Kloosterkunst vindt plek in nieuwe schatkamer

De expositie ’Van kelk tot koffiekan – Jan Noyons edelsmid’ is t/m 7 januari te zien in Museum Catharijneconvent, Lange Nieuwstraat 38 in Utrecht.

Het is een aanwinst met een treurig stemmend randje. Voor het Museum Catharijneconvent in Utrecht betekent het een kostelijke verrijking van de toch al niet zo armoedige verzameling, maar de rooms-katholieke kerk blijft achter met het gevoelige verlies van – alweer – een tot voor kort actief klooster.

Nu zat de sluiting van de Sint Paulusabdij in het Brabantse Oosterhout er al een poosje aan te komen. De verhuizing van de hoogbejaarde benedictijnse monniken naar een kloosterverzorgingstehuis in Teteringen heeft de toekomst van de abdij definitief bepaald. Het klooster gaat weliswaar niet op slot, maar het benedictijnse karakter gaat wel verloren.

Nog voor de sluiting van de abdij moest een antwoord worden gevonden op de vraag waar de religieuze objecten naartoe zouden gaan. De schatten van de Paulusabdij zijn, zoals het een goed klooster betaamt, bijzonder waardevol. Ze hebben wel allemaal hetzelfde karakter: objecten die in het teken staan van de eredienst, zoals die alleen maar in een klooster kan plaatshebben. Dat betekent veel liturgisch vaatwerk, maar ook kleine sculpturen van devotionele aard en een prachtige collectie paramenten. De Sint-Paulusabdij had een werkplaats waar gewaden als koorkappen en kazuifels werden ontworpen en vervaardigd.

Al deze voorwerpen konden door de monniken bij hun verhuizing naar Teteringen uiteraard niet worden meegenomen. Het klooster heeft daarop besloten het grootste deel van zijn schatten aan het Utrechtse museum te doen toekomen. Het gaat dan niet om de volledige collectie. Enkele stukken (waar onder pontificale gewaden) zijn aan een benedictijnenklooster in het Franse Fontgombault geschonken. Andere gewaden blijven achter in de Sint-Paulusabdij, die een nieuwe bestemming heeft gekregen. De abdij huisvest namelijk voortaan een jonge katholieke beweging met de naam Gemeenschap Chemin Neuf die mannen en vrouwen met een oecumenische roeping omvat. Deze beweging is oorspronkelijk uit Frankrijk afkomstig. Ze wil de abdij ombouwen tot het Nederlandse centrum van hun apostolische gemeenschap.

Juist omdat de kloosterschatten van de Sint-Paulusabdij altijd een functionele toepassing hebben gekend, is hun karakter bijzonder veelzijdig. De oudste voorwerpen dateren uit de late Middeleeuwen, maar ook de tijd van de barok en de 19de en 20ste eeuw kan prachtig worden verbeeld.

Dat de monniken geen heimwee naar ’de goeie ouwe tijd’ hebben gekend, bewijst het feit dat veel liturgisch vaatwerk van moderne snit is. Zo zijn er nog al wat voorwerpen ontworpen door de bekende dom Hans van der Laan. Die vond in de Utrechtse edelsmid Jan Noyons een uitstekende uitvoerder van zijn ideeën. Van der Laans voorkeur voor een sobere, haast minimalistische vormgeving vond bij Noyons een warm onthaal. De dom moet de Utrechtse vakman op dit punt diepgaand hebben beïnvloed. Het toeval wil namelijk dat het Museum Catharijneconvent zojuist een overzichtsexpositie van het werk van Noyons heeft geopend. De voorwerpen die Noyons voor de Sint-Paulusabdij heeft vervaardigd, sluiten naadloos aan bij wat van zijn eigen werk wordt getoond.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden