null Beeld

Tv-columnRenate van der Bas

Juul Franssen liet ons alle hoeken van haar binnenste zien

Renate van der Bas

Het duurde even voor ik in de gaten kreeg dat het nergens op sloeg. Collega Maaike Bos rende paniekerig rond haar vakantiehuisje. “Waar is de gids!?” Ik wist het en wees ernaar. Maar hoe ik ook zwaaide, Maaike zag me niet. Ze was te ver weg.

En zo word je dan in arren moede maar wakker om vijf uur in de ochtend. Om vervolgens de slaap nooit meer te kunnen vatten.

Maar dat is deze dagen niet erg: telefoon aanzetten en liggend in de ­kussens kijken naar de sporters in het verre Tokio, waar de dag dan al uren op streek is. En waar al die jonge mensen verstrikt zitten in hun eigen ingewikkelde droom: onder moeilijke omstandigheden er toch mooie Spelen van maken. Voor zichzelf en voor ons allemaal.

Ik val in het judo, en zie Juul Franssen op weg naar wat uiteindelijk een strijd om het brons wordt. Al dat aftasten. Het katachtige geloer naar een kans om de ander in de kraag te vatten. Zo geconcentreerd en explosief bezig zijn, wat een kracht moet dat kosten. En wat wordt de vloer vaak geveegd, door menselijke Zamboni’s, die een vreemde desinfecteerwedstrijd spelen met covid. Daarna grijpen de judoka’s elkaar in innige omstrengelingen, verdwijnen handen, hoofden, benen in een kluwen van ledematen. Eitje voor een aerosol om over te springen.

Ik denk tijdens de dweil aan hoe ik als jong kippie ook judode. En aan mijn grote kleinemeisjesverliefdheid op Do Boersma, onze leraar. Soms zei hij aan het einde van de les: “Probeer me maar tegen de vloer te krijgen.” Klommen we met vijftien kinderen tegelijk in hem. Zonder effect. Do stond en bleef staan. Smeet ons een voor een van zich af.

Die onverzettelijke boom

Juul Franssen wint van de Australische en ik merk dat ik weer kan slapen. Hopelijk dromend van die onverzettelijke boom in de sportzaal.

In de loop van de ochtend pik ik het traject van Franssen weer op, die uiteindelijk kans heeft op brons, tegen een Italiaanse. Het verbaast me dat ik zo nerveus ben, net als oud-Olympiër Anicka van Emden in de studio bij Tom Egbers.

Ach, Franssen verliest. Ze krijgt de beweeglijke Italiaanse er niet onder, die er in mijn ondeskundige ogen een slim showtje van maakte. Achteraf doet het er niet meer toe. Egbers informeert bij Van Emden hoe dit verlies er in zal hakken bij de Limburgse. “Daar gaat Juul heel ziek van worden, en immens verdrietig.”

We krijgen dat meteen in beeld. Franssen wordt naast de judomat bevraagd door NOS’er van dienst Kees Jongkind en eerst vind ik zijn vragen vreselijk direct, zo vlak na de deceptie. “Was dit de kans van je leven?” “Waarom is het niet gelukt?”

Maar het gesprek lijkt te werken als een therapeutische sessie, die Franssen de kans geeft een nieuw perspectief te zoeken, terwijl de tranen over haar wangen stromen. Ja, de dreun is keihard, maar er komt nog een teamwedstrijd aan. En sport is niet het allerbelangrijkste. Haar vader is ziek. En ze weet dat ze al heel trots mag zijn op haar vijfde plaats. Maar wat was de medaille dichtbij. En misschien de laatste grote kans om ‘te laten zien wie Juul Franssen was’.

“Hartverscheurend”, zei Tom Egbers.

Van Emden wreef de tranen uit haar ogen. Hier idem. Wat liet Franssen ons alle hoeken van haar binnenste zien.

Zaterdag kijken naar de teamwedstrijd, wie weet, valt er dan toch nog een plak op haar plek.

Vijf keer per week schrijven Renate van der Bas en Maaike Bos columns over televisie.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden