Review

Joop Zwarts eeuw

Het leven van Joop Zwart was een draaikolk van wel- en niet-bestaande complotten, verdachte contacten met veel te 'rechtse' en veel te 'linkse' mensen, tot mislukken gedoemde zwarte handeltjes en tot afsterven gedoemde blaadjes. En dan eindigde hij ook nog als een soort persoonlijke adviseur van de weduwe Rost van Tonningen, de langstlevende fascist van Nederland. Hij probeerde haar er wel van te overtuigen dat de moord op de joden werkelijk had plaatsgevonden, dat wel.

Wera de Lange

Eén feit torent boven die bizarre wirwar uit: als gevangene in het nazi-kamp Sachsenhausen redde Zwart vele tientallen mensen het leven, zoals prof. dr.L.de Jong heeft geboekstaafd. Zwart deed dat door de kampleiding met 'virtuoze brutaliteit' (meldt een kampmaat) te bedonderen, met bluf, met het verwisselen van namen en papieren en het lichten van dossiers.

Zwart redde zonder aanzien des persoons, hij redde gewezen kameraden uit de communistische beweging, maar ook de sociaal-democraat Vorrink en de liberale haut bourgeois Telders. Het was his finest hour, dat hem bij alle gezindten vrienden zou opleveren die voor hem door het vuur zouden willen.

De journalist Igor Cornelissen (decennialang van Vrij Nederland) beschrijft dit leven, dat zich vreemd om dit magistrale feit kronkelt, met verbazing, eigenlijk met liefde, en met een groot oog voor details. Joop Zwart, bezeten van politiek, maar ook een milde charmeur, chic in het verkeer met vrouwen, vol krankzinnige anekdotes maar ook vol pijnplekken op zijn ziel, moet precies het soort man zijn geweest over wie Cornelissen alles wil weten.

Joop Zwart werd in 1912 geboren als zoon van een anarchistische sigarenmaker. Hij kwam heel jong bij de communisten terecht en deed het zo goed in de jeugdbeweging dat hij al op zeventienjarige leeftijd, in 1930, naar de partijschool in Moskou mocht. De oorlog van Stalin tegen de boeren in Rusland was net op gang gekomen. Behalve de cynische grappen van top-communist Karl Radek, een paar jaar later met zijn hele generatie bolsjewieken door Stalin vermoord, zag en hoorde Zwart veel waar hij van walgde. Hij kwam terug als anticommunist, brak - zo jong als hij was - op eigen kracht met 'de partij' en rommelde wat rond in andere socialistische clubs.

Hij was toen al een 'pestkop', zei hij zelf tegen Cornelissen, iemand die ervan hield heftige ruzies te provoceren en dat was in dit milieu niet moeilijk. Het langst bleef hij hangen in het partijtje van Henk Sneevliet, waar zijn grote liefde, Bep Spanjer, lid van was. Hij bleef er hangen omd t zij er lid van was, maar toen ze 'nee' bleef zeggen, vertrok hij nukkig naar Spanje om voor de Republiek te vechten.

Na Sachsenhausen werd Zwart een ernstig geval van illegalitis, hij voelde zich nog meer dan daarvoor boven regels en normen verheven. Officieel was hij als deskundige ingeschakeld op de Nederlandse legatie in het verwoeste Berlijn om gegevens te verzamelen over Nederlandse vermisten. Dat werk deed hij uitstekend, maar hij deed er erg veel n st, handelen, deviezen smokkelen in dienst van de Nederlandse overheid, het verzet stimuleren tegen de communisten in de oost-zone. Hij hield zich aan geen enkele regel en maakte ook daar vrienden en vijanden voor het leven.

Voorgoed was Zwart verslaafd aan geheimzinnigheid en 'pestkopperij': in 1959 nam hij het op voor de overtuigd nazi gebleven Oberlünder, minister in West-Duitsland. Daarna scharrelde hij wat (tegen of vóór? in ieder geval:) met een groepje ultra-linkse trotskisten, die vals geld drukten voor Algerijnse opstandelingen. Ruzie en gedoe was er toen hij bij het rechtse weekblad Accent ging werken en er weer vertrok.

Het is jammer en slecht te begrijpen dat de inlichtingendienst AIVD (voorheen BVD) Cornelissen geen inzage heeft willen geven in het dossier over Joop Zwart. Dat had een boel vraagtekens gescheeld in het naoorlogse deel van dit boek, waar het de lezer wel eens duizelt van de onopgeloste zaakjes. Zwart is bij de BVD zowel voorwerp van onderzoek als informant zijn geweest.

Cornelissen zoekt door al die zaakjes heen een rode draad in Zwarts eenzaam geëindigde leven, het leven van een onbegrijpelijke avonturier, die altijd alles deed om zichzelf bij iedereen verdacht te maken. Was het de vroege dood van zijn moeder? Was het de nooit verwerkte breuk met de communistische droom? Zo rechts als hij was, kon hij tot zijn dood gloedvol over het denken van Lenin praten. Het is een gek en onrustbarend idee, dat een vat met tegenstrijdigheden zó vol kan zitten.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden