Boekrecensie

Kampioen van het treiterproza: Michel Houellebecq

Michel Houellebecq, pseudoniem voor Michel Thomas. Hij nam als auteur de naam van zijn grootmoeder aan, die hem heeft opgevoed.Beeld Werry Crone

Het failliet van de westerse samenleving gesymboliseerd in de lotgevallen van een depressieve ingenieur.

Vulgair, nihilistisch, pornografisch, seksistisch, vrouwonvriendelijk, homofoob, cynisch, populistisch, provocatief, conservatief, zwartgallig, fatalistisch, sleets, misantropisch, onuitstaanbaar …

Inderdaad.

Maar ook: grappig, origineel, ontroerend, fascinerend, verrassend, herkenbaar, maatschappijkritisch, stijlvol, virtuoos, confronterend, gelaagd, openhartig, schrijnend, poëtisch en troostend.

‘Serotonine’, de zevende roman van Michel Houellebecq, laat gegarandeerd niemand onberoerd. Daar zorgt de überfoute hoofdpersoon wel voor. De 46-jarige landbouwkundig ingenieur Florent-Claude Labrouste, het alter ego van de schrijver, kijkt het liefst de hele dag naar sport op tv. Hij rijdt 160 kilometer per uur in zijn fourwheeldrive en saboteert de rookmelders op zijn hotelkamer om stiekem te kunnen paffen. Groenafval gooit hij in de glasbak, homo’s noemt hij ‘flikker’ en vrouwen ziet hij in de eerste plaats als hoer.

Wanhoop op een acceptabel niveau

Dat zo’n onhebbelijk sujet toch sympathie wekt, is te danken aan zijn invoelbare Weltschmerz en zijn ironische kijk op de wereld. Labrouste kampt met een fikse depressie. Moe van het leven blikt hij terug op zijn relaties en zijn carrière. Ooit vloog hij vol jeugdig elan uit de startblokken, maar inmiddels moet hij concluderen dat alles is mislukt. Zelfs het beetje geluk in de liefde is hem ontglipt. Dankzij antidepressiva blijft hij overeind, strompelend op weg naar het einde. Ondertussen zoekt hij voormalige geliefden en een oude vriend op, die er al minstens zo beroerd aan toe zijn als hij. Het hoogst haalbare in het leven, in íéders leven, treurt hij, is dat je ‘de wanhoop op een acceptabel niveau houdt’.

De roman gaat in de eerste plaats over de liefde. Of beter: over het onvermogen om die liefde vast te houden. En over de ontstellende eenzaamheid die daaruit voortvloeit. Het isolement als plaag van dit geïndividualiseerde tijdvak is bij Houellebecq altijd een belangrijk thema geweest. Serotonine (de stof in het brein die bij mensen met een depressie verstoord is) leest als een tragedie waarin de hoofdpersoon steeds verder afgezonderd raakt. Zijn lot, gepresenteerd als een relaas over het failliet van de westerse samenleving, heeft net als de klassieke tragedie een louterend, troostend effect op de lezer.

In zijn cultuurpessimisme doet Houellebecq geregeld denken aan zijn romantische zielsverwant, collega-alcoholist en mede-erotomaan Gerard Reve. Reviaans is ook de ironische toon van het boek, die maakt dat je als lezer continu op je hoede bent. Meent de auteur wat hij schrijft, of bedoelt hij het omgekeerde?

Hersenspinsels

Neem dit filosofische betoogje van Labrouste: bij de vrouw begint de liefde als een emotionele ‘natuurkracht’, als een scheppend ‘levensinstinct’, en bij de man als geilheid. Zo’n generalisatie valt nog best te verdedigen. Maar de hoofdpersoon bouwt zijn idee gaandeweg steeds idioter uit. Zo begint hij zijn jonge Japanse vriendin Yuzu in gedachten te prijzen om haar seksuele paraatheid: ze stelt hem 24/7 alle drie haar ‘gaten’ (vagina, anus en mond) ter beschikking. “Hoeveel vrouwen kunnen haar dat nazeggen?”, vraagt hij zich af. “Maar tegelijk, hoe kun je de vrouwen die haar dat niet kunnen nazeggen nog als vrouwen zien?” Na zo’n komische ontsporing ben je geneigd om álle hersenspinsels van Labrouste als spotternij te zien. En dat is maar beter ook, want de al te letterlijke lezer werpt dit boek het raam uit.

Beeld Hollandse Hoogte / Polaris Images

Liefde en seks, Houellebecq verwart ze graag op sardonische wijze met elkaar. Net als in eerder werk zoekt hij daarbij de extremen op. Ditmaal staat hij onder meer stil bij pedofilie en bij bestialiteit met een dobermann en een bullterriër. Maar bovenal getuigt zijn hoofdpersoon van een obsessie met fellatio, waarbij zijn Japanse vriendin glorieert in een sterrenrol. In hoeverre de 63-jarige Houellebecq hier put uit zijn eigen leven, preciezer gezegd uit zijn derde huwelijk dat hij vorig jaar sloot met een twintig jaar jongere Chinese, blijft gissen.

Tussen de ranzigheid door bevat de roman ook flink wat economisch getinte maatschappijkritiek. Bij een bevriende veehouder ziet Labrouste de funeste gevolgen van het Europese landbouwbeleid. De gedwongen schaalvergroting en de mondialisering drijven tal van kleine agrariërs tot zelfmoord. Met gevoel voor drama schetst Houellebecq hoe boeren massaal in opstand komen en de straat op gaan. In diverse media is hij daarom afgeschilderd als een visionair die de beweging van de ‘gele hesjes’ zou hebben voorzien. Waarschijnlijker is dat hij zich heeft laten inspireren door de boerenprotesten die Frankrijk in 2015 troffen.

Ultraplat

Met het boerenleed zijn de onderwerpen van het boek nog lang niet uitgeput. Ook het verval van de adel komt aan bod, evenals het massatoerisme, het amateurgehalte van de ambtenarij en ga zo maar door. De roman valt misschien nog het beste te karakteriseren als een caleidoscopisch venster op de huidige maatschappij.

Ook stilistisch is het boek hybride. Houellebecq schakelt voortdurend tussen de meest uiteenlopende registers. Op filosofische passages volgen ultraplatte scènes, die weer worden afgewisseld door quasiwetenschappelijke verhandelingen of door alinea’s die zo uit een reisgids lijken te komen. Chronologie is ondertussen ver te zoeken. Al mijmerend springt de hoofdpersoon heen en weer tussen herinneringen aan verschillende geliefdes. Op den duur raakt hij ook zelf de draad kwijt. Hoe heette die derde vriendin ook alweer, vraagt hij zich af, die anorexiapatiënte … Nou ja, vervolgt hij pesterig, als lezers het per se willen weten, bladeren ze maar even terug.

Over pesterig gesproken: het boek telt vele scheldtirades. Wie het daarin opvallend vaak moeten ontgelden, zijn wij Nederlanders, met onze stompzinnige fietsen, handelsmentaliteit en euthanasiecultuur. Gelukkig krijgen ook de Belgen ervan langs, evenals de Duitsers, de Britten, de Japanners, de Fransen en ja, wie eigenlijk niet? 

Houellebecq toont zich de kampioen van het kankerproza. Zijn grappen en grollen vormen op zichzelf nog geen goede roman. Maar juist door de herhaalde kortsluiting met zijn existentiële twijfel ontstaat gelaagde literatuur die je nog lang bijblijft.

Michel Houellebecq (Vert. Martin de Haan)
Serotonine
303 blz. € 22,50Arbeiderspers

Oordeel: blinkt uit in pesterigheid en spotternij, maar is ook louterend en troostend

In ons dossier boekrecensies vindt u een overzicht van de besprekingen van pas verschenen fictie, non-fictie, jeugdliteratuur en thrillers.

Lees ook:

Houellebecq schrijft waar het broeit: we voelen ons verraden door de elite

Columnist Abdelkader Benali las het nieuwe boek van Houellebecq. “Geen schrijver die de dolgedraaide, ontwortelde westerse mens zo goed op de pijnbank weet te leggen als deze Fransman.” 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden