null Beeld
Beeld

BoekrecensieRoman

Kleine levens, grote verlangens

Jonathan Franzen pakt je wederom in met zijn aangename vertelstijl, en met zijn menselijke maat – vrij van sarcasme en cynisme.

Jonathan Franzen (1959) is sinds hij in 2001 doorbrak met zijn roman De correcties, een van de bestverkopende Amerikaanse auteurs en je snapt waarom: tegen een achtergrond van consumentisme en honger naar meer dan welvaart, beschrijft hij in een soepele en toegankelijke stijl over de haken en ogen die iedereen­­ (in het Westen althans) herkent: huwelijksproblemen, sociale problemen, financiële­­ problemen. En hij zorgt er slim voor dat elke lezer in zijn romans wel een personage van zijn gading vindt, waarmee hij zich min of meer kan identificeren. Dat geldt voor De correcties maar ook voor een roman­­ als Vrijheid en nu weer voor Kruispunt net als die vorige boeken een familieroman.

In Vrijheid verbeeldde Franzen het begrip vrijheid voor de diverse leden van de Amerikaanse Berglund-clan, in Kruispunt doet hij iets dergelijks met een andere familie in een andere tijd, de familie Hildebrand (klinkt Nederlands/Duits, is het niet). Alle leden, vader Russ, moeder Marion, zonen Clem en Perry en dochter Becky staan op een kruispunt in hun leven, alleen het jongste zoontje ontsnapt eraan. Alle vijf worden ze geconfronteerd met flinke dilemma’s, maar je kunt hun leven en hun epoche ook als één groot kruispunt zien, de late jaren zestig, vroege jaren zeventig van de vorige eeuw: oude waarden wankelen, nieuwe horizonten wenken, alles is bezig te verschuiven, het zijn de roaring sixties en seventies. De geest des tijds is er een van onzekerheid en, al dan niet latent, verlangen naar iets nieuws.

Een meester in het verbeelden van containerbegrippen

Jonathan Franzen is een meester in het verbeelden van zulke enorme containerbegrippen als ‘vrijheid’, ‘sociaal besef’, ‘verandering, ‘vooruitgang’, hij giet ze als het ware over zijn personages heen zonder ze eronder te bedelven en ieder geeft er zijn eigen invulling aan, terwijl je toch het gevoel krijgt met een overheersende tijdgeest van doen te hebben.

De Hildebrands in Kruispunt vormen een hecht gezin dat echter rond 1970 op drift raakt, Russ, hulpprediker met een midlifecrisis en een beetje een loser, wordt verliefd op de mooie weduwe Frances, Marion hunkert terug naar oude tijden en een oud liefje en begint weer te roken, Clem geeft z’n studie eraan om tegen de zin van iedereen in Vietnam te gaan vechten, Perry ontdekt de drugs en de mooie Becky, begeerd door allen, begint iets met aanstormend popzanger Tanner. Allemaal ontdekken ze iets nieuws maar wat zal het hen brengen?

Daarover gaat dit boek, dat naar de gewoonte van Franzen weer volumineus is, niet toevallig is Oorlog en Vrede van Tolstoj een van de favoriete boeken van deze links georiënteerde schrijver, niet alleen thematisch maar ook qua omvang. Franzen schrijft panoramische werken over de Amerikaanse, of misschien wel Westerse middelmaat, over zaken die ons in de kern allemaal ergens in het leven overkomen. Vandaar het succes. Het bijzondere is trouwens dat dit nieuwe boek, dat gaat over de doorbraak van drugs, van popmuziek, van seksuele vrijheid, van het maatschappelijk avontuur, toch overgoten is met een christelijk sausje. Misschien een Amerikaans christelijk sausje maar tóch, alle personages lijken op een of andere manier gelovig en zijn dat aan het eind nog steeds.

Franzens boek gaat over de doorbraak van drugs, popmuziek  en seksuele vrijheid. Beeld Getty Images
Franzens boek gaat over de doorbraak van drugs, popmuziek en seksuele vrijheid.Beeld Getty Images

Oversekste jeugdleider

Sociale kern van het boek is de kerkelijke jeugdvereniging ‘Crossroads’ (de hint naar Kruispunt is hier wel heel duidelijk, ook de naam van het plaatsje waar alles plaatsvindt laat niets aan duidelijkheid over: New Prospect), die in deze tijd van seksuele bevrijding en popmuziek nog een soort jeugdkampen probeert te houden, die allengs seculierer worden. De oversekste jeugdleider Russ heeft er in het verleden een scheve schaats gereden door een jong meisje onwelvoeglijk toe te spreken en zijn plaats is ingenomen door de volmaakt empathische Rick Ambrose, een vernedering die hij nauwelijks verdraagt. Toch keert hij terug als er een nieuw zomerkamp wordt georganiseerd, bij de Navajo-indianen met hun prachtige oude spirituele leven, dat Russ zeer bewondert. Om dit gegeven heen cirkelen alle andere personages, de afgetakelde Marion die de zwaktes van haar man maar al te goed ziet, Becky en Clem die zich los willen rukken van de middelmaat maar er toch weer in terugkeren, Perry, mee naar de indianen maar met zijn eigen drugsagenda.

Franzen pakt je in met zijn aangename vertelstijl, en met de menselijke maat waarmee hij de levens en gedachten van zijn hoofdpersonen beziet, als een empathisch psycholoog. Je ziet Russ en zijn familie worstelen met de nieuwe wereld maar tegelijkertijd kennen ze momenten van plotse besluitvaardigheid. In het beschrijven van die afwisseling van stress en berusting, die je de stroom van het leven zou kunnen noemen is Franzen een ware meester; hier op het moment dat Russ de begeerde weduwe Frances ziet arriveren: ‘De vredigheid hield aan tot ze uit haar auto stapte, met haar kleppet op. Toen hij Larry de kofferbak zag openen en er niet alleen de luxe bergbeklimmersrugzak uit zag tillen, maar ook een grote en vrouwelijk aandoende reiskoffer, spelde een verwachtingsvol gevoel alle zielenrust weg, legde de valsheid ervan bloot en benam hem de adem. Het ging gebeuren. Hij zou haar hebben.’

De tegenpool van de sarcastische Tom Wolfe

In veel opzichten is Franzen de tegenpool van die andere chroniqueur van Amerikaans leven, de sarcastische Tom Wolfe. Sarcasme en ironie passen hem niet. Dat spreekt uit het hoofdstuk waarin hij Perry’s megalomane drugsroes beschrijft. Het is enorm geestig en scherp, echt een experiment binnen Franzens vertelkunst, maar nauwelijks geloofwaardig. Nee, dan excelleert hij meer in het soort religieuze en geestelijke tevredenheid waarin zijn personages zo nu en dan verkeren, als iets hen op hun pad bedreigt.

(Spoiler alert; red.) Het is alleen wel een beetje jammer dat Franzen van happy ends houdt, het fijne ervan zal ik hier niet onthullen maar het lijkt haast of Franzen (ongebruikelijk voor een schrijver) hier een soort evangelie verkondigt van ‘alles komt goed, zelfs met Amerika’. Franzens personages, met hun kleine levens en grote verlangens, overleven het culturele en existentiële kruispunt dat de sixties en seventies betekende, niet zonder slag of stoot maar toch vrij harmonieus. Je staat ervan te kijken.

null Beeld

Jonathan Franzen
Kruispunt
(Crossroads)
Vert. Peter Abelsen. Prometheus; 574 blz. € 25

Lees ook:

Franzens echt interessante essays gaan over vogels

Heeft het essay nog wel een toekomst, vraagt Jonathan Franzen zich af in zijn nieuwste boek. Wanneer je het uit hebt, besef je: meer dan ooit, in deze tijden van zwart-witte Twitter-meningen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden