieuwe tv-serie over hem te zien.

Hangt hij daar nog boven de bank, de gestolen Picasso die ­Arthur Brand vorig jaar terugvond? De kunstdetective lacht en schudt zijn hoofd. Nee, het kleurrijke werk in zijn Amsterdamse bovenwoning is een kopie. Een herinnering aan die ene nacht dat het echte portret van Dora Maar uit 1938 daar wél hing, zonder lijst, aan een klein spijkertje.

Een schilderij van een slordige 70 miljoen, dat hij even daarvoor op een afgelegen parkeerplaats had opgehaald, in het aardedonker. De clandestiene eigenaars hadden hem daar op afspraak bij een boom gezet, verpakt in vuilniszakken. Na zenuwslopend sms-verkeer vond Brand het pakket. Met trillende vingers verwijderde hij thuis het verpakkingsmateriaal. 

“Ik zag die kleuren, die dikke klodders verf, dat was bijna een religieuze ervaring”, zegt hij. Jarenlang had hij gespeurd naar dit verloren gewaande werk. Hij kende ieder detail – en ieder detail klopte. Stickertjes op de achterkant van het doek – verkoopbewijzen van een New Yorkse galerie van lang geleden – gaven voor hem de doorslag. Dit was geen vervalsing, dit was de echte Picasso.

Wereldnieuws

De spannende operatie is gefilmd voor de tv-serie ‘De Kunstdetective’, die vanavond begint. Nadat de filmploeg naar huis was gegaan, heeft Brand de hele nacht naar het schilderij zitten kijken, zegt hij. “De volgende dag was de vondst wereldnieuws en werd het doek opgehaald door de verzekeringsmaatschappij.” Die had in 1999 de schade vergoed toen het doek in Antibes werd gestolen van het jacht van een schatrijke sjeik.

Zijn grootste vangst is het, en zeker zijn mooiste. Maar Arthur Brand heeft de afgelopen tien jaar veel meer gestolen kunst teruggevonden. Beroemd werd hij met de twee enorme bronzen paarden van Josef Thorak die in de tuin van Hitlers Rijkskanselarij stonden. Nazikunst die verloren werd gewaand, maar in Oost-Duitsland was opgeslagen en voor westerse valuta aan oude nazi’s in West-Duitsland werd verkocht. 

Beeld Hollandse Hoogte / Rob Voss

Hij vond ook de gestolen oude meesters uit het Westfries Museum in Hoorn terug bij een militie in Oekraïne. Dankzij hem kwamen een geroofde Dali en een De Lempicka uit de collectie van de gevallen bankier Dirk Scheringa boven water. Een ring van Oscar Wilde, een gouden keizerskroon uit Ethiopië. Te veel om op te noemen.

Onderpand

Hoe doet hij dat? Door goede contacten met de onderwereld en de politie, zegt hij. Gestolen kunst gaat in de onderwereld vaak van hand tot hand, waardoor het snel uit zicht verdwijnt. “Als er niet genoeg cash is om een wapenverkoop of drugsdeal rond te krijgen, wordt zo’n kunstwerk als onderpand gegeven. Het kan ook worden ingezet om te onderhandelen met justitie.” Brand denkt dat de Frans Hals die vorige week – voor de derde keer – werd gestolen ook als ruilmiddel in de onderwereld zal worden ingezet. “De crimineel die het in zijn bezit heeft, is meestal de dief niet. Soms komt het bij een verzamelaar terecht die geen idee heeft dat zijn kunst gestolen is.” 

Door jarenlang speurwerk en informatie die hem wordt toegespeeld, komt Brand de werken uiteindelijk op het spoor. “Dan is zo’n eigenaar niet blij. In de ideale wereld zeg je: laat zo’n meneer maar even naar de politie gaan om het terug te geven. Maar zo werkt het natuurlijk niet. Ze zitten ermee in hun maag, want ze willen niet de cel in voor een kunstwerk dat ze zelf niet gestolen hebben. Dan kunnen ze het vernietigen – heel veel gestolen kunst wordt in de hens gestoken – of ze kunnen het teruggeven. Dat vind ik belangrijk. Die kunst moet terug, liefst onbeschadigd. Het gaat er mij niet om de dief te pakken, die is na al die jaren meestal niet meer te traceren.” 

Dan treedt Brand op als tussenpersoon, vaak met medeweten van justitie. “Ik schipper tussen twee werelden: in de ene moet ik me aan de wet houden, in de andere aan mijn woord. Anders gaat je reputatie eraan en krijg je niets meer voor elkaar.”

Het zijn geen kleine jongens met wie hij te maken heeft, zegt hij. “Het gaat om topkunst, dus ook om topcriminelen.” Zijn speurtochten brengen hem in spannende situaties. Ook terroristische organisaties als Al-Qaida en het Ira houden zich bezig met roofkunst, en hij kreeg te maken met de Oekraïense en Iraanse geheime dienst. “Daar maak je liever geen kennis mee”, lacht hij. 

Beeld Tetteroo Media

Na de vondst van Hitlers paarden vergeleek nieuwszender CNN hem met actieheld Indiana Jones. Brand grinnikt. “Ik herken veel meer in Inspector Clouseau, gespeeld door Peter Sellers. Ik volg zo vaak de verkeerde sporen, het kwartje valt soms pas laat. Ik moet het hebben van geluk en doorzettingsvermogen.” 

Inderdaad voldoet Brand niet in alle opzichten aan het beeld dat je zou hebben van een avontuurlijke kunstdetective. Zo heeft hij geen rijbewijs. De gestolen Dalí ging hij na de bloedstollende onderhandelingen ophalen met de bus. Zat hij daar met zijn ov-kaart in de ene hand en een miljoenenwerk in de andere. Ook slimme gadgets zijn niet aan hem besteed. Voor Brand geen geavanceerde smartphone, maar een stokoud mobieltje, dat tijdens het interview overigens wel vijf keer overgaat en dat hij - ‘Sorry, deze kan belangrijk zijn’ - iedere keer opneemt.

Vijf studies

Zijn liefde voor kunst kreeg Brand mee van zijn ouders die hem altijd meesleurden naar musea. Zijn hang naar avontuur komt van de strips die hij in zijn jeugd verslond. Brand begon aan vijf studies, maakte er niet een af en belandde in Spanje. Daar maakte hij kennis met een groep schatgravers en ging hij zelf op zoek naar oude munten. Hij kreeg de smaak te pakken en zocht contact met Michel van Rijn, een omstreden kunstsmokkelaar die veel opzienbarende stukken in handen kreeg. Brand hielp hem bij het bouwen van een website en kon zo, vanuit een hoekje van de kamer, toekijken hoe Van Rijn te werk ging. “De ene dag kwam Scotland Yard langs, de volgende dag een maffiabaas. Het was net The Godfather. Ik mocht niet aan tafel komen zitten, maar ik werd wel geparachuteerd in die wereld.”

In de beginjaren waren er wel mensen die twijfelden aan zijn integriteit. Hij zou onder een hoedje spelen met criminelen om zo verzekeringsmaatschappijen op te lichten. Hij reageert fel. “Onzin, de meeste gestolen kunst is helemaal niet verzekerd. De Picasso was een uitzondering.” Die vondst leverde hem een paar duizend euro op, maar de speurtocht naar de paarden van Hitler kostte hem alleen maar geld. Ze zijn in beslag genomen door de Duitse justitie. “Ik werk overal samen met de politie, in Nederland, maar ook in Duitsland, Engeland en Spanje. Denk je dat zij in zee gaan met iemand die zelf crimineel is?”

Rijk wordt hij er niet van, bezweert hij. “Geld interesseert me geen moer, het gaat me om de kunst, het verhaal en de adrenaline. Maar ik ben niet arm hoor.” Door zijn successen wordt hij veel gevraagd voor lezingen en zijn boek over nazikunst is al in diverse talen verschenen. “Zeventig procent van mijn inkomsten komt uit advies aan mensen die kunst willen kopen maar twijfelen over de herkomst, of die kunst hebben waarvan ze vermoeden dat het gestolen is, of een vervalsing.”

De spraakmakende ontdekkingen vormen zijn visitekaartje, zowel in de boven- als de onderwereld. Momenteel is hij met veertien zaken bezig, waaronder de Van Gogh die in maart gestolen werd uit het Singer museum in Laren. Hij kreeg al een tip binnen, een foto van het schilderij met een recent exemplaar van de New York Times ernaast. In de tv-serie wil hij de zaak oplossen, de laatste aflevering half oktober is eraan gewijd.

“Ik wil of het schilderij terugvinden, of ik wil onthullen wie het gestolen heeft en waar het werk nu is”, zegt hij. “Maar die zaak is nog niet rond, dus dat wordt de komende weken heel spannend.”

En die prachtige Picasso, waar is die uiteindelijk terechtgekomen? Tja, dat zit hem wel een beetje dwars. Waarschijnlijk is hij terug bij de sjeik - het is gebruikelijk dat een eigenaar een gevonden werk mag terugkopen van de verzekeringsmaatschappij. “Ik heb er nooit meer wat van gehoord. Dat heb je met die rijke types, die houden niet echt van kunst.”

Nee, dan de geëmotioneerde reactie van de gelovige Cyprioten, toen hij een vroeg-christelijk mozaïek uit de vierde eeuw terugbezorgde. Daar doet hij het voor.

De eerste aflevering van de serie ‘De kunstdetective’ is vanavond te zien om 20.25 uur op NPO 2 bij omroep Max.

Lees ook:

Wat doe je met een gestolen Van Gogh?

Wat moet je met een gestolen Van Gogh? Volgens kunstdetective Arthur Brand zijn criminelen zeer geïnteresseerd. Niet om het aan de muur te hangen, maar om in te zetten bij deals met andere criminelen of met justitie.

Frans Hals voor derde keer gestolen uit Leerdams museum

 Voor de derde keer in dertig jaar is een schilderij van Frans Hals gestolen uit een museum in Leerdam. ‘Twee lachende jongens met bierkruik’ verdween ook al in 1988 en 2011, maar werd weer teruggevonden – de eerste keer na drie jaar, de tweede keer na zes maanden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden