Opinie

Kommerloos blijmoedig

Anniek Pheifer speelt de schrandere Rosalind uit Shakespeare’s ’As You Like It’. „Het is een sprookje, met al die verklede mensen in het bos.”

De broer van Shakespeare wist het jaren nadien nog steeds zeker: hij had zijn beroemde broer in een toneelstuk zien spelen. In een toneelstuk dat William zelf geschreven had bovendien en dat ’As You Like It’ heette. Hij speelde de rol van een oude man die in de armen van een jonge man over het toneel wordt gedragen, Adam genaamd.

Gesteld dat Shakespeare een broer had, zou het niet onwaarschijnlijk zijn dat William de rol van Adam speelde, daar het een ondergeschikte rol in het stuk is en dus passende rol voor Shakespeare zelve.

Shakespearehertaler Willy Courteaux weet waarom: „Wij weten dat hij nooit belangrijke rollen speelde (hij zou ook de geest van Hamlets vader hebben gespeeld), niet noodzakelijkerwijze omdat hij een middelmatig acteur was, maar misschien voornamelijk omdat hij als auteur te belangrijk was voor zijn theater om te veel tijd te verliezen met het instuderen van lange rollen.”

„Shakespeare was geen kamerpoëet. Maar een man die elke dag als acteur, als regisseur, als mede-eigenaar van theater The Globe én als dramaturg in de jachtige en uitputtende realiteit stond van een theaterleven dat alleen stand kon houden bij de gratie van het publiek, door ononderbroken inspanning, en door een voortdurende vernieuwing van het repertoire, waarbij de dominerende stelregel was, stukken te brengen ’naar het hun beviel’.”

Allerminst onderschikt in ’As You Like It’ (’Naar het u bevalt’) is de rol van Rosalind. Zij is een van de drie vrouwen die zich aan het slot na veel geharrewar en seksewisselingen met de juiste man verloven. Het stuk ademt de sfeer van ’kommerloze blijmoedigheid’ en speelt in het bos, al luidden de regieaanwijzingen tamelijk nauwgezet: ’een boomgaard’, ’een grasveld’, ’een andere plek in het woud’, ’een andere plaats in het woud’, ’het woud, voor de hut’.

Rosalind is de leukste van de drie vrouwen, en niet letterlijk omdat zij zich als jongeman verkleedt.

Courteaux: „Shakespeare bespeelt doorlopend de twee snaren van haar travestierol: de diepere toon van haar vrouwelijkheid, de lichtere toon van de rol die ze zichzelf heeft toegewezen. Hij bespeelt ze soms afzonderlijk, soms allebei tegelijk, en uit die vermenging van timbres, van tegenstrijdige gemoedsbewegingen die in elkaar vervloeien, is een van de verrukkelijkste vrouwenfiguren ontstaan uit de hele literatuur. Rosalind speelt permanent een dubbele rol. Ze ís zichzelf en ze spéélt zichzelf. Ze staat in de actie en erbuiten; ze is intuïtie én intellect, stuwkracht én toeschouwer.”

In de Nationale Toneelenscenering ’As You Like It’, die morgen in première gaat, speelt Anniek Pheifer de schrandere Rosalind.

Ze vindt het een eigenaardig stuk. „Het is een komedie, al heb ik er persoonlijk niet om moeten schateren, wel grinniken. Het is eerder een sprookje, met al die verbannen mensen die vermomd en verkleed door het bos zwerven en het daar kennelijk wel naar hun zin hebben.”

Pheifer wijst op de ’psychologische spiegelingen’ die Shakespeare hier en daar in de bomen hing. Zoals ’de wereld als groots schouwtoneel’, de tegenhanger van Macbeths ’Tomorrow, tomorrow, tomorrow....’.

Edelman Jacques spreekt die gevleugelde woorden uit: „Alles is theater, en allen, man of vrouw, acteurs. Meer niet. Ze komen op, gaan af, en vele rollen vertolkt een ieder, zolang hij leeft, zeven bedrijven lang.”

Waarop (van zuigeling naar grijsaard) de zeven levensbedrijven volgen: „Het zesde bedrijf toont ons een ouwe vent, niet altijd evident: gelaserd, gebotoxt en overal bestraald, als -ie tenminste netjes heeft betaald. Zijn zware mannenstem heeft de terugreis aanvaard naar de sopraan die hij als kind had, en piept en fluit. Het laatste changement dat onze historie, vreemd en rijk, afsluit, toont tweede kindsheid, suffige dementie. Geen tanden, ogen, smaak, nee, vraiment, niets.”

Anniek Pheifer speelt haar Rosalind onder regie van Gerardjan Rijnders, de regisseur die eigenlijk niet van regieaanwijzingen houdt. Hoe ze zich dan toch laat sturen? „Hij is een man van weinig woorden. Maar áls hij een aanwijzing geeft, kan een scène ook een totaal andere wending krijgen. Soms gebeurt dat tijdens de repetities ook ’terloops’.”

„In m’n eerste scène krijg ik van vriendin Celia op m’n kop dat ik niet vrolijk ben. Dan kun je plat zeggen wat er staat: ’Lieve Celia, ik doe al vrolijker dan ik ben, en jij wilt me nog vrolijker zien?’ Je kunt het ook heel chagrijnig spelen: (grrrrrh) ’Ik doe nu echt m’n allervrolijkst.....’.”

Die chagrijntoon beviel Rijnders kennelijk (’Dat klopt wel.’) en zo wist Pheifer dat ze juist in haar personage zat; dat ze iemand toont die op die plaats niet goed in z’n vel zit.

Al vroeg wist ze dat ze toneelspeelster wilde worden. „Zoals elke puber wilde ik mij onderscheiden van de rest. Ik dacht: het staat misschien wel stoer als ik veel naar het theater ga. Dat was zo, en het bleek nog leuk te zijn ook.” En dus zag zij als veetienjarige Josée Ruiter in ’Elektra’ bij het toenmalige Theater van het Oosten in regie van Agaath Witteman.

Achteraf en onbedoeld bleek Witteman haar theatrale pad te plaveien, want Pheifers afstudeerstuk op de Amsterdamse toneelschool (’Een soort Hades’ van Lars Norèn) ging ook in regie van Witteman. En haar eerste rol bij het Nationale Toneel (in Euripides’ ’Orestes’) was in gastregie van opnieuw Witteman.

Inmiddels is zij vaste medewerker van het Nationale Toneel, waar ze in een waaier aan verschillende stukken speelde. Fassbinders ’Het vuil, de stad en de dood’, Racine’s ’Phèdre’ of ’Triptiek’. Die laatste voorstelling speelde zij in regie van Franz Marijnen op locatie in een voormalig visverwerkingsbedrijf op Scheveningen met de toepasselijke naam ’Kniertje’. (Met de komst van het eigen gebouw achter de Haagse schouwburg hoeft het Nationale Toneel nu niet meer naar Scheveningen uit te wijken.)

In ’Triptiek’ was Anniek Pheifer vijf kwartier aaneen alleen op het toneel. Ze speelde een hoertje, en liet het publiek alle hoeken en gaten van haar hoertjesbestaan zien. Ook letterlijk, want het publiek draaide met de tribune naar alle windrichtingen mee, om in een nieuwe hoek van het gebouw weer een ander temperament van het hoertje te volgen. Die vijf kwartier alleen vielen haar niet zwaar, integendeel: ze kwam er verkwikt uit te voorschijn. „Je moet er geconcentreerd en met volle energie in gaan. En dan ben je, net als een marathonloper, niet moe. Ga je na afloop niet meteen slapen.”

Het merendeel van ’As You Like It’ speelt zij haar Rosalind in mannenkleren. Met een getekende snor op. „Doen als een meisje dat zich ’per ongeluk’ vergist in een toneelstuk binnen een toneelstuk. Kleine stukjes schmieren, soms ’t iets groter maken dan het is.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden