Review

Knuffelbeesten en suikergoed

Steve Augarde en Christopher James (tekst): 'Bump'; 8 deeltjes, vert. Suzanne Braam, Van Reemst, per deel 12,50 (klein) en 16,90 (groot), vanaf 2 1/2 jaar. Max Velthuijs: 'Dierenfabels' (de Eend en de Vos, de Beer en het Varkentje, de Olifant en de Krokidil), Leopold, herdruk, 29,90, vanaf 3 jaar. Virginia Miller en Martin Waddell: 'Pieperdepiep', vert. Mia Sorella, Zirkoon, 19,95, vanaf 2 1/2 jaar. Anne Wouters: 'Dit boek is te klein' en 'Dit boek is van ons', Lemniscaat, 9,90 per deel, vanaf 2 jaar (het laatste uitverkocht). Anna Hoglund: 'Eerst was er het donker', vert. Jan Kuijper, Querido, 22,50, vanaf 2 jaar.

LIEKE VAN DUIN

Zie de reeks boekjes over het olifantje Bump, getekend in reclamefolderstijl: helder en overzichtelijk, maar volgens een aangeleerd maniertje, waarin bomen, wolken en bloemen allemaal dezelfde schulprand hebben. Hoewel de tekenfilms over Bump, die dit voorjaar op de VPRO-televisie te zien waren, door de beweging van de figuurtjes iets beter uit de verf kwamen dan de boekjes, is het onbegrijpelijk dat juist de VPRO, die de naam heeft na te denken over vormgeving, voor zoiets gemakzuchtigs kiest.

Niet dat de kleintjes daarmee zitten, zij smullen ervan en trekken zich niets aan van al die volwassenen met hun esthetisch verantwoorde smaak.

Toch kan het prentenboek ook een eerste stap op weg helpen naar het museum, zoals Annie M. G. Schmidt eens zei. En daarbij kunnen ouders en andere opvoeders wel degelijk een rol spelen, door kritisch te kiezen en aandachtig voor te lezen. Geen enkel televisieprogramma kan ooit op tegen de persoonlijke warmte en het samen beleven van het voorlezen.

Maar terwijl er een overvloed aan prentenboeken van hoge kwaliteit voor kinderen boven de vier jaar is, is die keus voor babies en peuters beperkter. Max Velthuijs is een must, en de drie puntgave verhalen die nu in 'Dierenfabels' gebundeld zijn, zijn dan ook zeer welkom.

De nieuwe oogst prentenboeken voor peuters vertoont het gebruikelijke beeld: veel middelmatigs en een enkele uitschieter. Zo is 'Pieper-de-piep' van Virginia Miller een aardig verhaal over een muis die een vriendje zoekt. Maar noch het zoemer-de-zoemspel van de bij, noch het woefer-de-woefspel van de hond of het tokker-de-tokspel van de kip kan hem boeien, terwijl de kat er helemaal een eng spelletje op na houdt. Dan gaat de muis in z'n eentje pieper-de-piep spelen, en dat levert hem wel vriendjes op: muizen, met wie hij achtereenvolgens zoemer-de-zoem, woefer-dewoef, enzovoort speelt.

Kleuren (mooi oker, bruin, grijs en groen) en lijnvoering van 'Pieperde-piep' zijn veel steviger dan in 'Potverdrie!', maar een eigen stijl levert dit nog niet op. Leek de vaderbeer uit 'Potverdrie' sterk op die uit 'Welterusten, Kleine Beer' van Barbara Firth, ditmaal is Miller in haar vormentaal schatplichtig aan Helen Oxenbury (op de merkwaardige slurfsnuiten van de muizen na), evenals de schrijver van het verhaal, Martin Waddell. Kennelijk had hij 'Wij gaan op berenjacht' van Oxenbury en Rosen ergens in zijn achterhoofd, met zijn zwieperdezwiep, plenserdeplons en flapperdeflop - of ligt dat aan de vertaling? In beide boeken gaat het om een stapelverhaal, waarin een roofdier voor dreiging zorgt, maar dat veilig in bed eindigt. Maar wat er ook op 'Pieper-de-piep' aan te merken valt, zoetig is het niet.

'Een vriend voor Haas Huppel' van Marcus Pfister is wel hoogst aaibaar: witte wollige haasjes, geaquarelleerd in een nat-in-nat-techniek met winterkleuren, bijgewerkt met dunne lijntjes. In het vorige jaar verschenen eerste deel 'Haas Huppel', zit nog een element van spanning, omdat er een valk neerduikt op Huppel en hij leert om zigzaggend te vluchten. In dit nieuwe deel ontbreekt die spanning: de bruine beer, met wie Huppel vriendschap sluit als hij uit zijn winterslaap ontwaakt, is een echte goedzak. Het is jammer dat de hazen zo suikerzoet zijn, want Pfister is sterk in het sfeervol aanduiden van winterse landschappen, zoals eerder al bleek uit zijn boeken over Pit, de kleine Pinguin. Daarin liet hij zijn kleuren nog niet zo ver in elkaar overvloeien als nu, hetgeen toen letterlijk pittiger platen opleverde.

De Waalse Anne Wouters maakte twee tekstloze boekjes met als thema bevrijding: 'Dit boek is te klein' en 'Dit boek is van ons'. In het eerste dreigt een beer-met-fopspeen uit de kaders van het boekje te groeien, waaruit hij tenslotte verlost wordt door een kleine mol. De bevrijding is als de geboorte uit een eerst veilige en later te kleine ruimte.

In 'Dit boek is van ons' zijn beer en mol in gevecht met een oprukkende blauwe nevel. Als ze helemaal door het blauw omsloten zijn, ontdekken ze ergens een lichtpuntje, dat letterlijk hun houvast wordt. Dit boekje is origineler dan het eerste, maar helaas uitverkocht (herdruk niet zeker).

In beide boekjes valt veel af te lezen van de gezichtsuitdrukkingen van de twee dieren. Dat relativeert de hoge abstractiegraad en is voor de kinderen een noodzakelijk aangrijpingspunt om te bedenken waar die bevrijding over zou kunnen gaan. Ook deze beertjes zijn lief, maar doen aan diverse andere prentenboeken denken.

Tenslotte een uitschieter: 'Eerst was er het donker', een bijzonder prentenboek dat de Zweedse Anna Hoglund maakte in samenwerking met haar driejarig zoontje Otto. Een uitschieter in die zin, dat het verhaal grillig en onvoorspelbaar is en de stijl van schilderen zeer eigenzinnig, hetgeen het tegendeel van een aaibaar, lief plaatjesboek oplevert. Het enige dat echt detoneert in dit verrassende geheel zijn de te zwart gedrukte letters in de praatballonnetjes.

De tekst is uiterst summier: "Eerst was er het donker. . ./ toen kwam de wereld./ Eerst was er de maan. . ./ toen kwam de ochtend. . ./ en toen kwam er een dik mannetje." Met dat mannetje krijgt het verhaal contouren. Het is een merkwaardig schepsel met een neus als een omgekeerde slurf, dat in zijn uitdagend rode outfit frank en vrij op de wereld rondspringt. Een paraplu, een bootje, een ijskraampje en een langneuzige engel komen als vanzelfsprekend uit de lucht vallen. Het mannetje bouwt een kasteel van bakstenen die er zomaar zijn en als het avond geworden is komt de slaap, de droom en een stralende nieuwe morgen.

'Eerst was er het donker' is zo'n boek waar je voor of tegen bent, wat je aantrekt of afstoot, maar hoe dan ook, het is een produkt van onvervormde, kinderlijke fantasie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden