Opinie

Kaatsend tussen harmonie en verlies: dit is Janssens danstaal

Sander Hiskemuller

‘Parels’ van Conny Janssen Danst. Tournee t/m 2/2. www.connyjanssendanst.nl

De selectie van de stukken voor de jubileumvoorstelling ‘Parels’ was nog nét door Conny Janssen zelf gemaakt, de studiorepetities waren amper begonnen. Vijf weken voor de première belandde de choreografe met een ernstige bacteriële infectie in het ziekenhuis. Thomas Rupert, die zou tekenen voor het algehele toneelbeeld, fungeerde als artistiek doorgeefluik, assistenten Ronald Wintjens en Stefan Ernst werkten met de dansers verder in de studio.

Met ‘Parels’ wilde de choreografe reflecteren op vijftien jaar Conny Janssen Danst en een nieuw licht laten schijnen op de ‘parels’ uit haar oeuvre.

Met Rupert, Wintjens en Enst als artistieke ogen en oren is ‘Parels’ niet alleen toch een fraaie doorsnede van Janssens werk geworden, het is nu vooral een ode aan de choreografe zelf. “Geen groter jubileumcadeau dan te zien dat het ‘Huis Conny Janssen’ ook zonder mij is blijven staan”, aldus de choreografe. En inderdaad: ‘Parels’ stáát als een huis.

Emotioneel en intuïtief - menselijke relaties vormen het hart van Janssens dans. Janssens duetten ademen het verlangen naar geborgenheid en intimiteit. Dat zien we in ‘Two’ waarin drie duetten uit verschillende werken in de periode 2004-2007 zijn samengebracht, door Eric Vloeimans en Jeroen van Vliet muzikaal aan elkaar verbonden. Kaatsend tussen harmonie en verlies, aantrekken en afstoten, is dit Janssens danstaal op z’n best: langgerekte, soepele beweging die met grillige impulsen vloeiend samenkomt. Als danser Dario Tortorelli zijn partner Nao Tokuhashi als een koffertje aan één hand over het podium verplaatst, ligt achter deze ene handeling een hele liefde verscholen.

In Janssens groepswerken wordt het individu steevast afgezet tegen de groep en onmacht, agressie en slachtofferschap zetten de licht dreigende toon.

In het geselecteerde ‘Rebound’ (2005) moeten vijf mannen in een met witte blokken afgemeten testosteronpoel hun hoofd boven water houden. Via een verborgen trampoline zoeken zij tegen de wanden dekking om zich vanaf de bovenrand weer in het strijdgewoel te werpen. Janssen portretteert de man in zowel zijn kracht als gevoeligheid: iedereen is net zo goed winnaar als verliezer.

Met die gedachte bewijst Janssen dat haar werk nooit van hoop is gespeend, compassie houdt de dansers in het gareel. Daardoor is het zelden écht confronterend hard of dwingend in your face. Een intelligent choreografisch concept (dat ook in licht, decor en muziekkeuze, of gekozen locatie tot uitdrukking komt) resulteert in mooie, genietbare choreografieën - doorgaans tevens punt van kritiek.

‘Sorrowful Songs’, ingedikt uit het groepswerk ‘Oktober’ (1999), grijpt wél strak bij de strot. In dit staaltje herfstige weemoed op Górecki’s tot bezinning dwingende treurmuziek, volgt een scherpe belichting het ensemble op weg naar iets wat zich nooit aan zal dienen. Het beeld van de rennende danser die niet vooruit komt, staat op het netvlies gebrand. Dit werk toont Janssen in optima forma: een vakvrouw met gevoel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden