Review

Kohl, de provinciaal die Bondskanselier werd

Helmut Kohl vierde begin april zijn tachtigste verjaardag. De biografie over de oud-bondskanselier doet hem niet helemaal recht.

Toen Helmut Kohl in oktober 1982 bondskanselier werd, hielden veel zogenaamde intellectuelen in de Bondsrepubliek dat op een ’bedrijfsongeval’. Hij was immers een provinciaal die niet in de schaduw kon staan van gerenommeerde voorgangers als Adenauer, Brandt en Schmidt. Tegen de vaak openlijke blijken van onderschatting heeft Kohl lang moeten opboksen en toen hij uiteindelijk, met zijn optreden bij het proces van de Duitse eenwording, zich een plaats in de geschiedenisboekjes had verworven, bedierf hij het later zelf weer, door zijn betrokkenheid bij het aannemen van giften voor zijn partij, de CDU.

Eerst even terug naar de hiervoor genoemde ’onderschatting’. Wanneer de auteurs van een van de biografieën die ter gelegenheid van Kohls tachtigste verjaardag zijn verschenen, moeten worden geloofd, dan speelde dát aspect bij Kohls opkomst en tijdens zijn langdurige kanselierschap (1982-1998) een centrale rol. „Maar de strijd daartegen”, zo voegen documentairemaker Heribert Schwan en historicus Rolf Steininger in één adem eraan toe, „liep parallel met koele strategische berekening, partijpolitiek machtsinstinct en taaie volharding”. Toen Kohl de macht eenmaal had, bleek hij zestien jaar lang onaantastbaar. Dat gold voor politieke tegenstanders zoals Rau en Lafontaine, maar evenzeer voor de critici binnen de CDU. Zij konden hun politieke aspiraties snel begraven. Vanaf het begin van zijn partijvoorzitterschap in 1973 was Kohl niet onomstreden, maar ’der schwarze Riese’, zoals een van zijn talloze bijnamen luidde, overleefde stoelpotenzagende partijgenoten een kwart eeuw lang. Hoogtepunt was het schaakmat zetten van Franz Josef Strauß, toen deze bij de verkiezingen van 1980 tegen de toen nog populaire Helmut Schmidt een smadelijke nederlaag leed.

Behalve uit ’koele strategische berekening’ speelde bij Kohl nog een ander aspect mee: Strauß, minister-president in Beieren en leider van zusterpartij CSU, had zich regelmatig negatief over Kohl uitgelaten (“Helmut Kohl wordt nooit bondskanselier. Die schrijft, als-ie 90 wordt, zijn memoires onder de titel ’Ik was 40 jaar lang kandidaat-kanselier’!”). Kohl vergat nóóit iets, zoals ook later voormalige medestanders die het waagden kritiek uit te oefenen, moesten ervaren.

Tot deze en dergelijke kritische opmerkingen komen Schwan en Steininger overigens pas in het afsluitende hoofdstuk van hun boek. De voorafgaande 309 bladzijden zijn voornamelijk één grote lofzang op persoon en werk van hun held. Een Duitse recensent merkte ironisch op dat de lezer van dit boek zich de aanschaf van Kohls ’Erinnerungen’ (binnenkort verschijnt het vierde deel) kan besparen: uitsluitend Kohls visie op personen en gebeurtenissen wordt belicht. Ronkende kwalificaties over ’Kohls wijze vooruitzichten’ of ’waardig gedragen verwijten’ passen bovendien niet in een moderne biografie. Het feit dat een persoons- en zakenregister, maar ook een fatsoenlijke annotatie volledig ontbreekt, is daarnaast bepaald geen aanbeveling voor auteurs en uitgever.

Erger is dat een aantal belangrijke kwesties onopgehelderd of zelfs ongenoemd blijft. Kohls rol bij de val van kanselier Erhard in 1966 en aansluitend bij de totstandkoming van de eerste ’grote coalitie’ (CDU/CSU en SPD) bijvoorbeeld: waarom steunde Kohl uitgerekend Kiesinger (die een voorstander van een samenwerking met de sociaal-democraten was), terwijl hij zelf de liberale FDP tot ’natuurlijke bondgenoot’ voor de CDU had uitverkoren? Dat Kohl na zijn ambtsaanvaarding in 1982 nieuwe verkiezingen niet meteen, maar pas na ruim een half jaar uitschreef, was begrijpelijk gezien Strauß’ aspiraties, maar was het grondwettelijk wel in de haak?

Het meest overtuigend is Schwan c.s. bij de weergave van de gebeurtenissen rond de Wende van 1989-1990 – met een opvallende dubbelrol voor François Mitterand! –, ofschoon een verwijzing naar de aarzelingen bij Ruud Lubbers ontbreekt. Ook de constatering dat Kohl eerder in personen dan in structuren geïnteresseerd was, lijkt juist – met de kanttekening dat hij mensen voor zich innam, maar hen even gemakkelijk weer liet vallen –, evenals de conclusie dat Kohls veelgeprezen intuïtie hem ten slotte in de steek liet: hij bleef in elk geval één kabinetsperiode te lang, hij verzuimde tijdig opvolgers te laten ’warmlopen’ en hij maakte een misrekening ten aanzien van de gevolgen van de corruptieaffaire.

Dát, gevoegd bij zijn afnemende gezondheid, heeft Helmut Kohl tot een eenzame tachtigjarige gemaakt. En dan is er nog mevrouw Kohl, Maike Richter – Kohls eerste echtgenote Hannelore maakte in 2001, officieel vanwege een ongeneeslijke lichtallergie, een einde aan haar leven –, over wie de auteurs het niet kunnen nalaten op te merken dat zij Kohl helemaal heeft ’ingepalmd’. Maar of ook zó’n opmerking, nog bij Kohls leven, wel in een biografie thuishoort?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden