Review

KIOSK

Nadruk op individuele pijn westers vooroordeel?

In Medische Antropologie (Tijdschrift voor Gezondheid en Cultuur) is een artikel van Marian Tankink uitgangspunt van een discussie: 'Zwijgen. Het omgaan met oorlogsherinneringen in Zuidwest-Oeganda'. In de Luwero-Driehoek zijn tussen 1983 en 1986 naar schatting 500 000 mensen vermoord, en nog eens honderdduizenden verdreven. Zeventig procent van de vrouwen zou er verkracht zijn. De gruwelijkheden vonden plaats in een guerillaoorlog tussen de toenmalige Oegandese president Obote en de huidige president Museveni. Tankink, die cultureel antropoloog en psychiatrisch verpleegkundige is, onderzocht er onlangs hoe de mensen de oorlogsherinneringen verwerken. Anders dan de medische communis opinio bij dit soort gelegenheden voorschrijft, stelde ze vast. Uit haar verslag rijst het beeld van een wantrouwige samenleving die het zwijgen ertoe doet. 'De moordenaars lopen nog steeds rond', zegt een informant. Dat is geen wonder, want de burgers hebben massaal meegewerkt aan de slachtpartijen. Zoals zo vaak in Afrika had het conflict ook een inter-etnisch karakter. De mensen hadden na afloop wat anders aan hun hoofd, is een veelgehoorde verklaring van het zwijgen. Informanten zeiden ook dat je maar ziek werd van al die verhalen, of dat hun altijd verteld was zich te beheersen: 'Mijn cultuur heeft mij in mijn jeugd geleerd niet mijn gevoelens te uiten.' De overwinnaars in de strijd, nu aan de macht, vermijden het ook over de wreedheden te praten. Ondertussen zijn er wel degelijk klachten, hoort Tankink, en mensen lijden onder ingehouden verdriet en woede.

Aan het einde van haar artikel last Tankink een onheilspellende passage in over de politieke betekenis van pijn. Pijn als macht. Een macht die vooral ligt bij degenen die de pijn toebrengen, maar in later en beter tijden ook de slachtoffers ten deel kan vallen. Te denken valt aan berechting, of aan een waarheidscommissie zoals in Zuid-Afrika. Maar de schrijfster concludeert dat de Oegandese maatschappij in zijn versplinterde staat niet bij machte is te praten, of de verschrikkingen op een andere manier te verbeelden en de baas te worden. Het doet enigszins vreemd aan de antropologe aan het slot van haar stuk te horen zeggen dat al die pijn die ze heeft gezien, dat Post Traumatisch Stress Syndroom (PTSS) zoals het in de geneeskunde heet, misschien maar westerse verbeelding is. Misschien lossen andere mensen hun trauma's wel op door hun aandacht naar buiten te richten, door hard te sappelen zoals de Oegandezen dat nu doen. Misschien is die hele PTSS met zijn nadruk op de individuele pijn, wel westers vooroordeel. Die geconditioneerde reflex van de antropoloog - het krampachtig in bescherming nemen van zijn informanten tegen verdenkingen van derden - manifesteert zich ook onder de reacties op het artikel.

Therapeutisch optreden als grote schoonmaak

In Toegang tot de PSYCHOTHERAPIE, een periodieke verzameling van vertaalde buitenlandse artikelen over het vak, is een lange uiteenzetting te vinden over dat omstreden syndroom: 'Een cognitief model van posttraumatische stress-stoornis.' De Engelse auteurs Anke Ehlers en David Clarke slagen er niet goed in om de schematische voorstelling van de aandoening, het model dus, over het voetlicht te brengen, maar des te beter om de verschijnselen in kaart te brengen van iemand die zich niet of slecht over een ramp in zijn leven heen kan zetten. Typisch voor de stoornis is het gevoel van dreiging dat ook lang na de traumatische gebeurtenissen blijft hangen. 'Wij gaan er vanuit dat individuen met chronische PTTS, in tegenstelling tot individuen die spontaan herstellen, niet in staat zijn het trauma te zien als een tijdgebonden gebeurtenis zonder vreselijke gevolgen voor hun toekomst.' Volgt een uitgebreide opsomming van de gevoelens van gevaar, schuld, onbekwaamheid, noodlottigheid, verdoving en waanzin die mensen kunnen achtervolgen na auto-ongelukken en geweldsmisdrijven. In die opsomming is vermijden over het ongeluk te denken of te spreken maar één van de gebrekkige manieren om zich tegen de dreiging te verdedigen. De patiënten slagen er niet in om het gebeurde een 'plaats in hun leven te geven', en de herinneringen blijven hun bestormen. Therapeutisch optreden heeft dan ook iets van een grote schoonmaak: 'De therapeut kan de traumaherinneringen vergelijken met een kast waar veel dingen snel en slordig zijn ingegooid zodat het onmogelijk is de deur helemaal dicht te doen, en er dingen op onverwachte momenten uitvallen. Wanneer we de kast willen ordenen, moeten we elk ding afzonderlijk bekijken en het op zijn plaats zetten. Wanneer dat eenmaal gebeurd is, kan de deur worden gesloten en dicht blijven.'

Deze huishoudelijke voorstelling van zaken is een beetje misplaatst als het om massa- of zelfs volkerenmoord gaat, zoals in het Oegandese geval. Bovendien ontbreekt in het geruststellend verhaal van de Ehlers en Clarke de factor van medeplichtigheid onder de slachtoffers die Tankink aanwijst. Men voelt zich niet alleen schuldig in de Luwero-Driehoek, men ¡s het. Twee Nederlandse psychiaters die met ernstig getraumatiseerde oorlogsslachtoffers werken, Janie van Dijk en Bas Schreuder, doen in het Tijdschrift voor psychotherapie verslag van een vergelijkbare behandelingswijze met goede resultaten. In 'De getuigenis als therapie' leggen ze uit hoe Chileense therapeuten begonnen zijn met de slachtoffers van Pinochet hun verhaal te laten doen. Die methode van 'getuigenis afleggen' is inmiddels ook elders ingeburgerd. Het speurwerk van de patiënt en de therapeut naar de precieze toedracht van het geweld en de martelingen heeft op zichzelf al een zuiverend effect, en soms kan een gezamenlijk opgesteld protocol ook een rol in verder politiek of juridisch onderzoek spelen. De acute dreiging die tijdenlang gevoeld werd, blijkt bij zorgvuldige uiteenrafeling geneutraliseerd te kunnen worden. Er is één maar: 'De getuigenistherapie lijkt vooral zinvol voor mensen voor wie de politieke of maatschappelijke context van het geweld waaraan ze hebben blootgestaan helder is.' Tan-kinks reserve tegenover het PTSS is niet geheel ten onrechte. 'The rest is silence', zegt de stervende Hamlet tussen de lijken op het toneel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden